Koppelingswet strijdig met EU-verdrag

DEN HAAG, 7 OKT. De koppelingswet, die het verblijf van illegalen in Nederland moet ontmoedigen, is deels in strijd met een internationaal verdrag. De president van de Haagse rechtbank, mr. A. van Delden, heeft dit vanochtend in een kort geding besloten. Het kort geding was aangespannen door een aantal belangenorganisaties voor illegalen.

De president bepaalde dat vreemdelingen, die hier een beslissing op hun aanvraag om toelating in Nederland afwachten, of tegen een afwijzing van hun aanvraag bezwaar hebben aangetekend, wel recht hebben op sociale en medische bijstand. De koppelingswet beoogt hen juist uit te sluiten van deze voorzieningen. De uitspraak geldt overigens niet voor illegalen die zonder enige vorm van toestemming in Nederland verblijven.

De rechtbank in Den Haag stelt wel een voorwaarde: de vreemdeling moet onderdaan zijn van een land dat het Europees Verdrag betreffende sociale en medische bijstand (EVSM) heeft ondertekend. Dit verdrag geeft rechtstreeks aanspraak op bijstand aan onderdanen van staten die het EVSM hebben ondertekend en die rechtmatig in een andere 'verdragsstaat' verblijven.

De koppelingswet werd, na langdurig uitstel, afgelopen zomer ingevoerd. De wet beoogt illegalen uit te sluiten van collectieve voorzieningen als uitkering of huursubsidie, door de databestanden van bevolkingsregister, belastingdienst en sociale dienst aan elkaar te koppelen. Een uitzondering is gemaakt voor acute medische hulp in noodgevallen en voor onderwijs aan leerplichtige kinderen.

De kritiek op de wet is groot; een aantal gemeenten heeft vanaf het begin niet meegedaan aan invoering ervan.

De gemeente Amsterdam zei niet op tijd klaar te zijn en Leiden besloot toch een uitkering te verstrekken aan vreemdelingen die een beslissing op hun aanvraag om toelating afwachten.