Reactie beurzen negatief; Rente in VS omlaag met kwart procent

NEW YORK, 30 SEPT. De Amerikaanse geldmarktrente is effectief met een kwart procent verlaagd tot 5,25 procent. Het officiële disconto blijft op 5 procent. Op de internationale beurzen werd teleurgesteld gereageerd. In Amsterdam daalden de koersen vanmorgen fors, met 2,9 procent.

De renteverlaging was het resultaat van een vergadering van Federal Open Market Committee (FOMC), het beleidsbepalend comite van de Federal Reserve Board, het Amerikaanse stelsel van centrale banken. Het is de eerste verlaging van de geldmarktrente, het percentage waartegen banken van elkaar lenen, sinds januari 1996. De verwachting is dat grote banken snel hun prime-rate zullen verlagen, de rente waartegen ze lenen aan hun beste klanten. Ook rentetarieven voor creditcards zullen omlaag gaan en indirect profiteren ook hypotheektarieven van de renteverlaging.

In de afgelopen weken was er zoveel gespeculeerd over een renteverlaging dat sommige waarnemers gisteren een verlaging verwachtten van een half procent. Ook werd vooruitgelopen op een verlaging van het disconto, de rente voor leningen van de centrale bank. Uiteindelijk was er op de financiële markten dan ook een lichte teleurstelling te bespeuren.

Een verlaging van het disconto zou een duidelijk signaal zijn geweest dat de 'Fed' een renteverlagingstraject in meerdere stappen voor ogen heeft. Dat is nu volgens sommigen niet met zekerheid het geval, getuige ook de begeleidende tekst van het persbericht waarmee de verlaging gistermiddag werd bekendgemaakt. Daarin sprak de Fed van “een kleine aanpassing van het beleid”. De Fed zou zich voorzichtig willen opstellen.

Het besluit werd, aldus de Fed, genomen “om de gevolgen van toenemende zwakte in de internationale economie en ongewenste economische omstandigheden in eigen land te verzachten.” De verlaging met slechts een kwartprocent, ofwel 25 basispunten) is op zichzelf geen verrassing. Als de Fed besluit tot geldverruiming of -verkrapping begint zij altijd met een eerste stap van een kwartprocent.

“De verlaging lag geheel in de lijn der verwachtingen, al dachten sommigen dat het 50 basispunten zou worden”, zegt Micheal Casey, econoom bij Federated Investors. De aandelenkoersen daalden aanvankelijk scherp maar herstelden zich later weer. Obligatiekoersen stegen en het rendement daalde tot het ongekende niveau van 5.08 procent. Casey denkt dat er meer stappen van 25 of 50 basispunten zullen volgen. Volgens hem ging de discussie tot vorige week over een verlaging met een kwartprocent of geen verandering, maar door de moeilijkheden van het beleggingsfonds Long-Term Capital verschoof de verwachting naar ofwel een kwartprocent of zelfs een half. De renteverlaging geeft de banken volgens Casey wat ruimte om hun posities veilig te stellen. Dat de FOMC heeft besloten tot een minimale stap, wordt toegeschreven aan de tegenkrachten die Greenspan had binnen de FOMC.

De zakenbank Merrill Lynch noemde de verlaging “voornamelijk symbolisch” en verwacht gauw een volgende stap. Andere banken wezen erop dat de Fed met het besluit van gisteren het voortouw neemt om verslechtering van de situatie op de mondiale markten te voorkomen. Vooraf had zakenbank J.P. Morgan al gezegd dat de economische toestand in de VS de laatste tijd niet noemenswaardig slechter is geworden. Het was de turbulentie op de financiële markten die de Fed in de afgelopen vier weken op andere gedachten had gebracht. De Amerikaanse werkloosheid staat op 4,5 procent en er is in de VS op dit moment geen sprake van een te langzaam groeiende economie.

Op de financiële markten is teleurgesteld op de Amerikaanse renteverlaging gereageerd. In New York eindigde het Dow Jones-gemiddelde gisteren 28,32 punten (0,35 procent) lager. Ook in Europa was de reactie vanmorgen negatief. In Frankfurt en Parijs daalden de aandelenkoersen vanmorgen met respectievelijk 1,9 procent en 2,4 procent, terwijl Londen met 1 procent naar beneden ging. In Amsterdam noteerde de AEX-index rond het middaguur 27,91 punten (2,9 procent) lager op 929,98 punten. In Azië veranderden de aandelenkoersen per saldo weinig, behalve in Tokio, waar het Nikkei-gemiddelde met 3 procent daalde tot 13.406,39 punten. Dat het laagste niveau sinds begin 1986. In Latijns-Amerika was de schade op de beurzen beperkt.