Wees voorzichtig met woorden; Gail Tsukiyama over Droomnachten

“Ik heb nooit over het heden willen schrijven,” zegt de Chinees-Japans-Ameri- kaanse schrijfster Gail Tsukiyama; “het verleden vond ik spannender, romantischer.” Na twee historische romans schreef ze 'Droomnachten', een opvallende familiekroniek over Chinezen in San Francisco tussen 1950 en 1965. Gail Tsukiyama: Droomnachten. Uit het Engels vertaald door Paul van der Lecq. Atlas, 288 blz. ƒ 39,90

Tarwe, sesam, gerst, bonen, rijst. Tarwe, sesam, gerst, bonen, rijst, zingt Emma wanneer ze misselijk en alleen op haar brits aan boord van de President Coolidge ligt, op weg van Hong Kong naar Amerika, naar San Francisco. Ze voelt de trillingen van de motoren van het schip. Tarwe, sesam, gerst, bonen, rijst. De vijf grote granen van de Chinese keuken geven haar troost, bezweren haar angst voor het onbekende. Het is 1950. En Emma Lew is negentien jaar.

“Ze bedenkt het liedje zelf. Emma probeert iets vast te houden van wat ze achterlaat. Haar familie, haar zus Joan. Eten is zo belangrijk in de Chinese cultuur. Chinezen zijn niet zo knuffelig met kinderen. Het is meer: eet, eet. Hun liefde zit in het voedsel.” Telkens wanneer een van de personages uit haar roman Droomnachten ter sprake komt, veert Gail Tsukiyama (41) op, beginnen haar ogen te glinsteren en praat ze met een passie alsof ze het over haar familie of goede vrienden heeft. “In Droomnachten heb ik veel verhalen van mijn familie verwerkt, meer dan in mijn eerste boeken. Het verhaal nadert ook het meest de tegenwoordige tijd, al stopt het in 1965,” zegt ze. Voordat ze aan Droomnachten begon, schreef Tsukiyama, die in San Francisco opgroeide als dochter van een Chinese moeder en een Japanse vader en eerder film en poëzie studeerde, twee historische romans. Women of the Silk (niet in het Nederlands vertaald) over een gesloten gemeenschap van vrouwen in een zijdefabriek in het China van de jaren twintig en De Tuin van de Samoerai, het verhaal van een ziekelijke Chinese jongen uit Hong Kong die naar een badplaats in Japan gaat om aan te sterken, ten tijde van de Japanse bezetting van China.

Droomnachten is meer een familiekroniek dan een roman. Het verhaal begint in 1940 wanneer de zusjes Emma en Joan Lew, dochters van een zakenman uit Hong Kong en dienst echtgenote Kum Ling, negen en veertien jaar zijn. De oorlog komt steeds dichterbij en dwingt de familie naar Macau te vluchten, al blijft Ba Ba in Hong Kong om de familiebezittingen te beschermen. Na terugkomst in Hong Kong, aan het einde van de oorlog, proberen de zusjes Lew ieder hun eigen weg te vinden. Emma gaat naar San Francisco om kunst te studeren en Joan wordt filmster in Hong Kong.

Tsukiyama beschrijft de lotgevallen van de familie Lew als een film. Haar zintuiglijke taalgebruik sleept de lezer het verhaal in, terug in de tijd, naar het hete plakkerige Hong Kong waar Mah-mee de middagen doorbrengt met mah-jong spelen met haar societyvriendinnen en tevergeefs op zoek is naar geschikte echtgenoten voor haar dochters. En wanneer Emma in San Francisco haar dochtertje Emily verhalen vertelt over de familie aan de andere kant van de oceaan, laat Tsukiyama de lezer het onderhuidse verlangen wat in die verhalen schuil gaat voelen, zonder het te benoemen.

“Isolement is een thema dat me mateloos fascineert,” zegt Tsukiyama. “Het speelt in al mijn verhalen een rol. Hoe mensen vanuit isolement hun eigen wereld creëren, de moed die daar voor nodig is. In Droomnachten zoeken Emma en Joan hun eigen weg en dat was zeker in die tijd heel moeilijk. Ze isoleren zich van hun cultuur en proberen een nieuwe identiteit te vinden, los van wat sociaal acceptabel is. Ze hebben natuurlijk steun aan hun onconventionele tante Go, die een eigen brei-fabriek heeft.”

Tsukiyama bracht haar jeugd door in Berkeley, een voorstad van San Francisco. “Dat is heel anders dan in Chinatown, waar een schrijfster als Amy Tan vandaan komt en waar de opvoeding van meisjes veel strikter is. Mijn moeder kwam naar Amerika om te studeren. Kunst, net als Emma. Zij ontsnapte aan haar milieu, wat lijkt op het milieu wat ik in Droomnachten beschrijf. Mijn oma was zo'n mooie 'tai-tai vrouw' die iedere dag lang lunchte met vriendinnen. In de jaren zeventig kwam ze naar Amerika en als kind hoorde ik mijn moeder en haar verhalen vertellen over Hong Kong en de familie daar. Zo heb ik Cantonees geleerd. Ik heb nooit over het heden willen schrijven. Het verleden vond ik spannender, romantischer en het gaf me een achtergrond voor mijn verhalen. Bovendien past het ook niet zo in de Chinese cultuur om over nu te schrijven: toch bang om iemand in verlegenheid te brengen of te kwetsen. Be careful with words.”

De Japanse cultuur heeft ze niet van haar vader meegekregen, zegt Tsukiyama. Hij werd geboren op Hawaï en was een echte surfer. Een stille man. Haar ouders scheidden toen ze zestien was. “Ik heb nooit verwarring gevoeld over mijn Chinees-Japans-Amerikaanse achtergrond. Berkeley is een smeltkroes. Iedereen weet daar hoe je met stokjes moet eten.”

Droomnachten is verhalender, opener en Amerikaanser dan de eerste twee romans van Tsukiyama. Maar haar ingetogen poëtische stijl, die de lezer in staat stelt haar gecreëerde wereld te voelen, te ruiken en te proeven doet uitgesproken Oriëntaals aan. Gail Tsukiyama: “Ik denk dat ik Aziatischer ben dan ik vroeger dacht. Dat is wat mijn boeken me hebben gegeven. De moeder van tante Go zegt in Droomnachten tegen haar dochter dat je sommige woorden beter binnen kunt houden omdat ze andere mensen kunnen verwonden. Ze is een wijze Chinese vrouw die opgroeide in een drukke familie: de concubines van haar vader, de vele kinderen. Ze vindt rust in stilte. Ik hoorde vroeger ook al die Chinese spreuken en ik vond het heerlijk te bedenken wat ze konden betekenen. Out of the mouth, into the heart. Woorden kunnen mensen in hun hart raken. Ik denk dat ik onbewust die oude spreuken heb nageleefd en dat komt terug in mijn stijl: niet alles benoemen, dingen verborgen houden en aan de verbeelding van de lezer overlaten. Dat is trouwens ook heel Japans. Voor mij is schrijven een vorm van meditatie. De ultieme vorm van isolement, al voelt het niet zo. Het geeft me juist de mogelijkheid om buiten mijn lichaam te treden en in de huid van anderen te kruipen.”