Japanse minister gokt op stabilisatie yen

De Japanse regering lijkt een onverwoestbaar optimisme over de economische ontwikkeling te koesteren, ondanks de sterke waardestijging van de yen die de bedrijfswinsten en de export aantast.

TOKIO, 9 OKT. “De schommelingen zijn een tikje ruw en dat is voor iedereen erg vervelend.” Minister Kiichi Miyazawa (Financiën) hield vanmorgen het hoofd koel bij zijn reactie op de enorme stijging van de yen ten opzichte van de dollar gisteren. “De schommelingen zullen zich uiteindelijk wel stabiliseren”, aldus Miyazawa, want “de yen is sinds september vorig jaar gedaald en we zijn nu op een punt waar een correctie op die daling te verwachten is.”

Ondanks de berusting van de oude rot Miyazawa (78) over de stijging van de yen is men in Japan direkt weer gaan rekenen wat deze stijging voor de exportindustrie in petto heeft. De export verliest uiteindelijk concurrentiekracht. Het Daiwa Research Institute gaat er vanuit dat een versterking van de yen ten opzichte van de dollar met 5 yen resulteert in een daling van de winsten van het Japanse bedrijfsleven (uitgezonderd financiële sector) met 1,2 procentpunt. In de huidige recessie verwachtte Daiwa bij de recente koers van 145 yen per dollar al een daling van het bedrijfsresultaat met 14,7 procent. Bij 120 per dollar zal dat verder gaan tot een daling met ruim 20 procent.

Het zwaard van de yen-stijging snijdt echter aan twee kanten. Naast problemen voor de industrie is er natuurlijk het voordeel van goedkopere import. Maar het belangrijkste is wellicht dat de geplaagde Japanse banken op hun balansen plotseling de yen-waarde van hun buitenlandse activa zien dalen. Dit brengt met zich mee dat de verhouding tussen uitstaande leningen en eigen vermogen - dat minstens 8 procent van activa moet bedragen - verbetert terwijl de bankiers met de armen over elkaar kunnen toekijken.

In Japan ziet men de oorzaak van de waardedaling van de dollar vooral in de activiteiten van de grote internationale hedge-funds. De eigen economie is uiteindelijk de laatste tijd niet sterker geworden, eerder het tegendeel. Het Economisch Planbureau meldde vandaag in haar maandelijkse rapportage dat de toestand onveranderd “uitermate moeilijk” is, met inzakkende investeringen en dalende inkomens. Desondanks probeerde de Amerikaanse president Clinton gisteren een andere zienswijze uit. Een sterke yen kan “een goede zaak” zijn als het een reflectie is van vertrouwen in de Japanse aanpak van de economische crisis, aldus Clinton.

Brandpunt van de aandacht bij deze Japanse aanpak van de crisis ligt nog immer bij de steun aan de financiële sector, dat wil zeggen herkapitalisatie van de verzwakte banken zodat er een einde komt aan de kredietschaarste in het land, de burgers weer vertrouwen krijgen in de toekomst en hun geld uitgeven. Op dit punt is echter, anders dan Clinton wil doen laten geloven, nog steeds geen besluit genomen. Er is vorige week wel overeenstemming gekomen over minder belangrijke zaken. Maar regering en oppositie zijn, ondanks weken van overleg, geen stap nader tot elkaar gekomen over het gebruik van belastinggeld voor herkapitalisatie. De oppositie wil strenge voorwaarden, de regerende Liberaal Democratische Partij (LDP) wil soepelheid. De LDP heeft deze week zelfstandig een voorstel naar het parlement gestuurd en probeert nu steun te krijgen van kleinere oppositiepartijen. De LDP heeft uiteindelijk geen meerderheid in het Hogerhuis. Terzelfdertijd probeert de grootste oppositiepartij de eenheid binnen de oppositie te bewaren voor haar eigen wetsvoorstel. De lopende zitting van het parlement is inmiddels tot 16 oktober verlengd en voor die tijd wil men een resultaat op tafel hebben.