Wielervoorzitter wist van gebruik doping Festina

LAUSANNE, 1 OKT. Hein Verbruggen, de Nederlandse voorzitter van de internationale wielrenfederatie (UCI), was op de hoogte van het dopinggebruik bij Festina lang voordat de Franse wielerploeg uit de Tour de France werd gezet en door justitie werd gehoord. Verbruggen heeft tegenover deze krant verklaard dat een voormalige Festina-renner hem begin dit jaar vertelde dat de ploeg werkte met een zwarte kas waaruit dopingmiddelen werden gefinancierd. Deze pot werd door renners met prijzengeld gevuld.

Verbruggen had Festina-ploegleider Bruno Roussel in de Tour willen aanspreken over de zwarte kas, maar toen hij in de Ronde van Frankrijk kwam, was Roussel al in hechtenis genomen. De dopingaffaire kwam aan het licht toen vlak voor de start van de Tour Festina-verzorger Willy Voet bij de Frans-Belgische grens met een lading van het bloeddopingmiddel EPO werd aangehouden. Nadat Roussel was gearresteerd, schorste de UCI hem als ploegleider.

Ongeveer vijf weken voor het begin van de Tour sprak Verbruggen telefonisch met Roussel, maar hij bracht de zwarte kas toen niet ter sprake. Hij gaf de voorkeur aan een gesprek onder vier ogen in de Tour. Verbruggen: “We hadden geen harde bewijzen, maar ik wilde hem toch laten voelen dat we iets wisten. Ik had hem willen zeggen: Bruno, ik kan niks bewijzen, maar denk niet dat wij niks weten. Ik weet dat jij een zwarte kas hebt.” Verbruggen hoopte zo een einde aan de praktijken bij Festina te maken.

Roussel had Verbruggen gebeld met de vraag of die er voor kon zorgen dat zijn renner Christophe Moreau, die op dopinggebruik was betrapt, toch aan de Tour zou kunnen meedoen. Verbruggen verwees hem naar de Franse bond. “Roussel zei dat het een actie betrof van een soigneur die Moreau ervan had overtuigd een product te nemen dat hij niet had mogen nemen. Volgens Roussel was die renner daarvan het slachtoffer en had het niets met de ploeg te maken. 'Wij doen zulke dingen niet', zei Roussel. Hij rekte de procedure zo lang dat Moreau meekon naar de Tour. Daar waren we niet gelukkig mee, maar we konden er niets tegen ondernemen.”

In politieverhoren verklaarde Roussel dat de dopingproducten voor zijn ploeg werden betrokken van de Spaanse Festina-arts Jimenez. De betalingen werden gedaan door de firma Prosport (met Roussel als directeur) die een rekening heeft bij Banca Mora in Andorra. Prosport maakte de bedragen over op een rekening van Jimenez bij een andere niet nader genoemde bank in Andorra.