Huilbaby's in ziekenhuis na moeizame bevalling

ZWOLLE, 2 OKT. Huilbaby's wier moeder een zware zwangerschap en/of bevalling heeft gehad, komen eerder in het ziekenhuis terecht dan andere huilbaby's. Dat blijkt uit de voorlopige resultaten van een onderzoek naar huilbaby's in Zwolle.

Kinderarts P. Zwart van ziekenhuis de Weezenlanden analyseerde statussen van de tachtig baby's die tussen 1991 en 1996 in het ziekenhuis hadden gelegen voor darmkrampjes, kolieken of huilen. Hij vergeleek deze met de dossiers van tachtig baby's die in dezelfde periode voor reguliere controle op een consultatiebureau waren geweest.

De baby's van beide groepen bleken ongeveer evenveel te huilen. Maar van de huilbaby's in het ziekenhuis had de moeder in 60 procent van de gevallen een moeizame zwangerschap en/of bevalling gehad en van de baby's op het consultatiebureau 20 procent. Ziekenhuisverblijf van huilbaby's is omstreden. Volgens orthopedagoog E. Vos-Thiels van een medisch dagverblijf in Roosendaal horen huilbaby's niet in het ziekenhuis thuis. Zij schrijft dit in het tijdschrift Kind en Ziekenhuis. Opname zou de baby geen goed doen en het probleem niet oplossen.

Voorzitter R.A. Holl van de Vereniging voor Kindergeneeskunde erkent dat opname “niet de meest ideale oplossing” is, maar noemt het wel “adequaat”. “Op verreweg de meeste kinderafdelingen heerst rust en regelmaat. Ouders kunnen er 24 uur per dag bij hun kind zijn.”

Huilbaby's huilen ten minste drie uur per dag, gedurende ten minste drie dagen per week en drie achtereenvolgende weken. Naar schatting tien procent van de pasgeborenen is een huilbaby. Bij de meesten wordt geen aantoonbare medische afwijking gevonden.