Portugal trots en argwanend over Expo'98

Met trots, maar ook met een gezonde portie argwaan neemt Portugal afscheid van zijn Expo. Het officieel begrote tekort van zo'n 800 miljoen gulden kan in de toekomst wel eens aanzienlijk hoger uitpakken, vreest de helft van de bevolking.

LISSABON, 1 OKT. “Portugal, Portugal!” Terwijl een imposant vuurwerk de oevers van de Taag in brand lijkt te zetten, kan een groepje jongeren zijn enthousiasme niet langer bedwingen. De wereldtentoonstelling Expo'98 zit er op en Portugal nam afgelopen nacht met herwonnen trots afscheid van een feest dat vijf maanden duurde. Tot in de vroege morgen was het Expoterrein het toneel van een volksfeest begeleid door slepende Fado's en het opzwepende ritme van muziekgroepen uit Brazilië en Guinee-Bissau. Lissabon was zo massaal op komen dagen dat de metro tot in de vroege uurtjes de aanblik bood van Tokio tijdens de ochtendspits.

Met trots, maar ook met een gezonde portie argwaan neemt Portugal afscheid van zijn Expo. Trots omdat een klein en arm land toch maar heeft bewezen waartoe het in staat is. Maar zoals altijd wordt de rekening pas later gepresenteerd. En het officieel begrote tekort van 70 miljoen contos, ofwel zo'n 800 miljoen gulden, kan in de toekomst wel eens aanzienlijk hoger uitpakken, vreest de helft van de bevolking. En de schuldigen daarvan komen er waarschijnlijk zonder enige kleerscheuren vanaf, zo was een breed gedeeld vermoeden, aldus een enquête uitgevoerd door het dagblad Público.

Zeker is dat het tot op de laatste dag druk bleef op het Expo-terrein. Voor de ingang van het Spaanse paviljoen stond gisteren een rij van honderden meters. “We hebben twee en een half uur gewacht voor we er in konden”, zegt een Portugees meisje dat met haar vrienden naar buiten komt. De groep had het na een minuut of twintig wel gezien. Loonde het lange wachten de moeite? “Jazeker”, zegt de bezoekster dapper. Haar vrienden halen weifelend hun schouders op. Ze moeten nu snel door naar Japan en Argentinië, want de middag is zo om met dat gewacht en er ontbreken nog twee stempeltjes in hun Expo-paspoort.

Een paar deuren verderop in het Nederlandse paviljoen zucht directeur Okke Vorstman eens diep. “Er waren dagen dat we op ons dooie akkertje drie keer meer bezoekers hadden dan dat hele Spanje”, schampert de directeur. Nederland noteerde 1.725.000 bezoekers en deelt daarmee met Frankrijk een eervolle vijfde plaats als meest bezochte locatie. “Het is schandalig dat mensen die veel geld hebben betaald hier uren moeten wachten omdat de toegang maar beperkt is. Wij hebben hier een free flow, zodat de mensen onbelemmerd toegang hebben”, constateert Vorstman tevreden. Geen liftjes waar maar weinig mensen in kunnen, of moeilijke trapjes, maar een ruime open deur en de mensen stromen toe.

Ook op andere fronten is het met het humeur van de directeur dit jaar aanzienlijk beter gesteld dan bij de wereldtentoonstelling in Sevilla in 1992. De ruzies rondom sponsorgelden en ingewikkelde uitbesteding van het werk aan derden ontbraken ditmaal. Vorstman ondervond wel aanhoudend last van Portugals bureaucratische mentaliteit als het op organiseren aankomt. Zo werd de nationale dag van Nederland danig belemmerd door het niet tijdig leveren van de toegangskaartjes voor het optreden van het Residentie-orkest, naar verluidt omdat het logo nog niet was aangebracht.

Geen Expo zonder schandaaltjes. De overstroming van een tiental tentoonstellingen nadat iemand het dak had laten openstaan tijdens een regenbui. Vierhonderd Marokkaanse jongeren die met hun jeugdorganisaties afreisden naar de Expo en van wie er slechts veertig weer terugkeerden naar hun vaderland. Onheil op grotere schaal kwam ditmaal in de vorm van de chef comptabiliteit van de Expo, die een 17 miljoen gulden aan voorschotten van woningbouwcorporaties in eigen zak had gestoken. De man is inmiddels gevangen, het onderzoek gaat voort. Volgens woordvoerders van de Expo zal de fraude geen nadelig gevolg hebben op de resulatenrekening. Maar hoewel weer snel vergeten, doet de kwestie het sluimerende wantrouwen in de goede afloop geen goed.

Opmerkelijk geheimzinnig wordt er gedaan rond de aantallen bezoekers aan de Expo. Die aantallen vielen de eerste maanden zo drastisch tegen, dat er zelfs een lichte paniek binnen de organisatie dreigde te onstaan. Haastig werd het avondbezoek aan de Expo opgeschroefd door concerten in te lassen van Ringo Starr, Joe Cocker en David Byrne. De 8,3 miljoen voorziene bezoekers blijkt, met inmiddels circa 9,6 miljoen, ruim overschreden. Maar over het streefcijfer van 15 miljoen bezoeken (bezoekers met een duurdere kaart om vaker dan een keer de Expo bezoeken) wordt niets meer vernomen en dus heerst er bij velen de vrees dat vooral door de verkoop van goedkopere kaarten de inkomsten nog wel eens tegen zouden kunnen vallen.

Vooralsnog heerst de tevredenheid van het herwonnen zelfvertrouwen. Als alles goed gaat wordt het Expoterrein het hart van een nieuwe wijk in Lissabon, met zo'n 25.000 bewoners en waar nog eens 18.000 mensen werk vinden. In functie blijft het Oceanário, een van Europa's grootste zeeaquaria. De noordelijke expositiehallen worden het Lissabons Beursterrein. Het Portugal-paviljoen, een meesterwerk van architect Alvaro Siza, verandert in de nieuwe zetel van Portugals Ministerraad. En het multifunctionele Oost-station van architect Calatrava moet het gebied permanent ontsluiten. Lissabon heeft geleerd van Sevilla, waar het Expoterrein niet veel meer voorstelt. De investering aan de oever van de Taag moet ook op lange termijn rendabel worden.