Een domper ter waarde van 250.000.000.000

Wie lijdt de recordverliezen op de Amsterdamse effectenbeurs? In het derde kwartaal verdween 250 miljard gulden koerswinst. Een domper op de consumptieve bestedingen. Even slikken voor de renteniers.

ROTTERDAM, 10 OKT. Als het op verliezen aankomt, zijn de financiële markten het toppunt van rechtvaardigheid. Geen aandelenbelegger kan zich eraan onttrekken. En in guldens uitgedrukt verliezen de grootste beleggers het meest.

Bijna achteloos vertelde directeur beleggingen R. Munsters van pensioenfonds PGGM (80 miljard gulden beleggingen, waarvan ruim de helft in aandelen) twee weken geleden op een bijeenkomst over maatschappelijk beleggen dat het fonds door de crisis op de aandelenmarkten zo'n tien miljard gulden heeft verloren.

Het derde kwartaal was het op een na slechtste uit de Nederlandse beurshisorie, zo heeft het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) becijferd, met een koersval van bijna 22 procent. Alleen het vierde kwartaal van 1987, met de Great Crash van 19 oktober, was in percentages gemeten erger.

Beleggers in Nederlandse aandelen verloren de afgelopen drie maanden bij elkaar 250 miljard gulden koerswinsten. In guldens gemeten is dat wel een absoluut record.

Wie lijdt de pijn? 'Hard' cijfermateriaal ontbreekt over de identiteit van de verliezers, maar de indicaties van onder meer AEX Effectenbeurs zijn helder. Buitenlandse professionele beleggers bezitten ruim 40 procent van de Nederlandse aandelen (Koninklijke Shell voorop). Zij hebben zo'n 100 miljard vermogen zien verdampen.

Direct en indirect is de vrijwel complete Nederlandse bevolking de klos, al zullen de meesten er niets van merken. Ruim een derde van de Nederlandse beurs is in handen van particuliere beleggers (2 miljoen huishoudens, volgens marktonderzoeker NIPO), terwijl pensioenfondsen, verzekeraars en beleggingsfondsen samen bijna ook een kwart bezitten.

Directe verliespost voor de particulier: ruim 80 miljard gulden. Dat werkt weer door in de 'echte' economie. Het Centraal Planbureau houdt in zijn meest recente prognoses rekening met een terugslag voor de consumptie na twee jaar met 0,25 à 0,5 procent als zich een mondiale koersval van 20 procent voordoet.

Ook particulieren die niet zelf beleggen, hebben belangen op de effectenbeurs. De professionele geldbeheerders, zoals pensioenfondsen en verzekeraars, delen in de malaise. Pensioenfondsen beheren de oudedagsvoorziening voor zo'n 6 miljoen Nederlanders. De verzekeraars beheren geld voor eigen rekening (lees: voor hun aandeelhouders) en voor rekening van hun polishouders.

Deze professionals hebben niet alleen onder de Nederlandse, maar onder de mondiale koersval te lijden. Zij hebben het vermogen van 'Nederland renteniersland' onder hun hoede. Pensioenfondsen en verzekeraars hebben samen 420 miljard gulden in aandelen belegd, dat is 37 procent van de 1,1 miljard die zij beheren. Van hun bezit is 30 procent buiten Nederland belegd.

Met bijna tien miljard (papieren) verlies is PGGM nog niet eens koploper. Dat is een nek-aan-nek race tussen ING, die via de aandelenportefeuille van de verzekeringsdochters een superbelegger is, en ABP, het grootste Nederlandse pensioenfonds. ABP meldt geen tussentijdse cijfers, ING is genoteerd aan de effectenbeurs en komt (26 november) wel met resultaten over het derde kwartaal. Het verlies van naar schatting 12 miljard gulden in het derde kwartaal, zal zonder moeite in het vermogen van het concern worden weggewerkt.

De koersval op de mondiale aandelenmarkten zal -als de situatie de rest van het jaar zo blijft- een einde maken aan de toprendementen van de Nederlandse pensioenfondsen van de afgelopen jaren. Op hun aandelenbeleggingen maken zij een mager rendement, de (nog altijd grotere) beleggingen in effecten met een vaste rente leveren wel een aantrekkelijke winst op. Deze effecten zijn door de financiële crisis en de vlucht naar veiligheid van beleggers sterk in prijs gestegen.

Door hun hoge rendementen kon menig pensioenfonds uitgroeien tot een profijtelijke 'dochter'. Steeds meer bedrijven hebben (100 procent) korting op hun pensioenpremies, enkele (Unilever, Philips, Ahold) krijgen zelfs overtollig kapitaal terug van hun pensioenfonds. Nu de rendementen terugvallen naar ouderwetse omvang verdwijnt deze stimulans voor bedrijfswinsten.