Drijfzand onder besluit Schiphol

Morgen houdt de Tweede Kamer een hoorzitting over Schiphol. De feiten leveren alle ingrediënten voor politieke turbulentie. Hoe een compromis geen compromis bleek.

DEN HAAG, 5 OKT. Het was destijds een uniek gezicht, die duizenden stewardessen in uniform op het Binnenhof. Gesteund door hun bazen smeekte de crème de la crème van de Nederlandse luchtvaartwereld het kabinet om meer vluchten, anders was de continuïteit van de bedrijfstak in gevaar.

Paars trok zich de protesten uiteindelijk aan en besloot Schiphol in vijf jaar met 100.000 vliegbewegingen extra te laten groeien. Maar zonder slag of stoot ging dat niet. De toenmalige minister M. de Boer (Milieubeheer) lag dwars en ging pas akkoord met de uitbreiding als het aantal geluidgehinderde woningen in die vijf jaar naar circa 12.000 zou worden teruggebracht. Zo geschiedde en plots was daar het compromis, door het paars al snel een 'win win-situatie' genoemd. Het kabinet stuurde op 6 maart van dit jaar een brief naar de Tweede Kamer waarin de cijfers keurig op een rij stonden. Later, in het debat over de beslissing, werd nog herhaaldelijk gesproken over de 'inspanningsverplichting' van de luchtvaartsector om het aantal huizen met geluidsoverlast te verminderen naar ongeveer 12.000. Er zou zelfs een 'uitvoeringsmemorandum' komen waar alles nog eens zwart op wit zou woren gezet.

Met de wetenschap van vandaag zijn die toezeggingen curieus. Minister Jorritsma, die het memorandum namens de staat zou tekenen, blijkt op zowel 2 als op 5 maart het advies van haar ambtelijke top te hebben gekregen om geen “harde koppeling” te maken tussen het toenemend aantal vluchten en de 12.000 woningen. De directeur-generaal van de Rijksluchtvaartdienst (RLD), J. Weck, kreeg van de luchtvaartsector te horen dat het helemaal niet mogelijk is om tot 2003 maar 12.000 woningen te hinderen. In de notulen van het bewuste gesprek tussen de luchtvaartbedrijven en de RLD staat zelfs dat de sector zal weigeren een memorandum te ondertekenen als het getal van 12.000 huizen daarin komt te staan.

Met andere woorden: op het moment dat het kabinet de brief met het compromis (met daarin de 12.000 woningen) naar de Kamer stuurt, is daarover helemaal geen overeenstemming met de sector. En dat terwijl diezelfde sector toch de 'inspanningsverplichting' op zich zou moeten nemen het aantal woningen naar beneden te brengen. Hoe kan dat als men het zelf niet met dat uitgangspunt eens is?

Die vraag wordt niet opgeworpen, niet in de brief aan het parlement, niet in het daaropvolgende Kamerdebat, en volgens oud-minister De Boer ook niet in het kabinet. Sterker: het aantal van 12.000 woningen wordt, buiten medeweten van zowel de Kamer als De Boer, inderdaad niet in het memorandum opgenomen; precies zoals de luchtvaartbedrijven dat wilden. In de overeenkomst, uiteindelijk gesloten in mei en ondertekend door Jorritsma, staat slechts het 'oude' aantal van 15.100 woningen.

De veronderstelde overeenstemming met de luchtvaartbedrijven is er dus helemaal nooit geweest en zal er ook nooit zijn. Want tot op de dag van vandaag houdt de sector vol dat het onmogelijk om maar 12.000 woningen geluidhinder te bezorgen. Misschien lukt dat wel in 1999, maar de jaren daarna vrijwel zeker niet.

Los daarvan staat het verhaal dat het kabinetsbesluit van maart is genomen op basis van onvolledige berekeningen. Volgens Schiphol zelf heeft het Nederlands Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium (NLR) te optimistisch gerekend. Het NLR stelt echter dat aangeleverde cijfers van Schiphol niet gedetailleerd genoeg waren.

Al met al lijkt de beslissing om Schiphol extra te laten groeien gebaseerd te zijn op drijfzand. De cijfers kloppen niet en het bereikte compromis is eigenlijk geen compromis. Dat lijkt zwaar politiek weer te worden voor oud minister Jorritsma, tegenwoordig vice-premier. Maar tegelijkertijd, zo vreest de oppositie, is het de vraag of coalitiepartijen PvdA en D66 de zaak, zo vroeg in de kabinetsperiode, op de spits durven te drijven.