Snoep van boletensoep; Paddestoelen zoeken 2

Op het ogenblik schieten de boleten uit de grond. Als je heel veel geduld zou hebben (wat bij de meeste mensen niet het geval is) dan zou je ze inderdaad kunnen zien groeien. Ze groeien zo snel, dat er zelfs een spreekwoord over bestaat: als een paddestoel uit de grond schieten.

Veel mensen zijn een beetje bang voor paddestoelen, waarschijnlijk omdat het schimmels zijn en omdat sommige soorten dodelijk giftig zijn. Maar vergeet niet dat schimmels ook mensenlevens kunnen redden: peniciline wordt van een schimmel gemaakt en peniciline is een medicijn waar je beter van wordt als je een infectie hebt.

Maar ik dwaal af, want we zouden het over boleten, de lekkerste eetbare paddestoelen hebben. Gisteravond heb ik een soep gemaakt van zelfgevonden en zelfgeplukte boleten. Dat was een zalig soepje, al zeg ik het zelf. Er zat eekhoorntjesbrood in en er zaten kastanjeboleten in. En verder nog wat uien en knoflook en kruiden (vooral majoraan is heel lekker in een boletensoep).

Boleten zijn paddestoelen met een tamelijk dikke steel en een bruine hoed, lichtbruin of donkerbruin. Ze kunnen heel groot worden, maar de kleinere, jongere exemplaren zijn lekkerder, omdat die grote meestal aangevreten zijn door maden of andere beestjes: wij zijn niet de enigen die boleten lekker vinden. Een van de betrouwbaarste kenmerken van de boleet zit onder de hoed, dus moet je hem omdraaien. Boleten hebben daar géén plaatjes, of lamellen (een soort luxaflex) zoals de champignon, maar buisjes, die lijken op een sponsje. Als die buisjes wit of geel zijn, dan is de kans groot dat je een ontzettend lekkere paddestoel hebt gevonden en kun je zelf zo'n boletensoepje maken.

Eekhoorntjesbrood en kastanjeboleten hebben allebei wit-gele buisjes onderaan de hoed. Maar er zijn ook verschillen tussen deze twee soorten, hoewel het allebei boleten zijn. Het eekhoorntjesbrood heeft een veel dikkere steel dan de kastanjeboleet en kan veel groter worden. (Ik heb exemplaren gezien waar een hele menigte kabouters onder kon schuilen, met een hoed van wel dertig centimeter breed.) De kastanjeboleet is meestal donkerder bruin en hij verkleurt knalblauw als je de steel of de buisjes aanraakt. Allemachtig, denk je misschien: een gifblauwe paddestoel! Maar hij is helemaal niet giftig. Bovendien verdwijnt die kleur na een poosje weer en is hij geel-bruin en heel smakelijk als je hem bakt.

Wie weet staat er thuis wel een veldgids over paddestoelen op de boekenplank. Bekijk in elk geval het plaatje bij deze rubriek goed en vraag een van je ouders of een vriend of vriendin die van paddestoelen houdt om mee te gaan wandelen en om vast te stellen welke paddestoel je voor je hebt.

Wat is er nou leuker dan een herfstwandeling als je bovendien de kans hebt om iets lekkers te plukken en daarmee een maaltijd te koken die ook nog (bijna) gratis is?

Volgende week meer over een andere eetbare paddestoel: de parasol-zwam.