De Wachtkamer: prachtig stuk over traditie en verzet

Voorstelling: De Wachtkamer van Bernard Bredero door Asian Performing Arts. Spelers: Attila Bellus, Victor Bottenbley e.a. Regie Helmert Woudenberg. Gezien 7/10 Toneelschuur, Haarlem. Tournee t/m 28/11. Inl. (030) 637 55 30

Het gaat over de eenzame strijd van het kleine Tibet tegenover het reusachtige China; over mensen die elkaar treffen in de wachtkamer van een dokter; over ongemeen herkenbare zaken als het conflict tussen oud en nieuw, traditie en verzet daartegen. Ineens is in Nederland een prachtige voorstelling te zien, De Wachtkamer, uitgevoerd door het gezelschap Asian Performing Arts. Vijf acteurs uit verre landen, zoals Brazilië, Hongarije, Tibet, spelen een stuk dat een waarde heeft die boven elke landsgrens uitreikt. En tegelijkertijd gaat De Wachtkamer over landsgrenzen. Dat is een mooie paradox. Hoe veilig zijn grenzen?

Op een decor dat uit niets anders bestaat dan een plastic vloermat, een Coca-Cola-machine en een bank spelen vijf acteurs het steeds aangrijpender wordende relaas van hun eigen levens. Inzet is een zwangere vrouw die haar derde kind wil laten weghalen op voorspraak van de Chinese anti-kindpolitiek. Haar man, een dorpsonderwijzer, is daartegen. Zij wil het juist vanwege zijn baan. Haar Tibetaanse man is een China-hater; en China wordt vertegenwoordigd door een fotograaf, die zijn pols brak terwijl hij een zoetelijke zonsondergang fotografeerde. Uiteindelijk vertelt hij ook zijn verhaal, dat hij demonstreerde met de studenten op het Plein van de Hemelse Vrede.

Het is een scherp contrast tussen China en Tibet, dus zeer anti-China en pro-Tibet, dat tektstschrijver Bernard Bredero en regisseur Helmert Woudenberg hier creëren. China staat voor verfoeide Westerse modernisering, Tibet voor het behoud van traditionele waarden. Hoe scherp getrokken dat contrast ook is, het menselijke gezicht erachter is door alle spelers voortreffelijk vertolkt. Twee opstandige mannen als kemphanen tegenover elkaar, de Tibetaan en de Chinees. Een sussende vrouw daartussen, die tegelijkertijd de inzet is van de hele strijd. En dan de twee Aziatische rollen, gespeeld door een Indiër en een Tibetaan. De beide Aziatische kunstenaars willen negen dagen te voet gaan naar een dorp tweehonderd kilometer verderop. De Chinese man legt die afstand in een halve dag af. De kunstenaar heft zijn armen ten hemel: “Waarom die gejaagdheid?” Daarop is geen antwoord. Evenmin als er een antwoord is op de vraag of de vrouw wel of geen abortus moet laten plegen. Aan het slot staat ze roerloos in het midden, er klinkt kindergezang. Stilte. De toeschouwer mag kiezen in dit meer dan dramatische open einde.