Anne Frank

Hoe boeiend de recensie van Hans Goedkoop van twee pas verschenen boeken over Anne Frank (Boeken, 18-09-1998) ook is, bij de laatste drie alinea's ben ik verbijsterd.

De heer Goedkoop stelt hier expliciet dat het zich bezighouden met Anne's boek en leven niets anders is dan 'een ritueel... een schoonwassing van een slecht geweten' want, zo stelt hij, door het lezen 'kan hij zich de ontdekking besparen dat hij alle slechte eigenschappen heeft die de daad vereist...' waarbij met 'de daad' de jodenvervolging wordt bedoeld. Dat deze stelling voor alle lezers opgaat is mijns inziens te absurd om haar zelfs te weerleggen.

Even verbijsterend is het om te lezen dat Anne feitelijk 'een kind' was 'dat helemaal nog weinig te verwoorden had'. Ik vraag mij af of de heer Goedkoop het dagboek recent overgelezen heeft. Het begint, inderdaad, met de ontboezemingen van een jong schoolmeisje, maar dan, en het is fascinerend het te lezen, ontwikkelt dat kleine meisje zich in een zeer snel tempo, stellig ook onder invloed van haar droevige omstandigheden, tot een diep nadenkende jonge vrouw die zichzelf, haar omgeving en de wereld analyserend, relativerend en zeer kritisch bekijkt, waarbij toch haar jonge idealisme intact blijft. Dit is des te meer fascinerend omdat deze ontwikkeling zich voltrok in een beklemmend isolement, zonder contact met leeftijdgenoten, zonder school, sport, buitenlucht zelfs, alleen met de zeven lotgenoten en de helpers. Juist daarom is het een wonder dat Anne's geest en ziel zich, zonder bevruchting van buitenaf, in deze haast verstikkende omgeving, zo konden ontwikkelen. Anne moet een heel bijzondere persoonlijkheid geweest zijn, en het is mijns inziens daarom dat haar dagboek blijft boeien; en als zij een symbool is dan toch niet van de jodenvervolging, maar van niet te knakken menselijke waarde en waardigheid.