Ter Horst: laat junks toe op CS

AMSTERDAM, 7 OKT. Drugsverslaafden en daklozen in Amsterdam zijn beter af als het Centraal Station geen verboden terrein meer is voor hen. Ook voor de overlast in de hoofdstad is het beter als de spoorwegpolitie niet meer zo'n streng beleid zou hanteren om het CS 'schoon' te houden.

Dat zegt de Amsterdamse wethouder G. ter Horst (Zorg). Het Centraal Station werd een maand geleden 'schoongeveegd'. De Nederlandse Spoorwegen vonden de overlast te groot worden voor de reizigers, want tientallen junks, dealers en daklozen hielden zich dagelijks in en rond het CS op. Bij alle ingangen kwamen agenten van de spoorwegpolitie te staan.

Wie niet kon aantonen een reiziger te zijn of een winkel te bezoeken, kwam er niet in. Inmiddels is de controle minder streng geworden.

De spoorwegpolitie probeert deze mensen nu weg te houden met intensieve surveillances.

“Als deze groep zich rond een bepaald punt concentreert, is de overlast veel beter in de hand te houden”, zegt de PvdA-wethouder. De binnenstad heeft sinds de schoonveegactie te maken met een toename van overlast van junks en daklozen, met name in de Nieuwmarktbuurt en het Wallengebied. Zij heeft veel klachten van de bewonersvereniging d'Oude Binnenstad gekregen. “Terwijl dat toch altijd een heel tolerante vereniging is.”

Ter Horst betwijfelt ook of de overlast voor de reiziger nu daadwerkelijk zo erg was dat een dergelijke schoonveegactie nodig was. De Nederlandse Spoorwegen kunnen op het stationterrein hun eigen beleid bepalen.

Over de actie was wel de politie ingelicht, maar niet de gemeente en de hulpverleningsorganisaties, aldus Ter Horst. Ze was daar verbolgen over, omdat de hulpverlening nu geen enkele maatregel kon nemen.

Ter Horst ziet geen mogelijkheden om op korte termijn de overlast in de binnenstad tegen te gaan. Haar eigen partij drong vorige week wel op maatregelen aan.

De wethouder wijst erop dat Amsterdam werkt aan de uitbreiding van opvangplaatsen en ruimten waar verslaafden in alle rust drugs kunnen gebruiken, maar dat dat op korte termijn geen soelaas biedt. “En ook al is de opvang honderd procent, dan nog zullen deze mensen de straat op gaan”, aldus Ter Horst.