De ING-econoom; De weerstand van mijn kinderen is wel begrijpelijk

Naam: Fred van Dewall, 53 jaar Beroep: Hoofdeconoom ING Groep Grootste voordeel euro: politieke stabiliteit. En op lange termijn verbetering van de koopkracht van burgers, met name van hun pensioenen, in landen als Spanje, Italië, Frankrijk en ook Engeland. Grootste nadeel komst euro: ('U bent de eerste die me dat vraagt.') Euroland wordt afhankelijk van de begrotingsdiscipline van de afzonderlijke landen.

“Mijn kinderen zijn tegen de euro - en ze hebben enig recht van spreken want ze zijn al 17 en 18 jaar oud. Ze zijn gehecht aan hun guldens, aan de bankbiljetten. Al profiteren zij, en hun vrienden in de klas, wel van mijn werk. Die halen allemaal een 8 of een 9 voor de scripties die ze over het onderwerp moeten maken voor hun eindexamen.

“Hun weerstand is ook wel begrijpelijk. In Nederland en Duitsland gaat het goed. Waarom moet het dan anders? Maar als ik een Italiaan was en Italiaanse kinderen had, zouden ze het waarschijnlijk fantastisch vinden wat ik doe met de euro. Daar zagen de gezinnen hun spaargeld bij de bank steeds minder waard worden.

“Wij hebben als ING Groep begin 1995 besloten dat de euro er zou komen per 1 januari 1999. Dat was belangrijk, want bijna niemand geloofde dat toen nog. Lees de stukjes in de krant er maar over na. En het werk van deze afdeling - nu zestig mensen - is sindsdien ook fors uitgebreid. Het aantal onderzoekers is verdubbeld van twaalf naar circa 24. We hebben een EU-kenniscentrum waaronder een euro-desk van zes mensen. Wij coördineren voor onze eigen groep en voor onze klanten de voorlichting over de euro, zowel de macro-economische effecten als de gevolgen per sector en de nitty-gritty, de praktische details. Zes mensen zullen dit jaar zo'n 200 spreekbeurten geven. Ik ben daarvoor vorige week in New York en deze week in Japan geweest.

“In 1994 werd Cees Maas, lid van onze de raad van bestuur, opgebeld door de Europese Commissie met de vraag om een werkgroep van experts samen te stellen. Die moesten de praktische problemen inventariseren en een tijdpad voor de invoering vast te stellen. De Commissie maakte zich zorgen, want na het Verdrag van Maastricht bleef het overal akelig stil. De voorlichting vanuit de nationale overheden is ook pas veel later begonnen, in Nederland pas eind 1996.

“Een deel van dat werk voor de Commissie heb ik gedaan. We hebben bijvoorbeeld 48 verschillende hoorzittingen gehouden met Europese belangenorganisaties. De koepel voor consumentenbonden wilde graag dat de dubbele prijzen - euro's en guldens of euro's en francs - tenminste een generatie lang in de winkels verplicht zouden zijn. Toen moest ik uitleggen dat dat een kostbare operatie zou zijn en dat de kosten ongetwijfeld op de consumenten verhaald zouden worden. Nu wordt de invoering waarschijnlijk in een lang weekeinde afgewikkeld en komen er helemaal geen dubbele prijzen.

“We hebben ook al snel moeten uitrekenen wat de invoering van de euro de ING groep gaat kosten. Aad Jacobs, toen nog onze bestuursvoorzitter, kreeg daar vragen over van Amerikaanse analisten van beleggingsinstellingen. Naast directe kosten van een paar honderd miljoen gulden, ook een vermindering van onder meer onze inkomsten uit valutahandel. Nu, door de export van de crisis in Japan, zal de terugverdientijd wat langer zijn dan we toen nog dachten. Maar onze netto-baten zijn op termijn op zijn minst nul.

“Verder maken we voor de ING Groep macro-economische en financiële markt-voorspellingen. Vroeger maakten we die ook per land. Maar binnenkort houdt Nederland wat dat betreft op te bestaan. Nederland wordt een regio in de Economische en Monetaire Unie. Het monetair beleid wordt bepaald vanuit Frankfurt en ook de ontwikkelingen in de verschillende sectoren gaan binnen Europa steeds meer op elkaar lijken. Kijk maar naar de Verenigde Staten. Daar bestaan nog wel verschillen tussen de Oostkust en het Zuiden, maar die zijn niet zo groot meer als in het begin van hun monetaire unie.

“Toen vaststond dat de euro zou komen, hebben we vijf of zes scenario's gemaakt. Europa, de EMU, wordt een gesloten economie. 89 procent van de handel is binnen Europa, 11 procent met andere delen van de wereld. En binnen euroland gaan steeds meer factoren naar elkaar toegroeien. Het begrotingstekort mag maximaal 3 procent zijn. En de belastingen worden geharmoniseerd. Overal in Europa zit men daar in kamertjes aan te werken. En ik voorspel dat, als de hervormingsplannen van Vermeend een succes worden, onze oosterburen zijn voorbeeld zullen volgen.

“Om te voorspellen hoe hoog de rente wordt in euroland, kan je voor zo'n scenario het gemiddelde van de elf landen nemen. Maar je weet dat dat niet klopt. Door de contacten die Cees Maas en ik met de verschillende nationale banken in Europa hebben en door mijn werk voor de Commissie, voel je duidelijk dat de Europese Centrale Bank een Bundesbank-plus-beleid wil voeren. Een Rolls Royce die niet zeven keer gelakt wordt, maar wel twaalf keer. In de toekomst zijn het ook niet meer de Verenigde Staten die alleen de rente vaststellen, maar daar gaan wij hier in Europa ook aan meedoen.”