Netelenbos en de dubbele last van 'minder hinder'

In de verwikkelingen rond Schiphol zijn er twee duidelijk te onderscheiden problemen waarmee minister Netelenbos op korte termijn worstelt: een juridisch en een politiek.

ROTTERDAM, 3 OKT. Tineke Netelenbos is haar carrière als minister van Verkeer en Waterstaat in moeilijke omstandigheden begonnen. Binnen enkele weken na haar aantreden lag ze overhoop met de milieubeweging, met de luchthaven Schiphol en met een deel van de Tweede Kamer. Het lijkt wel of al die conflicten over hetzelfde gaan, maar dat is niet zo. Het conflict met Schiphol is anders van aard dan het conflict waarin de bestuursrechter gisteren uitspraak deed, het heeft betrekking op een ander jaar, en het gaat over een nadere kwestie.

Gisteren ging het over de nu dreigende overschrijding van de wettelijke geluidsnormen. De milieubeweging eiste dat de minister zou ingrijpen. De minister wil echter overschrijdingen gedogen. Dit is in de eerste plaats een juridisch conflict tussen de minister en de milieubeweging, en het heeft betrekking op de vluchten in 1998. Politiek is er vooralsnog weinig aan de hand: de bewindsvrouwe geniet de steun van een Kamermeerderheid.

Daarnaast ligt Netelenbos in de clinch met Schiphol over het gebruiksplan voor 1999 dat de luchthaven heeft ingediend. Netelenbos wees dat plan af, omdat het aantal ernstig gehinderde woningen in 1999 maximaal ruim 14.000 zou bedragen, terwijl kabinet en Kamer er eerder dit jaar van uit waren gegaan dat het aantal gehinderde woningen tot 12.000 beperkt zou blijven. Als het niet mogelijk is om het aantal vluchten waarmee de Kamer heeft ingestemd (400.000 in 1999) af te wikkelen met maximaal 12.000 ernstig gehinderde woningen, dan moet een pijnlijke keuze worden gemaakt tussen meer gehinderde woningen of minder vluchten. Dat is een politiek probleem, een potentiële splijtzwam voor de paarse coalitie.

Eerst de kwestie van gisteren. Dat ging over de vraag of de minister móet ingrijpen als Schiphol meer lawaai produceert dan wettelijk is toegestaan. Dat hoeft niet per se, zei de rechter. De minister mag een overschrijding van de wettelijke geluidsgrenzen gedogen. Maar dat mag ze niet onbeperkt, aldus de de fungerend president van de Amsterdamse rechtbank, D. Allewijn. Hij stelde daaraan voorwaarden.

Netelenbos moet nu binnen vier weken laten weten op welke punten zij overschrijding van de normen wil toestaan. Dat niet alleen, zij moet dat besluit ook motiveren. Zij zal zich beroepen op voornemens om de wettelijke geluidszone te wijzigen. Het gedogen is dan een vooruitlopen op de nieuwe regels. De bedoeling van die wijziging is dat er uiteindelijk niet meer woningen in het hindergebied zullen liggen dan nu is toegestaan (15.100). Het idee is dat door de vorm van de zone te wijzigen meer vluchten kunnen worden uitgevoerd zonder dat er bij meer huizen hinder ontstaat. Wel zal de hinder voor een deel bij andere huizen terecht komen dan nu.

Als de minister aannemelijk kan maken dat het inderdaad mogelijk is om in een andere vorm van de wettelijke hinderzone meer vluchten af te werken dan nu terwijl daar minder woningen in liggen, dan mag ze gedogen, vindt de rechter. Dat zal niet eenvoudig zijn. Daarvoor heeft ze gedetailleerde berekeningen nodig en daarvoor moet Schiphol eerst gedetailleerde voorstellen leveren voor hoe die vluchten de komende jaren zouden kunnen worden afgewikkeld. Het is de vraag of dat allemaal binnen vier weken lukt.

Maar ook als de minister er niet in slaagt om aannemelijk te maken dat er minder hinder ontstaat, is ze niet verloren. Als waarschijnlijk is dat de nieuwe regels zullen worden aangenomen, dan mag de minister ook gedogen. “Die inschatting zou aan overtuigingskracht kunnen winnen, indien zij wordt gemaakt in dialoog met organisaties zoals verzoekers, die zich het belang van de omwonenden aantrekken”, aldus de rechter. Ook dat lijkt niet eenvoudig, want veel basis voor een vruchtbare dialoog met de milieubeweging is er niet.

Dan het politieke probleem over het gebruiksplan voor volgend jaar. Dat is een netelige kwestie. Toen het kabinet dit voorjaar de luchthaven toestond met 20.000 vluchten per jaar te groeien, leek er sprake te zijn van wat in Haags jargon een win-win-situatie heet: meer vluchten (Schiphol blij, goed voor de economie) én minder hinder. De Kamer had er weinig moeite mee: het leek immers te mooi om waar te zijn.

Dat was het ook, bleek toen Schiphol de plannen voor volgend jaar in detail op een rij had gezet. Zo veel vluchten met zo weinig hinder kan niet, betoogde de luchthaven. Dat had Schiphol de minister al lang laten weten, maar de Jorritsma had de Kamer daarover niet ingelicht. Ook voor Netelenbos vervelend, maar niet onoverkomelijk. De vraag is nu hoezeer het kabinet en de Kamer hechten aan die 12.000 woningen. Maar zelfs als die grens boterzacht blijkt, dan nog is de kwestie niet opgelost. De Kamer kan instemmen met 400.000 vluchten volgend jaar bij 14.000 ernstig gehinderde woningen, maar het dilemma keert dan bij het gebruiksplan voor het jaar 2000 in verhevigde mate terug. Het aantal gehinderde woningen zal dan nog hoger liggen.