PINDASOEP MET TOMTOM (2)

Voor de eindbereiding van deze soep is goed gebrande, dikke pindakaas nodig die het best gekocht kan worden in tropische winkels. De benodigde Surinaams selderij is niets anders dan de dunne, groene uitlopers met blad van een struik bleekselderij, die meer smaak en crunch bezitten dan snijselderij. En tot slot, voor het maken van de tomtom moet absoluut een rauwe, dat wil zeggen keiharde, bakbanaan met een gifgroene schil worden gebruikt. Bakbanaan die de rijping al heeft ingezet, valt tijdens het garen in de soep uiteen. Dat is niet echt een ramp omdat de bakbanaan veel smaak meebrengt, maar de soep wordt er opeens wel heel erg dik van.

Begin deze tweede fase van de pindasoep met het maken van de tomtom. Maal daartoe de stukken bakbanaan in een foodprocessor tot zeer fijne pulp of rasp de banaan op een middelfijne rasp. Breng de pulp op smaak met veel nootmuskaat en rol er stuitergrote balletjes van. Doe de inhoud van de pot pindakaas over in een kom en roer de massa los met 1 dl of meer van de warme bouillon (zie recept 28-9). Doe de verdunde pindakaas en het kleingesneden vlees bij de bouillon waarin de fijngesneden ui en Madame Jeanette reeds een halfuurtje werden meegekookt. Roer alles goed door elkaar. Leg de tomtom in de pindasoep en laat de balletjes op een laag vuur 8-10 minuten meegaren. Hoewel pindasoep een dikke soep moet zijn kan ze desnoods iets verdund worden voor wie het gevoel heeft een pot pindakaas te moeten oplepelen; maar in principe hoort pindasoep net als erwtensoep dikke soep te zijn. Roer vlak voor het serveren de Surinaamse selderij door de soep. Stoom de bijtgaar gekookte rijst droog in een bolzeef boven een pan met een bodempje kokend water. Vul per persoon een theekopje met gestoomde rijst, druk hem aan en stort de rijst in het midden van diepe borden. Schep de pindasoep met tomtom om de rijstkoepeltjes heen. Het is niet de bedoeling dat de rijst door de soep wordt geroerd maar dat er afwisselend van rijst en pindasoep wordt gegeten. Zo doen Surinamers dat altijd.

NB In het recept van gisteren moet u niet 0,5 maar 1,2 liter water gebruiken voor de bouillon.

Voor 4 personen:

1 pot (370 gram) donkere pindakaas (grove maling)

1 onrijpe bakbanaan, gepeld en in stukken

6-8 stengels Surinaamse selderij, fijngesneden

250 gram witte rijst, bijtgaar gekookt in ruim water