Gerestaureerd melodrama

Toen 't licht verdween. Regie: Maurits Binger. Met: Annie Bos, Lola Cornero, Adelqui Migliar, Frits Bouwmeester. In: Filmmuseum, Amsterdam, 2,3,4 okt., 20.30u., 4 okt. ook 15.00u.

Van de oprichting in 1912 tot aan het faillissement kort na de dood van oprichter, drijvende kracht en regisseur Maurits Herman Binger in 1923, produceerde de filmfabriek Hollandia een continue stroom documentaires en speelfilms. Een gedeelte daarvan is verloren of verdwenen.

Een tweetal door Binger geregisseerde speefilmtitels is recent boven water gekomen. Drie jaar geleden kon het (Nederlands) Filmmuseum een gerestaureerde kopie van Het geheim van Delft uit 1917 presenteren, en twee jaar geleden verwierf men een - niet geheel complete - kopie van Toen ' licht verdween uit 1918, die in Frankrijk gevonden was.

Deze nu gerestaureerde film wordt vertoond op grofweg tweederde van de oorspronkelijke lengte. Maar alle aktes zijn aanwezig, zodat het verhaal een begrijpelijk en afgerond geheel is, al is het denkbaar dat een vollediger versie meer diepgang zou bieden.

Toen 't licht verdween is melodrama, gemaakt voor het grote publiek. Wanneer de beroemde componist Peter Greve (de Chileen Adelqui Migliar, destijds een zeer actieve filmster in Nederland) op bezoek komt bij advocaat Van Haaften, mag hij zich in de belangstelling verheugen van diens huwbare dochters, Sylvia (filmdiva Annie Bos, die haar medespelers op het gebied van filmacteren mijlenver vooruit lijkt) en Lyda (Lola Cornero). Beiden beschikken over zo'n schattig onderkinnetje waar alle actrices uit die dagen mee gezegend lijken. Vierde hoofdrolspeler is de gebochelde organist en huisvriend Robert (Frits Bouwmeester) die een heimelijke liefde voor Sylvia koestert.

Peter valt voor de zingende Sylvia. Wanneer zij enige jaren later het licht in haar ogen verliest, vraagt zij Lyda om bij te springen. Haar echtgenoot krijgt spoedig meer belangstelling voor zuslief dan voor de treurige situatie van zijn vrouw. De trouwe Robert kan Sylvia niet meer van de ondergang redden.

Bingers film is geen meesterwerk, maar biedt zoals veel oude films een ruime hoeveelheid secondair vermaak. Een blik van een toren op een onbedorven stadje, een Hollands huiskamertje, het uniform van een verpleegster. En bovenal heeft het charisma van Annie Bos weinig aan kracht ingeboet.

De muzikale omlijsting wordt verzorgd door studenten van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht. De eigentijdse composities vormen een bewuste stijlbreuk. Voor die keuze valt veel te zeggen, en ze werkte bij eerdere gelegenheden ook verfrissend. Hier wordt echter op cruciale momenten de kracht van het melodrama ook door de muziek geïroniseerd, terwijl de theatrale techniek van de acteurs daar al borg voor staat.

Een van de mooiste shots betreft de scène met het huwelijk van Sylvia en Peter. Langs de gebochelde rug van de ongelukkige organist, die speelt in de kerk waar ze trouwen, zien we in de diepte het blijde paar. De tussentitels melden, dat 'Robert nog nooit zo gevoelig gespeeld had'. De eenvoud van de woordspeling is reden voor een lach, maar het is jammer dat zo'n scène een pesterig muziekje meekrijgt.