'Onderzoekcentrum in Ness Ziona moet weg'

In Ness Ziona is het supergeheime Biologisch onderzoekcentrum, gevestigd. De burgemeester is bezorgd over de risico's ervan. Dat centrum moet hier weg, vindt hij.

NESS ZIONA, 2 OKT. In de werkkamer van burgemeester Joseph Shvo hangt aan de wand een luchtfoto van Ness Ziona, maar het in opspraak gekomen Biologisch onderzoekcentrum staat er niet op. “Het is een militair object en daarom geheim”, legt de burgemeester uit. “Geen enkel militair object staat op foto's.” Op de plaats waar de afgelopen vijftig jaar dit supergeheime Biologische onderzoekcentrum op de foto ontbreekt, is een grote sinaasappelplantage geprojecteerd.

De omtrekken van dit grote militaire complex zijn evenmin te zien op de luchtfoto in het kantoortje van de aannemer Malibu, die op nog geen kilometer van het supergeheime complex een luxe woonwijk bouwt. Ronen Sror, de verkoopleider, zegt op besliste toon dat de nabijheid van de wijk bij dit “militaire geheim” potentiële kopers wel afschrikt. “Maar toch verkopen we en de prijzen waarvoor de appartementen en huizen van de hand gaan worden er niet door gedrukt.” Kopers moeten ten minste een half miljoen gulden op tafel leggen.

Een andere wijk is in aanbouw op slechts enkele tientallen meters van het elektronisch bewaakte hek aan de noordkant van het onderzoekcentrum. Tijdens een autorit op de wegen rond het onderzoekcentrum zijn de verspreide gebouwen goed te zien. Sommige zijn oud, andere maken een moderne indruk. Er werken driehonderd technici en geleerden. Het terrein is heuvelachtig en de vraag rijst onmiddellijk wat er in die heuvels onder de grond zit. Israel heeft de gewoonte topgeheime militaire complexen in te graven, zoals vlakbij mijn woonplaats Ramat-Hasharon, waar diep onder de grond over een groot gebied een munitiefabriek is uitgegraven.

Joseph Shvo, de burgemeester van Ness Ziona, is er niet zo zeker van dat chemicaliën ter vervaardiging van het zenuwgas Sarin, die volgens de vrachtbrief van de neergestorte El Al-Boeing voor het Biologisch onderzoekcentrum waren bestemd, ook daar zouden zijn aangekomen. “Dit instituut is niet uitsluitend in Ness Ziona gevestigd. Hier zijn de laboratoria, de productie vindt elders plaats. Daarom ben ik minder bezorgd.”

Mocht er tijdens proeven of tijdens een ongeluk wat zenuwgas vrijkomen, “dan is dat niet zo gevaarlijk”, aldus Shvo. Maar de burgemeester is wel doodsbenauwd voor het ontsnappen van “biologische wapens”. “Ik hoop dat ze er niet zijn. Ik mag het ook niet weten”, zegt hij. “Ik ben tweemaal in het Biologisch onderzoekcentrum geweest en ik weet niet wat ze er doen.”

“Ze zeggen daar dat de hoeveelheid materiaal dat wordt gebruikt, niemand in gevaar brengt.”

Dat de 80-jarige professor Marcus Klingberg van het Biologisch onderzoekcentrum wegens spionage voor de vroeger Sovjet-Unie zo lang in eenzame oplsluiting is vastgehouden en na zijn recente vrijlating een soort huisarrest heeft met bewakers van de binnenlandse veiligheidsdienst, de Shin-Beth, om zich heen, is voor de burgemeester een aanwijzing dat “er iets niet in orde is daar”.

“Ik denk dat het goed is dat Israel de mogelijkheid heeft om te reageren op wat de vijand doet. Maar laten ze het niet in Ness Ziona maken. Laten ze het maar ergens anders doen”, zegt hij, ergens waar omwonenden minder gevaar lopen.

Daarom wil Shvo dat het onderzoekcentrum uit zijn stad verdwijnt. Aan het einde van het gesprek aarzelt hij of hij mij de naam van de directeur van het onderzoekcentrum zal geven. “Waarom zou ik me in moeilijkheden brengen. Vraag dat maar aan het ministerie van Defensie.”

Eerder in het gesprek zei de burgemeester dat de desbetreffende directeur in een huis op nog geen honderd meter van het onderzoekcentrum woont. Met vrouw en kinderen. “Dan moet het toch niet zo gevaarlijk zijn”, zegt hij. Als ex-militair wil Joseph Shvo voor Ness Ziona geen risico's. Het Biologisch onderzoekcentrum moet weg, vindt hij.