De standaardisering van de vrije school

Het onderwijs op gewone scholen was al eenvormiger geworden. Nu moeten ook de vrije scholen eraan geloven. Ouders vrezen het einde van mooie idealen, anderen vinden dat een hervorming heilzaam kan werken.

Alle tafels aan de kant. In opdracht van leraar Jack Stroop gaan de dertig leerlingen bij elkaar staan. Met gesloten ogen graaien ze totdat iedereen twee handen vast heeft. Ogen open. Zwijgend moeten ze de menselijke knoop ontrafelen - onder armen door kruipen, over armen heen klimmen. Na vijf minuten draaien en bukken, blijkt het knelpunt te bestaan uit Jan. Iemand trekt aan zijn linderhand, zijn rechterschouder wordt zo'n beetje uit de kom gerukt. De knoop van klas zeven blijkt niet te ontwarren.

Vrijdagochtend op de Geert Groote vrije school in Amsterdam. Tussen drie kwartier rekenen en een kwartier verhalen voordragen, dient De Knoop als intermezzo. Lollige chaos? Pardon, leerzame chaos: iedereen wordt geconfronteerd met zijn persoonlijke verantwoordelijkheid voor de oplossing van een collectief probleem.

Niets gebeurt zomaar op de vrije school. Volgens de pedagogische filosofie past bij elke leeftijd bepaalde lesstof. Klassenleraren geven les aan één groep leerlingen tot die dertien jaar zijn, zodat ze hen langdurig kunnen begeleiden in hun ontwikkeling. Op sommige scholen leren kinderen pas lezen nadat ze 'schoolrijp' zijn, meestal op hun zevende, rond de wisseling van hun tanden. De revoluties in de wereldgeschiedenis behandelen ze op hun vijftiende, omdat ze dan ook een 'innerlijke revolutie' hebben meegemaakt, ofwel de puberteit. Boeken met voorgeschreven lesstof zijn er niet, omdat de leraar er dan niet meer creatief mee zou omgaan. En toetsresultaten krijgt alleen de leraar te horen, want wat heeft een leerling eraan om te weten dat hij slecht is in algebra?

Vorige week vierde de beweging dat ze 75 jaar lang in Nederland haar eigen pedagogische programma, gebaseerd op de ideeën van antroposoof Rudolf Steiner, in stand heeft weten te houden. Ze heeft 75 jaar lang haar leerlingen (nu 20.000) niet zozeer opgeleid voor een diploma, als wel getracht voor te bereiden op het leven. Behalve cognitieve talenten moeten leerlingen op de vrije school hun wil en gevoelsleven ontwikkelen, in een ononderbroken periode van twaalf jaar. Het gaat erom dat ze lessen beleven en niet alleen wat opsteken. Kennis wordt wel beoordeeld door leraren maar niet getoetst; zittenblijven bestaat niet. De school staat bekend om gemotiveerde leerlingen en buitengewoon betrokken ouders, die bewust voor de schoolsoort kiezen.

Over twee jaar wordt het allemaal anders.

Het onderwijs is de afgelopen jaren op alle gewone scholen eenvormiger geworden. Nu moet ook de vrije school eraan geloven. Eind vorig jaar maakte de Bond van Vrije Scholen afspraken met oud-staatssecretaris Netelenbos over hervormingen die ingaan in het jaar 2000. De vrije school is duur omdat ze een jaar langer duurt dan gewone scholen. Belangrijker is dat de overheid ouders en scholieren steeds meer beschouwt als consument. En die consument moet weten waar hij op kan rekenen. Elke school moet toewerken naar dezelfde inhoudelijke 'kerndoelen'. Klachtenprocedures op scholen zijn geformaliseerd en aan het begin van het schooljaar moet de school het aantal huiswerkuren bekendmaken. Wee de leraar die onverwacht een proefwerk inlast waar de klant niet voor was gewaarschuwd. De Onderwijsinspectie geeft sinds dit jaar zelfs een consumentengids uit, de zogenoemde kwaliteitsgids, zodat ouders en kind verantwoord kunnen kiezen tussen scholen. Scholing is een gestandaardiseerd product geworden, dat toestbaar en vergelijkbaar moet zijn.

De uitzonderingspositie van het laatste bastion dat inhoudelijk gebruik maakt van de vrijheid van onderwijs, gaat er dus aan. De 69 vrije basisscholen moeten reorganiseren zodat ze passen in de nieuwe Wet op het Primair Onderwijs. Ze vormen nu nog een blok van negen jaar en zijn bijvoorbeeld in Amsterdam als enige onderwijsrichting nog gevrijwaard van de CITO-toets voor twaalfjarigen. De elf vrije middelbare scholen worden als enige onderwijsrichting om technische redenen nog bekostigd als vijfjarige Mavo, plus een afsluitende klas. Ze zijn als enige niet opgenomen in de vergelijkende kwaliteitsgids. Dit alles moet veranderen en de vrije scholen worstelen ermee.

De raadkamer bij de president van de Utrechtse rechtbank, in juni. Vijfhonderd verontruste vrijeschoolouders zijn zo boos over de hervormingen dat ze de Bond van Vrije Scholen voor de rechter hebben gedaagd om uitleg te eisen. Ze willen koste wat het kost voorkomen dat hun kinderen worden geperst in het keurslijf van gewoon onderwijs. Ze voelen zich aan de kant gezet door de Bond, die geldt als vooruitstrevend. De Bond wint de rechtszaak. Het bestuur kan aantonen dat het alles heeft gedaan om de leden, en dus de ouders, voor te lichten over de veranderingen.

Maar de vereniging van verontruste ouders laat het er niet bij zitten en kwam afgelopen zaterdag opnieuw bijeen. Monique Wortelboer, die drie kinderen heeft op de vrije school, was erbij. “De Bond heeft de inrichting van ons onderwijs weggegeven. We moeten examens afnemen, maar dat past niet in onze pedagogiek.” Vrij betekent volgens Wortelboer vrij van staatsbemoeienis. De vrije school onderwerpt zich nu aan een “zachte dictatuur”. Wat haar betreft richten ouders nu een financieel onafhankelijke school op.

Welke inhoudelijk consequenties de reorganisatie zal hebben, is nog onduidelijk, blijkt op het kantoor van de Bond op landgoed De Reehorst in Driebergen. Werkgroepen bestuderen de gevolgen intensief, verzekert de Bond. Wel staan de praktische gevolgen vast: de hoogste klas van de vrije basisschool, 'de onderbouw' - die qua leeftijd gelijk staat aan de brugklas - wordt overgeheveld naar de middelbare school, 'de bovenbouw'.

De onderbouw wordt dus zoals overal acht jaar lang gefinancierd. Slechts elf klassenleraren van de 69 basisscholen mogen met hun leerlingen mee naar de middelbare school. Ze zijn officieel niet bevoegd les te geven aan brugklassers, maar díe concessie heeft de Bond bij het ministerie afgedwongen. Daarnaast zullen kinderen op de vele vrije basisscholen in het land al op hun twaalfde hun leraar verlaten en reizen naar één van de elf middelbare scholen in de vier regio's rond Den Haag, Amsterdam, Nijmegen of Zutphen. De vrije middelbare school wordt voortaan bekostigd als scholengemeenschap voor Mavo, Havo en VWO, waardoor klas dertien - qua leeftijd gelijk aan de niet-bestaande zevende klas op een gewone middelbare school - verdwijnt. In die klas halen leerlingen nu nog een erkend diploma Havo of VWO. In de 'bovenbouw' worden dan, zoals overal, maximaal zes klassen bekostigd. Zoals op elke gewone middelbare school zullen vrijeschoolleerlingen binnen respectievelijk vier, vijf en zes jaar een Mavo-, Havo- of VWO-diploma moeten halen.

De inhoudelijke consequenties zijn enorm, stellen de verontruste ouders. Monique Wortelboer: “Ze moeten Mavo, Havo en VWO-programma's gaan volgen, maar de vrije school deelt kinderen voor hun achttiende niet in in intelligentieniveaus. Je moet je eerst op een evenwichtige, gezonde manier ontplooien tot volwaardige volwassene. Pas daarna kun je beginnen aan toetsen en examens. De Bond zegt dat we moderniseren, maar in feite geven ze het op.” De ouders vrezen ook dat typisch vrije schoolvakken zoals sterrenkunde, euritmie, calligraferen en landmeten zullen sneuvelen ten gunste van cognitieve vakken.

De Bond van Vrije Scholen bestrijdt dit. “We begrijpen de zorgen van ouders, maar sommige mensen fixeren zich te zeer op het verleden. We zullen alles doen om de vrijeschoolidentiteit zoveel mogelijk te handhaven”, zegt Kees Lam, voorzitter van het bestuur, in Driebergen. De Bond is niet zomaar gezwicht voor financiële druk uit Zoetermeer, stelt hij. Een meerderheid van de vrije scholen vindt volgens hem al jaren dat het tijd werd om te vernieuwen. Neem de samenvoeging van klas zeven, acht en negen - de drie brugklassen op gewone scholen. “Wij vinden dat een middenbouw gunstig kan uitpakken voor kinderen in de puberteit.”

De onstuimige groei van de vrije school in de jaren zeventig is voorbij. Ook vrijeschoolouders blijken in de jaren negentig geïnteresseerd in een erkend diploma. Steeds vaker sturen ze hun kind na de vrije basisschool naar een gewone middelbare school. Gunstige bijkomstigheid is dat hun kind dan niet ver hoeven te reizen. Dat de dertiende klas verdwijnt, is volgens Lam geen ramp, want het vrijeschoolprogramma kan sneller - effectiever, zegt Lam haast verontschuldigend.

Daarnaast moet de vrije school uit haar isolement. “We kunnen niet als enige organisatie in de samenleving op een eiland blijven leven”, vindt Lam. Het besloten karakter van de vrijeschoolbeweging kwam de afgelopen jaren telkens tot uitdrukking in haar defensieve houding als er in de media aantijgingen werden geuit over racisme in het werk van Steiner. Wij zijn geen racisten, maar we willen het er niet over hebben want de buitenwereld begrijpt onze bewondering voor Steiner toch niet, zo luidde steevast de reactie. Op enkele vrije scholen werden sterotypen gehanteerd, zoals dat 'negers dikke lippen hebben'. De Bond wijst erop dat ze op die scholen een gedragscode heeft ingevoerd.

Veel vrijeschoolwaarden blijven wel degelijk overeind na de hervorming, is de stellige overtuiging van Lam. De eerste drie klassen van de middelbare school blijven vrij van selectie, waardoor leerlingen van alle niveaus bij elkaar zitten en zelfs in de vierde klas zullen ze kunstvakken en vakken als geschiedenis en aardrijkskunde gezamenlijk volgen. De klassikale lessen, typerend voor de vrije school, worden pas in de hoogste klassen losgelaten, waar leerlingen individueel en zelfstandig werken volgens de principes van het studiehuis.

Ook de waardering voor andere kwaliteiten dan het vermogen om kennis te vergaren, zoals kunstzinnige en sociale vorming, blijft bestaan. Zelf werkt Lam bij Philips, waar hetzelfde principe geldt: “Als wij een sollicitatiegsprek met iemand voeren, zijn zijn cijfers van ondergeschikt belang. We willen weten mensen zelf opvattingen hebben.” Het zittenblijven, één van ijkpunten waar middelbare scholen tegenwoordig op worden beoordeeld in de Kwaliteitsgids, zal de vrije school hoe dan ook niet invoeren, aldus Lam. Examens en tentamens worden verplicht, erkent hij, maar zo schadelijk is dat niet volgens hem. “Kinderen willen zelf ook bewijzen dat ze iets kunnen.”

Maar ook de Bond kan niet ontkennen dat de vrije school te maken zal krijgen met zaken als meerkeuzevragen, omdat die onderdeel zijn van de eindexamens. Gruwelijk, vindt leraar Jack Stroop, die op zichzelf vóór de hervormingen is (“sommige mensen doen alsof alles wat van buiten komt slecht is”). De CITO-toets, die in de toekomst waarschijnlijk verplicht wordt op alle basisscholen, en meerkeuzevragen druisen in tegen de kern van het vrijeschoolonderwijs. “Als je alleen vraagt naar A, B, of C, denkt een kind niet meer na, dan herhaalt hij een antwoord dat hij in zijn hoofd heeft moeten stampen. Dat is waardeloos”, aldus Stroop.

Na een uur Nederlands, vrijdagochtend op de Geert Groote school in Amsterdam, mag klas zeven tien minuten jongleren. Kennelijk de gewoonste zaak van de wereld, want van onder elke tafel halen de leerlingen twee leren balletjes tevoorschijn. Kijk, dit is waarom Nienke (12) de vrije school zo leuk vindt. Elke ochtend fietst ze drie kwartier in haar eentje uit Amstelveen om hier naar school te kunnen. Acht klasgenoten komen er uit Almere - anderhalf uur reizen - en Amstelveen, omdat de zevende klassen daar al zijn geschrapt, vooruitlopend op de hervormingen. Zo ook Michiel de Vries (13) uit Almere. Zijn vrienden? Die zitten nu op een gewone middelbare school in Almere. En ook hij had zichzelf liever de drie uur bespaard die hij nu dagelijks onderweg is. Maar hij is gehecht aan de vrije school - zijn oudere zus en broer zitten er ook op. Hij trekt een vies gezicht: “Ik hoor van vrienden dat lessen op een gewone school heel saai zijn. Dat lijkt me helemaal niks.”