Welfare State

In zijn verslag van het recente Labour-partijcongres (NRC Handelsblad, 30 september) vertaalt Hans Steketee het Engelse 'Welfare State' als 'welvaartsstaat'.

Over het woord welvaartsstaat wordt verschillend gedacht. Lexicograaf André Abeling keurt het af en noemt het in het Prisma Handwoordenboek Nederlands een 'foutieve benaming voor verzorgingsstaat'. Volgens Van Dale Handwoordenboek Hedendaags Nederlands is welvaartsstaat synoniem aan welvaartsmaatschappij, een 'maatschappij met een hoog welvaartspeil, wat zich uit in een sterk gestegen consumptie, collectieve voorzieningen en veel sociale zekerheden'.

Dit utopisch beeld stond Blair allerminst voor ogen toen hij zich verweerde tegen de beschuldigingen van de linker Labourvleugel dat hij zou willen tornen aan het stelsel van sociale zekerheid. In de Prentice Hall Guide to English Literature (een soort alfabetisch pak van Sjaalman dat behalve over literatuur ook veel informatie geeft over de Britse samenleving) staat onder het trefwoord Welfare State “het nationale systeem van sociale zekerheid ingevoerd door de Labour regering van 1945-50”. Het systeem omvat volgens het artikel kinderbijslag, uitkeringen bij werkloosheid of arbeidsongeschiktheid en ouderdomspensioenen. Ook een gedeeltelijk gratis medische zorg en voor ieder toegankelijk onderwijs vallen binnen het system. Van welvaart is geen sprake: het gaat uitsluitend om sociale zekerheid en gelijke kansen. Of een dergelijk systeem tot welvaart leidt is vers twee. 'Welfare State' kan dus maar beter worden vertaald als 'Verzorgingsstaat'.