Trots en weemoed bij verkoop busbedrijven van VSN; Topman Sevenstern streeft naar 'stuk of drie thuismarkten' in Europa

Met de verkoop van twee busdochters aan het Britse bedrijf Arriva zet VSN-topman Frans Sevenstern zelf de deur wijd open voor concurrentie in het streekvervoer. “We doen dit niet onder druk van de politiek.”

UTRECHT, 1 OKT. Hij noemt zichzelf “geen busman”, maar hij staat wel aan het hoofd van het bedrijf dat negentig procent van alle busritten in Nederland verzorgt. Frans Sevenstern, sinds een jaar bestuursvoorzitter van streekvervoerder VSN, heeft deze week een radicale stap gezet om busmonopolist VSN kennis te laten maken met de vrije markt. Met de verkoop van de twee noordelijke vervoersdochters Veonn en Hanze aan het Britse beursgenoteerde bedrijf Arriva krijgt VSN in de eigen achtertuin te maken met een financieel krachtige concurrent. Arriva, dat vorig jaar Vancom Nederland overnam, heeft grote plannen in Nederland. Sevenstern, afkomstig van autofabrikant Nedcar, toont zich strijdlustig: “Niets is beter voor een bedrijf dan de hete adem van goede concurrenten”.

Met de verkoop van Veonn en Hanze stoot u in één keer een groot deel van VSN af. Heeft u nu een gevoel van trots of toch meer een gevoel van weemoed?

“Beide. We wisten dat we moesten worden opgesplitst, dat was - gezien de wensen van de politiek - onvermijdelijk. Maar het is zeker niet zo dat ik blij ben dat ik er nu vanaf ben. Wel ben ik zeer tevreden dat we die bedrijven in ieder geval goed onder de pannen hebben, dat we de werknemers van Veonn en Hanze continuïteit hebben kunnen bieden. Arriva is een goed bedrijf, dat zien we aan de manier waarop ze in andere landen opereren.”

U krijgt van Arriva 150,5 miljoen gulden voor de overname. Mag u dat geld als VSN zelf houden of gaat het naar uw enige aandeelhouder, de overheid?

“We gaan ervan uit dat we het in het bedrijf kunnen houden. We dragen immers ook zelf de kosten van de reorganisatie van VSN (waarbij 1.300 mensen moeten verdwijnen, geschatte kosten 250 miljoen gulden, red.) en die kosten betekenen een forse aanslag op onze solvabiliteit. Met de opbrengst van de verkoop kunnen we die verhouding weer verbeteren.”

Gaat VSN de komende periode nog meer verkopen? Hermes bijvoorbeeld, uw busbedrijf in het zuiden?

“We hebben daarover wel ideeën, maar daar brengen we nu nog niets over naar buiten. We zullen ook kijken of we met anderen kunnen gaan samenwerken. Het is een lastig proces, omdat we moeten balanceren tussen zorgvuldigheid en tijdsdruk. Die tijdsdruk komt enerzijds van de overheid, die bepaalde plannen heeft met het openbaar vervoer, maar ook van de markt zelf. De concurrentie gaat nu eenmaal door, dat zien we in heel Europa. Maar het is zeker niet zo dat we nu in paniek allerlei onderdelen gaan verkopen.”

Op dezelfde dag dat u bekend maakte dat Arriva Veonn en Hanze kon overnemen, waarmee de Britten in één keer 20 procent van de streekvervoermarkt in handen krijgen, vergaderde de Tweede Kamer over marktwerking in het openbaar vervoer en de positie van VSN daarin. Was dat wel toeval? Het komt u immers heel goed uit dat de Kamerleden nu het idee krijgen dat u vrijwillig concurrentie toelaat.

Sevenstern lachend: “Het is echt toeval. We hebben dit weekeinde nog over allerlei zaken onderhandeld en wij hebben niet die bijeenkomst in de Tweede Kamer geprikt. Maar het is wel een teken van goede wil. Waarbij ik nog eens herhaal dat niet handelen uit defensief oogpunt.”

U wilt met VSN ook buiten Nederland de vleugels uitslaan. Een deel van de verkoopopbrengsten kan ook daarvoor worden gebruikt, zei u. Hoe moet die expansie eruit gaan zien?

“Je zou kunnen denken aan allerlei regionale verbanden binnen een deel van Europa, zeg maar vanaf Denemarken, via Duitsland en België, tot Frankrijk. Daarbij hebben we een voorkeur voor samenwerking en niet voor overnamen. Mocht de zaak mislukken, dan ben je bij een samenwerking weer zo van elkaar af. We zullen niet in het wilde weg aan een Europese expansie beginnen, maar uiteindelijk zouden we, om sterk te staan in Europa, uiteindelijk wel een stuk of drie thuismarkten moeten hebben.”

Bent u niet te ambitieus voor dit bedrijf?

“Ieder bedrijf heeft ambitie nodig. Maar je moet natuurlijk wel altijd blijven opletten dat je niet te veel hooi op je vork neemt.”