Optimisme bij opening van 50ste Buchmesse; Onverwacht bezoek van Rushdie aan boekenbeurs met oppervlakte van 25 voetbalvelden

FRANKFURT A/M, 7 OKT. Zoals het Nederlandse parlementaire jaar geopend wordt met de Troonrede, zo begint de Frankfurter Buchmesse steevast met toespraken over de gevaren die het boek bedreigen.

Voor het uitsterven van het gedrukte woord door het oprukken van de computer lijkt geen uitgever meer bang - Gates en Gutenberg gaan goed samen, zegt men hier. Wat nu zorgen baart, aldus Gerhard Kurtze, de voorzitter van de vereniging van Duitse boekverkopers, is het Brusselse geknabbel aan de vaste boekenprijs, en vooral de verordonneerde opheffing van de 'grensoverschrijdende boekenprijsbinding' tussen Duitsland en Oostenrijk. “Beste Europese Commissie, laat u niet toe dat onze literatuur door formalisme benadeeld wordt,” luidde zijn bede op een persconferentie bij de opening van de 50ste editie van de grootste boekenbeurs.

Voorlopig groeit het boekenaanbod op de Buchmesse alleen maar. De directie vertelt trots dat er dit jaar 6758 standhouders zijn, dat de totale oppervlakte van het beursterrein nu 25 voetbalvelden beslaat en dat een gemiddelde wandelaar bijna drie uur nodig zou hebben om de in totaal 14 kilometer lange gangen te doorlopen. Een heel verschil met de eerste Frankfurter Buchmesse, die in 1949 georganiseerd werd. Toen hokte een handjevol voornamelijk Duitse uitgevers samen in de Paulskirche, die nog omringd werd door de ruïnes van de oorlog. “Het waren de jaren van ontbering,” memoreerde gisteren de bejaarde Britse uitgever Lord George Weidenfeld, die gevraagd was voor de officiële jubileumrede. Waaraan hij toevoegde dat de Messe toen al een demonstratie van hoop en vrijheid van drukpers was. De festiviteiten ter gelegenheid van het 50-jarig bestaan zijn verder bescheiden. Her en der in de hallen hangen historische foto's van hoogtepunten uit de beursgeschiedenis en vandaag was er een symposium - met onder meer de vroegere Franse minister van cultuur Jack Lang - over het thema 'Freedom to write, freedom to publish.'

De bedoeling was dat daarop de Mensenrechtenprijs van de internationale uitgevers zou worden uitgereikt aan de Turkse uitgeefster en vrijheidsactiviste Ayse Nur Zarakolu. Maar de Turkse regering had haar tot woede van de Frankfurt-directie een uitreisvisum geweigerd - daarmee de kans vergooiend om Turkije in 2003 tot Schwerpunktland uitgeroepen te krijgen. Ook het plotselinge opduiken van de Britse schrijver Salman Rushdie tijdens de opening van de Buchmesse, waar hij lachend rondliep en passanten aansprak, paste bij het thema van de beurs. De Iraanse overheid verklaarde onlangs niet langer zijn dood te wensen. Rushdie zou met zijn boek De duivelsverzen moslims beledigd hebben volgens de Iraanse geestelijke Khomeiny, die in 1989 opriep Rushdie te vermoorden. De schrijver heeft daarna tien jaar ondergedoken gezeten. Als Iran nu ook nog de prijs intrekt die op het hoofd van Rushdie staat, zijn Iraanse uitgevers weer welkom op de Buchmesse, volgens de Gerhard Kurtze. Van Rushdie's bezoek werd weinig ophef gemaakt, om niet de aandacht af te leiden van het Schwerpunkt van deze Buchmesse: het viertalige Zwitserland. “Federalistisch in staat én in literatuur” zoals de Frans-Zwitserse schrijfster Sylviane Dupuis het gisteren uitdrukte. Zij en de andere Zwitsers die op de opening spraken, onderstreepten dat de literatuur van hun land weliswaar kampt met een identiteitsprobleem, maar springlevend is, hoewel hun hal vol kloostertafels met boeken geen aanleiding tot die gedachte geeft.