EU wacht met smart op Schröder

Nu de Duitse verkiezingen voorbij zijn, maakt de Europese Unie zich op om samen met een nieuwe Duitse regering een berg politiek gevoelige kwesties aan te pakken.

BRUSSEL, 1 OKT. Al vele maanden is bij de Europese Unie geen enkele knoop doorgehakt. Er moest gewacht worden tot na de verkiezingen een Duitse regering weer voldoende speelruimte zou hebben om besluiten te nemen. Diplomaten in Brussel hielden rekening met de mogelijkheid dat een nieuwe Duitse regering bij onderhandelingen andere accenten zou gaan leggen dan de regering-Kohl. Daarom lieten vertegenwoordigers van de EU-lidstaten zich in afwachting van de Duitse verkiezingen niet in de kaart kijken.

De onderhandelingen over de meerjarenbegroting van de EU vanaf 2000 kunnen met een nieuwe Duitse regering eindelijk serieus beginnen. Verwacht wordt dat Schröder vast zal houden aan de eis van de regering Kohl dat Duitsland minder aan de EU moet betalen. Frankrijk bereidt zich er al op voor om aan deze Duitse eis tegemoet te komen door meer lasten op zich te nemen. Ook Nederland hoopt op een lagere netto-bijdrage aan de EU. Maar vooral zuidelijke lidstaten verzetten zich tegen een herverdeling van de lasten. De Europese Commissie, die lange tijd niet over een herverdeling wilde horen, komt binnenkort met een rapport over de voor- en nadelen van de verschillende systemen.

Een andere moeilijke kwestie is de hervorming van het gemeenschappelijk landbouwbeleid. Die is noodzakelijk in verband met de EU-uitbreiding in oostelijke richting. De landbouwsector verzet zich tot nu toe hevig tegen hervormingen. Dat verzet wordt nog versterkt door de negatieve gevolgen van de crisis in Rusland voor de export van landbouwproducten uit de EU. Verwacht wordt dat bij deze onderhandelingen een regering-Schröder zich soepeler zal kunnen opstellen dan de regering-Kohl, die nauwere banden met de plattelandsbevolking had. Aan de andere kant kunnen milieu-eisen voor de landbouwsector van de groenen de zaak weer moeilijker maken.

De onderhandelingen over de uitbreiding zijn een andere belangrijke zaak. De Europese Commissie wil in november de daadwerkelijke onderhandelingen starten met Polen, Tsjechië, Hongarije, Slovenië, Estland en Cyprus. Verschillende lidstaten willen deze onderhandelingen, als ze al in november moeten beginnen, zo traag mogelijk laten verlopen. Ze willen ook lange overgangstermijnen eisen. Ze zien op tegen de kosten van de uitbreiding van de EU. Met name Oostenrijk en Duitsland moeten er voorlopig ook nog niet aan denken dat Polen het recht krijgen binnen de EU te werken.

Een kwestie die nog dit jaar geregeld moet zijn is de benoeming van een nieuwe secretaris-generaal van de Raad van Ministers, die het buitenlands beleid van de EU internationaal moet gaan presenteren. Hoewel er allerlei namen van kandidaten circuleren, kan de werkelijke strijd over de bezetting van deze post pas met een nieuwe Duitse regering beginnen.

Frankrijk rekent erop dat een besluit over een vertegenwoordiging van Euroland bij internationale financiële organisaties met een regering-Schröder gemakkelijker kan worden genomen. Als de voorzitter van de Euro-11 (de ministers van Financiën van de landen die aan de euro deelnemen) die positie krijgt, kan dit informele orgaan een officiëlere rol gaan spelen. Frankrijk heeft van de Euro-11 altijd een politieke tegenhanger van de onafhankelijke Europese Centrale Bank willen maken. Het is daarbij op harde tegenstand van Duitsland en ook Nederland gestuit.

Bij overleg van de ministers van Financiën het afgelopen weekeinde in Wenen wilde de regering-Kohl nog niets weten van een naar buiten optreden van de voorzitter van de Euro-11. De president van de Europese Centrale Bank, Duisenberg, zou deze taak alleen moeten uitvoeren. De Nederlandse minister Zalm verzette zich niet. Frankrijk verwacht dat de regering Schröder aan het Duitse verzet een einde zal maken.

De Franse socialistische regering van Jospin pleit voor een Europees werkgelegenheidsbeleid, maar volgens bondskanselier Kohl was werkloosheidsbestrijding een zaak van de lidstaten. Overeengekomen werd dat de EU-lidstaten nationale werkgelegenheidsplannen zouden maken en dat de Europese Commissie jaarlijks zou controleren in hoeverre die plannen worden uitgevoerd en wat de resultaten zijn.

Volgens een bericht vorige week in de Italiaanse krant La Stampa bestaat er een akkoord tussen de Franse en de Duitse socialisten om van de Euro-11 een economische regering te maken. Die zou er dan voor kunnen zorgen dat straks niet alleen de prijsstabiliteit van de Europese Centrale Bank telt, maar ook het bevorderen van de werkgelegenheid op Europees niveau.