Rob Scholte kreeg opdracht 'nationaal' schilderij Vrede van Münster; 'Joséphine Baker staat voor girl power'

Napoleon staat er op, net als Churchill, Gandhi, Einstein en Joséphine Baker. Voor het schilderij dat Rob Scholte maakte in opdracht van het comité Vrede van Münster plunderde hij zijn digitale beeld-archief. Maar, zegt hij, “dit historische doek leent zich niet voor grapjes”.

DELFT, 8 OKT. Met kniesprongetjes schuift hij op de grond razendsnel van de ene naar de andere hoek. “Ik ben net een aapje”, zegt hij zelf, maar dan wel een aapje met olympische behendigheid. De spielatten zijn in elkaar getimmerd, nu moet alleen het linnen nog worden gespannen. Het schilderij, dinsdag aangekomen uit Tenerife, wordt behoedzaam uitgerold en een machine ramt meteen de nieten het blankhouten spieraam in. De mitrailleur weet niet van ophouden, er ontstaat zelfs een nietjes-tekort, en, hoe gaat dat met mitrailleurs... ineens is het stil. “Klaar”, zegt Rob Scholte, die zich bijna onmerkbaar weer in zijn rolstoel heeft gehesen. Het doek is 'mooi' en 'bijzonder', vinden zijn de omstanders. De schilder glundert - alsof hij net geslaagd is voor zijn eerste proeve van bekwaamheid.

Ruim een jaar geleden kreeg Rob Scholte een soort 'nationale' opdracht om een schilderij te maken over de Vrede van Münster. Een initiatief van het desbetreffende nationale comité, waarbij het Praktijkburo in Amsterdam de kunstenaar aanbevool. Met die Vrede, 350 jaar geleden, kwam onder meer een eind aan de Tachtigjarige Oorlog, het expansieve Spanje moest door de knieën, en de onafhankelijke Verenigde Nederlanden mochten formeel deel uitmaken van het nieuw gestructureerde Europa. Vooral met tentoonstellingen, eerder in Delft, Utrecht, Den Haag en Rotterdam, vierde men dit jaar de ondertekening van het vredestraktaat. Op 24 oktober opent in het Westfälliches Landesmuseum in Münster nog een groots historisch overzicht, waarvoor Scholte's doek in bruikleen wordt gegeven.

“Dit schilderij moest helemaal niet over de Tachtigjarige Oorlog gaan, vond ik bij nader inzien. Het moest die gebeurtenis overstijgen. Ik wilde een Vrede verbeelden die actueel is en van alle tijden.” Rob Scholte (40) praat net zo snel als hij beweegt, hij rookt veel, lacht graag en meldt nog even dat zijn boek over de aanslag op zijn leven in 1994, over het postmodernisme en over de liefde bijna klaar is.

Graag zag het museum Het Prinsenhof in Delft, waar het doek (180 x 120 centimeter) vanaf eind januari voorgoed wordt ondergebracht, dat iets op het linnen aan Willem van Oranje zou herinneren, zoals de kogel in een van de Delftse museummuren de dodelijke aanslag op de prins tastbaar maakt. “Maar daar kwam ik niet uit. Ik kan niet even handig wat verwijzingen toevoegen”, aldus Scholte. “De Vrede van Münster betekende een nieuwe ordening van Europa, een belangrijk historisch feit. En door de komst van de euro staan we nu opnieuw voor zo'n ingrijpende ordening. Zie je op de voorgrond dat slot met dat beeldmerk van de Europese Gemeenschap? Europa dreigt op slot te gaan, een onneembare vesting te worden, waar mensen van andere continenten niet meer vrij in- en uit kunnen reizen. En zoals de Tachtigjarige Oorlog ook een strijd tussen de katholieken en protestanten was, tussen de Rekkelijken en de Preciezen, zo zal straks ook het 'rekkelijke' Nederland het met zijn gedoogbeleid niet gemakkelijk krijgen binnen Europa.”

Voor zijn omvangrijke wandschilderingen in het Holland Village in Nagasaki plunderde Scholte destijds effectief zijn inmiddels volledig gedigitaliseerde beeldarchief. Diezelfde 'collage-techniek' heeft hij opnieuw toegepast. Op zijn 'Vrede' is een in gifgroen schijnsel gedompeld slagveld te zien met 18de-eeuwse en 20ste-eeuwse soldatenlijken. Terzijde van een beteugelde tweespan maken prominente figuren uit de Europese en niet-Europese geschiedenis hun opwachting. Zij moeten oorlog en dood een halt toeroepen.

Gandhi, op de voorgrond, kreeg “als grootste vredestichter”, een medaille van de schilder. Einstein hoorde erbij “omdat hij zichzelf kon relativeren en niet schroomde verantwoordelijkheid op zich te nemen”. En dat zwarte naakt dan, rechts op de achtergrond? “Dat is Joséphine Baker. Vrouwen zijn eeuwenlang stelselmatig buiten de beslissingen over vrede of dood gehouden. Zij speelden in die strijd geen enkele rol. Daarom is Baker ook de enige vrouw op dit doek, ze staat voor 'girl power', de kracht van vooral de zwarte vrouw.”

Napoleon en Churchill, links, moeten het beeld in evenwicht houden, “want zij zijn bepalend geweest voor de politieke verhoudingen zoals we die nu kennen”. Scholte wijst verder nog op de yuppie in het witte overhemd die met het vredestraktaat staat te wapperen en op de menner, wiens hoofd ontleend is aan zijn American Express-card. De gehelmde strijder kijkt naar de vredesengel en de wijze oude man. “Die grijsaard zegt eigenlijk 'houdt op!', 'geen oorlog meer', 't is genoeg geweest' ”, en Scholte zegt het met de overtuiging van een volleerde demagoog.

Zie je in Nagasaki nog urinoirs het luchtruim kiezen, dit “historische doek leent zich niet voor grapjes.” Nou ja, eentje dan: de hoed van Prins Maurits, die Scholte in het Delfts museum zag, is boven op de speer van Gandhi geplant. Don Quichotte is trouwens ook van de partij, evenals de flink gehavende Nederlandse en Spaanse vlag, die betrekking hebben op de Tachtigjarige Oorlog, maar ook op Scholte's leefsituatie. “Ik ben nu al tien jaar weg uit Nederland en de laatste vier jaar woon ik in Spanje. Nee, ik kan me niet voorstellen dat ik terugkom, alleen al door de fysieke dreiging die ik met dit land associeer. Geef mij maar Spanje, men durft er te laten zien waar men voor staat. In Nederland heersen er veel meer geheimen, men is hier bang om iets van zijn geestesgesteldheid prijs te geven.”

Op Tenerife zal Scholte verder werken aan zijn 'most beautiful women of the world', schilderijen voor een tentoonstelling in november in München. Als de Rijksdag in Berlijn klaar is, heeft hij de portrettenopdracht van de parlementaire club daar voltooid. En in het jaar 2000 moet er ook in het Vaticaan, “de grootste multinational ter wereld”, een flink doek van hem te zien zijn. “Ik belijd daarop mijn zonden, want zoals Jeroen Bosch religieus was, zo ben ik ook religieus.” Die schilderkunstige vergelijking voorspelt meer oorlog dan vrede.