De kip als persoonlijkheid

Ik zat naast mijn grootmoeder 'oepoe Sluus', ze woonde namelijk bij de sluis (de andere grootmoeder heette 'oepoe Geerdiek' want die woonde aan de Geerdijk) op de bank die tegen de zijkant van de boerderij stond. Ik zal een jaar of acht negen zijn geweest. We keken uit over het erf en onze ogen zochten onder de tientallen kippen die daar rondscharrelden naar een geschikt exemplaar voor de braadpan. Opoe kende elke kip afzonderlijk en wist precies hoe oud ze waren en hoeveel eieren ze legden.

Was de keuze eenmaal gemaakt, dan dreven we het slachtoffer zo voorzichtig mogelijk in een hoek om haar te pakken. Sommige kippen lieten zich heel makkelijk vangen, maar er waren er ook die zodra je van de bank stapte onmiddellijk doorhadden dat je het op hun gemunt had en er als een haas vandoor gingen. In zulke gevallen waren we uren bezig of we maakten een nieuwe keus. Was de kip eenmaal gevangen, dan werd ze op haar zij op een hakblok gelegd en werd met een hakmes haar kopje er afgeslagen.

Het was dan zaak om haar stevig vast te houden want een kip is in haar stuiptrekkingen geweldig sterk. Als er een ontsnapte, wat regelmatig voorkwam, dan vloog deze als een ongericht projectiel over het erf, een spoor van bloedspatten achterlatend. Eenmaal leeggebloed werd de kip een paar keer in een pan kokend water gedompeld. Dit vergemakkelijkte het plukken.

Zo'n natte dampende kip verspreidde een weezoete geur die ik me nog precies voor de neus kan halen. Na het plukken werden in het vuur van het fornuis de laatste haren en veertjes weggebrand. Daarna werd de kip geslacht.

De ingewanden en de maaginhoud werden als een soort genoegdoening voor het ontrukken van een dierbare op de mestvaalt gegooid waar de overgebleven kippen zich als één haan op stortten. Het was een feestmaal voor ze.

Van de nek, vleugels, hart, maag, en lever werd soep getrokken. Van de al gevormde dooiers en dooiertjes werd een omelet gebakken. Wij kinderen kregen de onderpoten. Wanneer je aan een peesje trok kon je de tenen laten krommen. Onze eerste lessen in anatomie en fysiologie.

Nog tot in de jaren zeventig werden geslachte kippen niet alleen bij poeliers maar ook wel bij supermarkten aangeboden met in de buikholte een zakje met daarin de lever, het hart en de maag. Dit gaf mij in ieder geval nog de illusie met een individuele kip te maken te hebben. Maar ook dit is inmiddels verleden tijd, nu worden de organen als apart product aangeboden. En wanneer je in de supermarkt voorverpakte kippepoten ziet liggen zijn het twee linker- of twee rechterpoten en meestal verschillend van lengte en gewicht.

De kip is louter product geworden. We eten niet langer een kip, nee, we eten kip.