Immer vrolijk

Zelfs de Portugezen kregen hem niet stuk. Harry van Raaij blijft lachen. Ongetemperde vreugde is zijn handelsmerk. Als ik hem zie moet ik altijd aan dat zinnetje van Huizinga denken: “Ons besef van eigen land bloeit in de sfeer van kinderherinneringen en terugverlangen, nostalgia.” Zijn eigen land is PSV. Eens een club van melk en honing, ooit Europees kampioen.

Het heden is onbelangrijk. Er zijn de herinneringen, en er is later. Als doorknede katholiek doet de voorzitter alles voor later. Een aanloopjaar, een overbruggingsjaar, een overgangsjaar, wat maakt het uit? Christus heeft ook nog dertig jaar geleefd voor Hij mocht verrijzen. In Lissabon liep PSV tegen het derde verlies op rij aan: het zij zo. Van Raaij is immuun voor chagrijn. Afbreukrisico is een Randstadbegrip, daar liggen ze in het Zuiden niet wakker van.

De ongegeneerde gelukzaligheid van het PSV-gezinnetje is uniek in de voetbalcultuur van tegenwoordig. Niet alleen Van Raaij is blij, ook coach Bobby Robson is een en al glimlach. Na het verlies tegen Benfica danste hij bijna van vreugde. Mister Smile had een prachtige wedstrijd gezien, en daar gaat het toch om. De punten, de miljoenen, de statistieken, daar staat een club als PSV boven. Als het volk zich maar vermaakt heeft is het al lang goed.

Robson is een lieve opa met een schitterende conduitestaat. Hij is de mooiste butler die de Engelse klassenmaatschappij heeft voortgebracht. Een sieraad voor de happy few en hun weduwen en wezen. Als de dood hem roept zal hij hoffelijk en misschien wel een tikje uitbundig de ogen sluiten. Maar zo lang hij op het veld staat, mag je van een coach toch verwachten dat hij het normale repertoire van woede en teleurstelling beheerst. Een trainer is er ook om een gepaste grafstemming op te wekken, vraag dat maar aan Leo Beenhakker. Het is maar sport, maar je kan niet, zoals de charmante Brit in Lissabon, als een lichtjes beschonken tapdanser in het verlies staan.

Van Van Raaij kan ik de goedlachse nonchalance nog enigszins begrijpen. Die 35 miljoen van Jaap Stam zijn binnen en de opbrengst van Boudewijn Zenden en Wim Jonk was ook niet mis. PSV zit er warmpjes bij - die paar centen van de Champions League doen er niet zoveel meer toe. Er is ook de wellust van het monopolie die de hang naar onzekerheid wegneemt. Waar kunnen Eindhovenaren die zich boven het parochiale kroeggewoel willen verheffen, anders heen dan naar het PSV-stadion? Rudy Fuchs is het museum jaren geleden ontvlucht. In het plaatselijk theater spelen alleen Belgen. En in de betere bistro's dineert de onderwereld. Bij mist en donkerte heeft het stadion nog wél staatsie.

PSV dreigt het Anderlecht van Nederland te worden: geld zat, maar geen beleid. Dat ligt niet aan Van Raaij en ook niet aan Robson. De stuurloosheid is het gevolg van het zuiderse adagium: hoe meer zielen, hoe meer vreugd. Ze zijn ontelbaar geworden, de directeurtjes, de assistenten, de scouten, de administrateurs, de koks en obers die rond de club fladderen. Allemaal met aanhang, en met de pretentie het laatste woord te spreken. En nooit wordt iemand afgerekend op zijn daden.

Wat zou de inbreng zijn van Tonnie Bruins Slot die al een paar jaar de wereld afdweilt op zoek naar genetisch talent? Ik kan mij niet herinneren dat de voormalige assistent van Johan Cruijff al één transfer heeft bewerkstelligd die het signaleren waard is. En wat heeft Kees Ploegsma nog bij PSV te zoeken? Hij behartigt niet alleen de belangen van sommige spelers, maar, naar ik hoor, ook van de oudere terreinknechten, de telefonistes en een enkele directiesecretaresse. Het zal sociaal bedoeld zijn, maar verwarrend is het wel.

Waar zou Frank Arnesen toch uithangen? Vroeger zag je hem om de twee dagen in een of andere NOS-studio. Hij behoorde toen ook tot het genootschap van de lach en het beschaafd jolijt. Als manager is hij door de jaren heen steeds schimmiger geworden. De open blik is weg. Ik heb de indruk dat Frank een beetje de weg kwijt is. Hij had in ieder geval moeten weten dat Xavier, Nikiforov, Oyen en andere Kolkka's eerder voetballers zijn voor Sparta dan voor PSV. Zoals hij ook had kunnen weten dat Ronald Koeman het ingeslapen elftal meer vernuft te bieden heeft dan Eric Gerets. Maar Koeman was vrij en bij PSV houden ze nou eenmaal van ingewikkelde constructies.