Franse wet erkent liefde van wie niet kan of wil trouwen

Een nieuwe Franse wet geeft samenwonenden dezelfde rechten als gehuwden. Gerechtigheid of bedreiging van het gezin?

PARIJS, 8 OKT. Dominique is twintig jaar gelukkig ongetrouwd. Haar man werkt bij de plantsoenendienst van de gemeente Aulnaye, even buiten Parijs. Zij doet de telefonische verkoop bij een grote boekhandel in de stad. Voor hen was het een gevoel van vrijheid om het stadhuis te mijden. “Mijn man, nou ja mijn concubin, wilde echt niet. En ik zei: ons gemeenschappelijk leven wordt er niet anders van als we naar de kerk of het stadhuis zijn geweest. We hebben geen dag spijt gehad.”

Frankrijk staat op het punt het samenleven van hen die niet willen of kunnen trouwen een wettelijke vorm te geven in het 'pacte civil de solidarité' (Pacs). Voor de één gaat het om de erkenning van het homoseksuele samenlevingsverband, uitgesloten van het huwelijk en daardoor een bron van rechteloosheid. Voor de ander is minstens even belangrijk het einde van de juridische en fiscale discriminatie van het heteroseksuele 'samenwonen' - ook geen luxe, nu eenderde van de Franse kinderen buiten het huwelijk wordt geboren.

Na een jaar aarzelen heeft de regering-Jospin in juni besloten dat deze stap progressief was en paste binnen haar ambities om Frankrijk op een sociale manier te moderniseren. Sindsdien hebben ambtenaren op allerlei departementen overuren gemaakt om de stroom ideeën die er in de loop der jaren over waren gevormd in een wettelijke jas te gieten. Dinsdag nog heeft de regering een laatste correctie aangebracht: ook broer en zus kunnen van het pacs gebruikmaken. Daarmee is het iets minder een wet voor homoseksuelen, zoals een deel van de rechtse oppositie steeds roept. Morgen begint de Assemblée Nationale de behandeling van het ontwerp.

Het Pacs is de uitkomst van jaren actievoeren. Pro en contra. Het verzet tegen is even sterk als de strijd voor erkenning van de liefde van mensen die niet langs de pastoor en het stadhuis kunnen of willen gaan. Afgelopen zaterdag gaven kerkelijk geïnspireerde familie-organisaties in demonstraties uiting aan hun intense afkeer van het idee dat mensen die geen huwelijkse beloften willen afleggen toch zoiets als een gezin kunnen stichten. Ingezonden stukken van het genre 'On assassine la famille!' en 'Pacs: een totalitaire wetgeving' halen de opiniepagina's. Heftiger acties door mensen die zich sinds jaar en dag aan abortusbedden vastketenen zijn niet uitgesloten.

De verdedigers van het familie-erfgoed zien het Pacs als de zoveelste aanslag op het gezin. In Frankrijk woont 30 procent van de vrouwen tussen 25 en 29 jaar samen, het percentage getrouwden van die leeftijd ligt maar één of twee procent hoger. Het land behoort daarmee, met Denemarken en Zweden, tot de meest cohabiterende van Europa. In Nederland woont 15 procent vrouwen van die leeftijdsgroep samen, tegen 55 procent getrouwde zusters.

Pagina 5: 'Tweederangs huwelijk'

Bij een recente enquête bleek dat een meerderheid van Franse heteroseksuelen het Pacs goedkeurt; alleen mannen boven de vijftig zijn voor tweederde tegen. Die vrijere cultuur was er niet altijd. Dominique herinnert zich dat op concubinage nogal werd neergekeken toen zij er bijna twintig jaar geleden aan begonnen. Moreel, financieel al wat minder. Toen zij en haar man twaalf jaar geleden een huis in Tremblay (even buiten Parijs) kochten konden zij huis en hypotheek wel op hun beider naam laten inschrijven. En de kinderbijslag (vanaf het tweede kind) erkent de situatie ook zoals die is. “Alleen het erfrecht blijft rampzalig. Bij de inkomstenbelasting is het voordeel twee jaar geleden afgeschaft. Dat heeft ons 2000 francs gekost.”

Het Pacs is de uitkomst van een opeenvolging van voorstellen en eisen. Vorig jaar nog liep bij een Gay Pride-optocht iemand mee met de tekst: 'Een getrouwd heteropaar krijgt in 5 minuten meer rechten dan een homopaar dat 25 jaar bij elkaar is'. Daar gaat de strijd vooral om, sinds in 1991 het 'contrat d'union civile' (CUC) was geëist. De aids-epidemie heeft de noodzaak in bredere kring duidelijk gemaakt. Maar ook links aan de regering zag tot nu toe geen kans om tot wetgeving te komen. De latere neo-gaullistische minister van Cultuur en Justitie, Jacques Toubon, deed met succes een beroep op de Constitutionele Raad, die onverenigbaarheid met de Grondwet vaststelde. Terwijl de regeling zich toen beperkte tot overgang van huurrechten na overlijden van de partner die het contract had getekend.

Van '93 tot '97 regeerde rechts. Het onderwerp stond niet op de agenda. Dat veranderde pas een beetje toen in 1996 het homoseksuele stempel van het project werd afgehaald. Chirac zat intussen sinds 1995 op het Elysée en wilde er meer van weten. Zijn dochter Claude, nog steeds een adviseur van de eerste orde, had hem zijn enige kleinzoon bezorgd, zonder getrouwd te zijn. De Franse Spoorwegen openden hun partner-reductiekaart voor 'ieder paar dat onder één dak woont, ongeacht hun sekse'.

In de zomer van 1997 nam Lionel Jospin de teugels over. Na alle beloftes volgde de behoedzaamheid. Een sociologe, Irène Théry, kreeg opdracht het mijnenveld nog eens in kaart te brengen. Zij constateerde dat relaties steeds vaker niet eeuwig zijn en dat die erkenning tot een aantal consequenties zou moeten leiden. In haar zeer genuanceerde rapport pleitte zij voor erkenning van homoseksuele concubinage, op gelijke voet als heteroseksuele concubinage, voor bijbehorende erfrechten en andere vormen van juridische erkenning. En scheiding door een feitelijke verklaring van twee partijen, of van één, met zo nodig rechterlijke arbitrage over goederen en kinderen.

Na een fase van terugschrikken voor de maatschappelijke weerstand én de kosten, heeft premier Jospin in juni de knoop doorgehakt. Het Pacs, dat toen het licht zag, is intussen al weer enige malen bijgesteld. Een anti-lobby van duizenden burgemeesters, meest van dorpen en kleine steden, heeft er voor gezorgd dat men niet kan 'pacsen' op het stadhuis. Toen moest het bij de rechtbank, maar omdat volgens weer anderen dat als een straf werd ervaren, wordt het nu de prefectuur, dat rijksregio-kantoor dat niemand met een klassiek huwelijk identificeert.

De kosten zijn inmiddels uitvoerig becijferd. Aan te derven inkomstenbelasting en successierechten zal de staat tussen 4 en 7 miljard francs mislopen, 1 à 2 miljard gulden. Een peulenschil voor een land dat een modern leven wil garanderen. Het argument dat Lionel Jospin misschien het meest heeft overgehaald is de zichtbare verwarring bij de rechtse oppositie. Terwijl men daar fulmineert tegen 'een tweederangs huwelijk'. Volgens Nicolas Sarkozy, secretaris-generaal van de gaullisten, is dit “een onwaarschijnlijke omkering van prioriteiten en waarden”. Maar de liberalen van Alain Madelin willen zich op dit terrein graag profileren als voorvechters van fundamentele burgerrechten. Rechts is, ook op dit terrein, verdeeld. En zulke engelen zijn sommige rechtse politici ook niet. De komende tijd over familiewaarden moeten jubelen lokt niet iedereen aan.

Dominique weet het overigens nog niet of zij en haar man gaan pacsen. Ze moet eerst zien wat er echt in de wet komt te staan. Van adoptie door homoseksuelen is ze geen voorstander, zegt ze enigszins besmuikt. Wat hun zelf betreft: soms had ze wel willen trouwen, meer om de romantiek dan om de rechten. Nu ze dat niet doen, is het pacs geen trekpleister maar een mogelijkheid. Misschien blijven ze wel lekker vrij, samenwonend en meestal gelukkig. Voor hun 20-jarig samenleven gaan ze binnenkort wel een feestje organiseren.