Netanyahu durft crisis aan over pact met Arafat

De Israelische premier, Netanyahu, durft over een akkoord met de Palestijnen een crisis met zijn rechtse partners te forceren omdat hij kan weten verkiezingen glansrijk te winnen.

TEL AVIV, 29 SEPT. Premier Benjamin Netanyahu is bereid voor een akkoord met de Palestijnen dat Israel veiligheid geeft en in het bezit laat van meer dan de helft van de Westelijke Jordaanoever “persoonlijke politieke risico's te nemen”. Hoewel er nog veel werk moet worden verzet, heeft Netanyahu gisteravond met deze opmerking in Washington een indicatie gegeven dat hij het binnenlandse politieke gevecht met ultrarechts aandurft door op basis van het akkoord van Oslo met de Palestijnse leider Yasser Arafat verder te gaan op de weg naar een nieuw Israelisch-Palestijns vergelijk.

Netanyahu durft over zo'n akkoord een regeringscrisis en vervroegde algemene verkiezingen te forceren omdat hij kan weten in dat geval meester te worden van het politieke middenveld in de Israelische binnenlandse politiek. Opiniepeilingen geven constant aan dat meer dan 60 procent van de Israeliërs een vredesregeling met de Palestijnen wil. Als Netanyahu zijn volk een akkoord met de Palestijnen kan voorschotelen dat veel beter en veiliger oogt dan wat zijn socialistische voorgangers Rabin en Peres hadden kunnen binnenhalen, kan hij zeker zijn van een glansrijke verkiezingszege. De socialistische partijleider Ehud Barak en nieuwkomers die het middenveld willen bespelen zoals Roni Milo, de aftredende Likud-burgemeester van Tel Aviv, hebben dan geen munitie meer om Netanyahu onder politiek vuur te leggen.

Eigenlijk is Netanyahu gisteravond de verkiezingscampagne al begonnen. Rabin, zei hij, zou 92 procent van de Westelijke Jordaanoever aan de Palestijnen hebben overgedragen terwijl hijzelf als bewaker van het historische joodse vaderland in Judea en Samaria (Westelijke Jordaanoever) maximaal 40 procent zal opgeven (3 procent is reeds exclusief Palestijns gebied, 27 procent is gemengd en daar komt bij een nieuw akkoord nog eens 13 procent bij; 3 procent komt dan in de vorm van een natuurreservaat onder Israelische militaire controle).

De Palestijnse leider Arafat heeft onder zijn en Amerikaanse druk gisteravond in de VN slechts heel omzichtig de uitroeping van een Palestijnse staat na 4 mei 1999 (wanneer het akkoord van Oslo afloopt) aangekondigd. Hij zag van unilateraal uitroepen van de Palestijnse staat af. Dat werkt ook in Netanyahu's voordeel: hij wekt de indruk Arafat naar zijn pijpen te laten dansen.

Misschien heeft Netanyahu eindelijk de strategische waarde van een akkoord met de Palestijnen doorgrond. Het uitblijven ervan kan volgens de Israelische militaire inlichtingendienst tot een gewapende Israelisch-Palestijnse confrontatie leiden. Nieuw bloedvergieten zou de reeds moeilijke relatie met Egypte maar ook met Jordanië tot het breekpunt kunnen belasten. Voor de problematische Israelische economie zou dat rampzalig zijn. Israel is dan voor buitenlandse investeerders niet attractief meer. Aangezien hervorming van de Israelische economie volgens het recept van het IMF het stokpaardje van Netanyahu is, is hij waarschijnlijk tot de conclusie gekomen dat er voor stabiliteit een prijs aan de Palestijnen moet worden betaald. Hoe groot die zal zijn als de partijen over de uiteindelijke vredesregeling gaan onderhandelen, is nog duister. Dan komen de grote problemen - Jeruzalem, recht op terugkeer, definitieve grenzen - op tafel. Het tussenakkoord dat kennelijk in de maak is, is een tijdelijk rustpunt.