Kat- en muisspel bij pisbakken

East Palace, West Palace (Dong Gong, Xi Gong). Regie: Zhang Yuan. Met: Si Han, Hu Jun. In: Rialto, Amsterdam; Lantaren/Venster, Rotterdam; Haags Filmhuis; 't Hoogt, Utrecht; Cinemariënburg, Nijmegen.

Telkens wanneer Zhang Yuan (Nanking, 1963), de bekendste vertegenwoordiger van de zogeheten 'zesde generatie' van Chinese filmmakers (die buiten alle officiële instanties om opereren), een nieuwe maatschappijkritische film op het Rotterdamse filmfestival presenteerde, kon hij op grote internationale nieuwsgierigheid rekenen. Alleen al het feit dat op het Chinese vasteland een film was gemaakt over het lot van geestelijk gehandicapten (Mama, 1990), de rockcultuur van Peking (Beijing Bastards, 1992) of de marginale familie van een alcoholist (Sons, 1995), maakte die films interessant. Tegelijkertijd moest dan geconstateerd worden dat de ongepolijste, semi-documentaire stijl van Zhangs films ze minder geschikt maakte voor een carrière buiten het festivalcircuit. Dit jaar was de nieuwswaarde van de Rotterdamse vertoning van Zhangs East Palace, West Palace (Dong gong, xi gong) gering. Het tumult had immers al eerder plaatsgevonden, tijdens de wereldpremière in het Zuid-Koreaanse Pusan in 1996 en vooral bij de vertoning in Cannes 1997 toen de Chinese autoriteiten Zhangs paspoort innamen en Zhang Yimou's Keep Cool terugtrokken.

East Palace, West Palace, een Kammerspiel voor een politieman en de door hem gearresteerde en ondervraagde jonge homoseksuele schrijver, is inhoudelijk minstens zo explosief als Zhang Yuans voorgaande werk. De titel verwijst naar het bestaan van twee parkjes met openbare toiletten aan weerszijden van het Plein van de Hemelse Vrede in Peking, waar homoseksuelen (en een enkele travestiet) elkaar heimelijk ontmoeten. De film begint waar Nagisa Oshima's Merry Christmas Mr. Lawrence ophield, met een zoen van de arrestant voor zijn onderdrukker en zinspeelt expliciet op de sadomasochistische aantrekkingskracht 'tussen de dievegge en haar cipier, de liefde van de terdoodveroordeelde voor zijn beul'. Impliciet verwijst dit Genet-thema bovendien metaforisch naar de redenen waarom in China de repressie zo'n hoge vlucht heeft kunnen nemen.

Nog belangrijker dan de pikante constatering dat ook in China de fanatiekste homohaters een aspect van hun eigen persoonlijkheid bestrijden, is het feit dat East Palace, West Palace de eerste film van Zhang Yuan is met vrij grote filmische kwaliteiten. De regisseur noemt het zelf zijn eerste echte speelfilm, en inderdaad gaat hij dit keer verder dan het vastleggen van een verborgen aspect van de samenleving. Zijn intense, gelaagde film speelt zich af op meerdere niveaus en heeft een spannende structuur, die het verleden van de schrijver (Si Han) langzaam onthult, en bovendien de kijker nieuwsgierig maakt of het hem zal lukken de politieman (Hu Jun) te krijgen waar hij hem hebben wil: in de rol van sadistische minnaar.