Co op-zaak brengt beleggers meer zekerheid

Negen jaar procedeerden gedupeerde Nederlandse beleggers in effecten van de Duitse detailhandelsketen Co op tegen ABN Amro. De bank kwam vorige week met een schikking.

ROTTERDAM, 29 SEPT. Na negen jaar procederen kwam het schikkingsvoorstel van ABN Amro toch nog onverwacht. Inzet van het conflict was het prospectus van de toenmalige Amro Bank voor de uitgifte van twee leningen (samen 200 miljoen gulden) met vaste rente van het Duitse detailhandelsbedrijf Co op in 1987 en 1988. Co op moest medio 1989 uitstel van betaling aanvragen.

Vijf vragen aan advocaat mr. G. Hooft Graafland, die opkwam voor de belangen van een vereniging van gedupeerde beleggers.

ABN Amro rept van een genereuze schikking. Vindt u dat ook?

“Zij heeft wel wat gedaan. De contributie (15 gulden per obligatie; red.) die de leden van de vereniging hebben betaald krijgen zij terug. Hierin zitten ook de proceskosten, die je in Nederland gedeeltelijk voor eigen rekening moet nemen. Ook beleggers die geen lid waren van de vereniging krijgen een schadevergoeding als zij hun effecten tussentijds in een specifieke periode hebben verkocht. Ik wilde ook graag een vergoeding voor het feit dat de effecten op zeker moment slecht verhandelbaar waren en voor het extra risico dat beleggers liepen. Grote pensioenfondsen die 5 of 10 miljoen gulden in die leningen hadden belegd konden er niet uitstappen. Dat wilde ABN Amro niet betalen. Het had nog zes jaar gekost om dat via de rechter, het gerechtshof en de Hoge Raad uit te vechten. De leden hielden het na negen jaar wel voor gezien.”

Voerde de bank een uitputtingsslag tegen u?

“Nee, ik geloof niet zo in kwade opzet. Zij wilde zoveel mogelijk duidelijkheid hebben over welke eisen de rechter stelt aan een prospectus. Daarover was geen jurisprudentie. Kijk, de toenmalige Amro Bank wilde in de jaren tachtig op de Duitse markt indringen en zo kwam zij bij een nieuwe klant, Co op. In Duitsland zelf wisten de banken wel welk bedrijf goed was en welk niet, zoals wij dat in Nederland ook weten. De Duitse banken koesterden argwaan, op grond waarvan sommige op basis van een grondig financieel onderzoek bedankten voor de eer om Co op naar de effectenbeurs te brengen. ABN Amro heeft zich door de accountants van Co op een rad voor ogen laten draaien. Toen Co op medio 1989 uitstel van betaling moest aanvragen en de koers van de effecten enorm was gedaald, heb ik veel leden gekregen. Tegen de Amro Bank hebben wij toen gezegd: garandeer de rente en aflossing op de leningen, maar dat wilde de bank niet. Toen waren wij gedwongen een proces aan te spannen gebaseerd op hun aansprakelijkheid voor de inhoud van het prospectus.”

De vereniging heeft vijf keer gewonnen bij de rechter. Welke gevolgen hebben die uitspraken gehad?

“ABN Amro zei: wij zijn niet verantwoordelijk voor de informatie van anderen, in casu de accountants, in het prospectus. Daarvan heeft de Hoge Raad gezegd dat de bank verantwoordelijk is voor het complete prospectus en dat zij voor schade aansprakelijk is, tenzij haar geen verwijt treft, bijvoorbeeld doordat zij zelf een degelijk onderzoek heeft gedaan. ABN Amro zei vervolgens dat zij dit wel had gedaan ten behoeve van haar eigen kredietverlening aan Co op. Een week voor het eerste prospectus was echter een negatief rapport verschenen van Deutsche Bank over Co op ten behoeve van de beursgang. Het gerechtshof heeft uitgemaakt dat ABN Amro dat had moeten laten meewegen omdat zij hier niet haar eigen geld investeerde, maar dat andere normen moesten gelden omdat zij hiermee een aanbieding deed aan het publiek. Het grote belang van deze uitspraken is dat beleggers nu meer zekerheid hebben dat een bank een prospectus met de grootste zorgvuldigheid opstelt. En daar profiteren accountants en advocaten van. Het laat wel zien dat de onafhankelijke advocatuur en de onafhankelijke rechter misstanden kunnen redresseren.”

Zou u het een volgende keer anders aanpakken?

“Nu hebben wij contributie geheven. Ik zou in de toekomst vooraf zoveel mogelijk geld inzamelen om zonodig tien jaar te kunnen procederen.”

Of no cure no pay?

“Dat mag nog niet.”