Groeien of stilstaan; Festival

Het festival trekt elk jaar meer bezoekers en schrijvers en muzikanten houden vanzelf een plekje vrij in hun agenda. Initiatiefnemer Louis Behre wil echter geen publieksfavoriet worden. “Juist die persoonlijke benadering is wat het festival zo bijzonder maakt.”

HET GEHEIM van het succes van het Crossing Border Festival is waarschijnlijk dat niemand op zijn plaats hoeft te blijven zitten. Je kunt weglopen om een biertje te drinken, of naar de wc te gaan. En of het nu is tijdens een literaire voordracht van Gerard Reve, of een debuterende Somalische immigrant - er wordt niet gestreefd naar gewijde stilte.

Organisator en oprichter Louis Behre (51) vond literaire avonden altijd te verkrampt. Eén kuchje en de schrijver kijkt verstoord op. Toen hij in 1992 zelf aan een festival dacht, was de informele sfeer en het rumoer van het popconcert zijn ideaal. Behre is muziekliefhebber en leest graag. Hij kon niet kiezen, daarom brengt hij allebei. De naam 'Crossing Border', een elpee-titel van Ry Cooder, wil niet meer zeggen dan dat.

Hij organiseerde de eerste editie van Crossing Border in een kraakpand in Den Haag voor zo'n 1.500 bezoekers. De artiesten die uit het buitenland arriveerden, werden van Schiphol opgehaald door Behre, zijn vrouw of een kennis en persoonlijk in een Haags hotel afgeleverd. Daar in de lobby was altijd gelegenheid voor een praatje en koffie, en als de schrijver of popmuzikant een bepaalde bezienswaardigheid op het oog had, liep een van Behres vrienden even mee.

Hij benaderde de performers zelf. Via via achterhaalde hij fax- of telefoonnummers om de artiest uit te nodigen. Wie toezegde, kwàm, van contracten was nog geen sprake. Op die basis traden schrijvers op als Douglas Coupland, Remco Campert, Arnon Grunberg, Hafid Bouazza en Alan Warner, en popmuzikanten als Gavin Friday, David Thomas en Lee Ranaldo. Iedere artiest krijgt de vraag of er iets is 'dat hij of zij altijd al had willen doen', iets mét of juist zonder instrumenten, bijvoorbeeld. Zo heeft Crossing Border de naam gekregen dat er bijzondere dingen gebeuren: brulboei Henry Rollins begeleid door een jazzcombo; een zwijgende Mark E. Smith (van The Fall) luisterend naar zijn walkman; punker Andy Cairns (van de Ierse groep Therapy?) declamerend op de klanken van een cello; rap en dans van Hermine Landvreugd.

Inmiddels hoeft Behre de artiesten nauwelijks meer te bellen; ze vragen zelf om een plaats in het programma. Onder popmuzikanten heeft Crossing Border zo'n faam dat Lou Reed of Eddie Vedder (de zanger van Pearl Jam) voor een fractie van hun normale gage naar Den Haag komen.

'Spoken word' noemt Behre de voordrachten van schrijvers. Dat is ook de naam voor de optredens van popmuzikanten die hun teksten hier soms spreken in plaats van zingen. Het genre maakte in de popmuziek naam in de jaren tachtig. Grote voortrekker was Jello Biafra (van de vroegere punkgroep Dead Kennedys), die dit jaar voor het eerst op Crossing Border te zien is. Het idee om hun teksten voor te dragen, spreekt veel popmuzikanten aan, vertelt Louis Behre. Toch komen ze er vaak op terug. In de maanden voorafgaand aan het optreden hebben ze ruim gelegenheid zich zorgen te maken, 'of de teksten zonder muziek wel tot hun recht zullen komen', of 'er doorheen zal worden geschreeuwd'. Dan krijgt Behre vlak voor het festival bericht dat de performer toch maar iets extra's meeneemt: een megafoon, vervormende effectapparatuur of een begeleider met akoestische gitaar.

De publieke belangstelling voor Crossing Border is in zeven jaar gegroeid van de 1.500 bezoekers in het eerste jaar tot 15.000 verwachte bezoekers dit jaar. Na het kraakpand en theatercomplex Aan het Spui heeft het evenement nu voor de tweede keer plaats in het Congresgebouw. Met 120 acts op twee dagen is er het een en ander veranderd sinds de begindagen: Behre kan niet meer iedereen persoonlijk in het hotel opwachten, en er zijn nu toch contracten nodig.

Sinds vorig jaar zit Behre met zijn team in het gebouw van Mojo-concerts in Delft. Mojo doet de produktie, Behre de programmering. Op een dinsdagochtend, een paar weken voor het festival, probeert hij zijn zaken af te handelen. Maar ex-gevangene Eddie Little ('Uitgenodigd wegens zijn mooie naam') uit Los Angeles lukt het niet om een paspoort te krijgen en hangt voor de zoveelste keer met excuses aan de telefoon. Schrijfster Lulu Wang belt om te vragen of haar speciaal uit China overgekomen ouders welkom zijn. Een fax van een woordvoerder van Jello Biafra meldt dat de man bereid is zijn vier uur durende performance voor de gelegenheid in te korten tot anderhalf uur. Voor alle artiesten moeten werkvergunningen aangevraagd, contracten geregeld en tickets gekocht. En tussendoor komt er nog een verzoek van de gitarist van Swell, of hij mag komen spelen met zijn hobbybandje Oxbow.

Behre is niet streng. Hij bekijkt het cd-boekje van Oxbow en overweegt een plaats in het programma: “Ik ken Swell en ik vertrouw die mensen. Ik kan dit boekje nu wel lezen, maar het gaat toch om de intentie waarmee ze komen. Veel mensen proberen er echt iets bijzonders van te maken. Bijvoorbeeld die Andy Cairns van Therapy?. Hij had nog nooit zijn teksten voorgelezen en nam uit voorzorg een cellist mee. Het was prachtig. Die cellist zit nu vast in de band.”

Op Crossing Border staan vaak schrijvers al voordat ze ooit een boek gepubliceerd hebben. Behre laat zich tippen door uitgevers en bezoekt zelf literaire en muzikale voorstellingen in Paradiso, de Balie, Concertgebouw, Hotel Winston. Of hij pikt jong talent uit het buurthuis, zoals onlangs het Marokkaans/Nederlandse trio El Habib. Behres tactiek is om beginnende artiesten te programmeren vlak voor of vlak na een bekendheid. Dit keer zal de jonge Somalische Yasmine Allas voorlezen in de enorme PWA-zaal die dan al vol zit voor het concert van de portugese fado-ster Misia. “In ieder geval tweeduizend mensen zullen op vrijdag 16 oktober om 22.15 weten wie Yasmine Allas is.”

Om 12.30 vergadert de festival-commissie over de vorderingen. Dan blijkt dat Tricky heeft afgezegd wegens bloedvergiftiging, maar het zwaarst treft het nieuws dat Gert Bettens is geveld door de ziekte van Pfeiffer. Gert en zijn zus Sarah Bettens zijn de twee belangrijkste muzikanten van de populaire Belgische groep K's Choice. Samen zouden ze een akoestisch optreden met strijkkwartet geven in de PWA-zaal.

De programmeurs schuiven met de acts om per zaal een logisch geheel te krijgen en overleggen over vervangingen van de publiekstrekkers. Er wordt geopperd dat David Byrne kan worden gevraagd iets bijzonders te komen doen. Of dat Sarah kan optreden met haar vrienden van de Engelse band Skunk Anansie. “En dat concert van Karl Hyde, wat gebeurt daar? Dance?”, vraagt mede-organisator Willem Venema. “Nee, dat is nadenken”, antwoordt Behre. “Nadenken na 22.00!?” zegt Venema. “Dat is een slecht idee. Hij moet vroeger.” Na de vergadering worden Byrne en Sarah gebeld. Byrne heeft geen tijd en Sarah laat weten: zonder Gert geen concert. Nu is het hopen dat twee grote namen die hun belangstelling hebben uitgesproken, inderdaad zullen opduiken: Eddie Vedder en Nick Cave.

Bij alle zorgen die de afronding van het programma met zich meebrengt, heeft Behre één hoofdzorg: gaat het wel de goede kant op? Dat er nu 120 acts komen voor 15.000 bezoekers, is dat wel wat hij wil? Het lijkt een wet: of je groeit, of je staat stil en dan is het binnen de kortste keren afgelopen. Maar die keer in 1996, toen Crossing Border zes avonden duurde, beviel Behre helemaal niet. Hij maakt zich nu al zorgen dat hij tijdens de komende editie niet meer in staat is de artiesten de aandacht te geven die ze verdienen. En het is juist die persoonlijke behandeling die het festival zo bijzonder maakt. “Straks wordt het een evenement voor 25.000 bezoekers. Zie dan nog maar eens wat onbekend talent naar voren te schuiven. Ik wil geen pubieksfavoriet zijn. Ik zou met het festival het liefst niet groter worden dan nu.”

Louis Behre, die tot 1989 als verpleegkundige in een ziekenhuis werkte, begon in 1992 met een boekwinkel in Amsterdam, The Other World. Die was gespecialiseerd in beat-literatuur, maar functioneerde voornamelijk als café. Schrijvers als Simon Vinkenoog en Alan Ginsberg hingen er de hele dag rond. De klanten vroegen besmuikt 'of ze misschien een boek mochten kopen'. In 1993 sloot Behre zijn boekwinkel en werd hij door een naburig café gevraagd om er literaire middagen te komen opzetten. Daarna volgde een tournee met de nog levende 'Supersterren' van Andy Warhol en in 1993 het eerste Crossing Border-festival.

“Ik regelde altijd alles zelf. En die informele manier, zonder contracten, werkte vaak beter dan dat je alles volgens de letter doet. Als nu een schrijver of muzikant niet wil komen stuurt zijn agent gewoon een faxje. Als een artiest mij vroeger per telefoon had toegezegd: “ Louis ik zal er zijn', dan liet hij me nooit in de steek.” FESTIVAL