Jaws

Lang voordat hij in brede kring waardering kreeg omdat hij met films als Schindler's List, Amistad en Saving Private Ryan het historisch bewustzijn van het (Amerikaanse) volk zou verhogen en lang voordat hij in Hollywood Oscar-fähig werd bevonden, regisseerde Steven Spielberg zijn tweede speelfilm, Jaws, een griezelthriller over een door een reuzenhaai belaagd toeristenoord.

De New York Times verwierp de film als 'niets meer dan een krakende, ouderwetse monsterfilm'.

Fidel Castro verklaarde dat de film aantoonde hoever het Amerikaanse kapitalisme ging om een investering te beschermen. In Jaws hechten autoriteiten immers aanvankelijk meer belang aan de toeristenindustrie dan aan een mensenleventje. Het fenomenale succes van Jaws (die uitgroeide tot de tot dan toe lucratiefste Amerikaanse film aller tijden) is wel eens massapsychologisch verklaard uit het feit dat de film zou appelleren aan de door het Watergate-schandaal ingegeven overtuiging dat autoriteiten ons voortdurend om de tuin leiden. Desondanks vond men halverwege de jaren zeventig nog niet dat Spielberg 'iets te vertellen' had, laat staan het collectieve geheugen zou activeren.

Wie na bijna een kwart eeuw opnieuw naar Jaws kijkt, ziet nog steeds een enerverende en geraffineerde monsterfilm met onweerstaanbaar geestige grappen (let op het plactic koffiebekertje van Richard Dreyfuss) èn met een onverwacht exposé over 'de oorlog'. Vlak voordat de rauwe haaienjager Robert Shaw wordt verslonden (als vierde en laatste slachtoffer, buiten de hond gerekend), heeft hij aan politieman Roy Scheider en wetenschapper Dreyfuss over vroeger verteld. Hoe hij heeft meegemaakt dat in 1945 de Indianapolis werd getorpedeerd nadat het schip de Hiroshima-bom had afgeleverd. Met duizend man lag hij dagen in het water. Hulp bleef uit omdat hun missie zich in het diepste geheim had voltrokken. Een toen die hulp eenmaal kwam, waren er zevenhonderd man opgegeten door de haaien. Sindsdien draagt hij geen zwemvest meer.

De indrukkwekkende getuigenis doet dienst als verklaring voor het onaangename, a-sociale karakter van Shaw's personage. Tijdens het moeizame gesleutel aan het scenario had Spielberg deze scène speciaal door John Milius laten schrijven om de ijzervreter een beetje sympathiek te maken. In eerste instantie betrof het zelfs een monoloog van negen minuten. De oorlog als strohalm om filmpersonages te veraangenamen.