Choreograaf Javier De Frutos over zijn nieuwe ballet The Fortune Biscuit; 'Dansers zouden eens dronken moeten worden'

De choreograaf Javier De Frutos eist een grote betrokkenheid van zijn dansers. Morgen beleeft zijn ballet 'The Fortune Biscuit' bij de Rotterdamse Dansgroep zijn Nederlandse première. “De dansers moeten hun frustaties omzetten in fysieke woede”, zegt De Frutos.

The Fortune Biscuit door De Rotterdamse Dansgroep, première in de Rotterdamse Schouwburg: 29/9, 20:30. Inlichtingen: 010-4118110.

ROTTERDAM, 29 SEPT. Naakt optreden is het handelsmerk van choreograaf/danser Javier De Frutos (1963, Caracas). Voor De Frutos is naaktheid niet gelijk aan seksualiteit maar is het juist een uiting van neutraliteit. “Kostuums zijn vaak een compromis”, zegt hij. “Ze beperken de identiteit van de danser en pinnen hem vast aan een bepaalde plaats en tijd. Het ligt juist in mijn bedoeling een op zichzelf staande wereld te scheppen, die universeel is in zoverre dat iedereen er iets in kan zien.”

Op 30 september gaat in de Rotterdamse Schouwburg De Frutos' meest recente choreografie, The Fortune Biscuit, in première. Opvallend is dat de leden van de Rotterdamse Dansgroep, het gezelschap dat deze eerste Nederlandse uitvoering van zijn werk presenteert, gekleed zijn. De dansers en danseressen dragen identieke zijden blousen, visnet panty's en zwarte broekjes. “Dit is mijn meest 'bedekte' stuk tot nu toe”, aldus de choreograaf. “De kostuums benadrukken in dit geval de individuele seksualiteit van de dansers. De vrouwen zien er erg vrouwelijk uit, de mannen zijn super-mannelijk.”

The Fortune Biscuit is gebaseerd op Stravinsky's L'Histoire du Soldat. De Frutos transformeert Stravinsky's verhaal over een gedesillusioneerde soldaat na de Eerste Wereldoorlog die zijn ziel aan de duivel verkoopt tot een vertelling over een hedendaagse wereld waarin ethische regels vervlogen zijn. “De moderne mens wordt voordurend gebombardeerd met informatie, zonder dat hij nog weet wat belangrijk is en wat niet. Dit leidt tot enorme frustratie en agressie, die alleen door beleefdheidsvormen in toom gehouden worden. Hoe vaak per dag zeggen we wel niet sorry terwijl we dat niet menen?” De Frutos stelt de vraag op een retorische toon om vervolgens zelf het antwoord te geven. “Wat ik laat zien, is de werkelijkheid maar dan zonder de regels. Mijn dansers grijpen elkaar in het kruis zonder eerst om toestemming te vragen. Zij slaan en verkrachten elkaar zonder zich ook maar een keer te verontschuldigen.”

De Frutos eist een grote betrokkenheid van de dansers. “De dansers moeten in hun eigen leven een reden vinden waarom ze dit doen. Ze moeten zich ervaringen herinneren of voorstellen en die vertalen in dans. Voor The Fortune Biscuit moeten de dansers graven in hun eigen frustraties en die omzetten in fysieke woede. Pas als de uitvoerende dansers het leven van hun karakters leven kunnen ze die overtuigend op het podium zetten. Ze zijn dan niet alleen dansers die de techniek beheersen, maar echte kunstenaars.”

Eenmaal op het podium en in de huid van hun personages moeten de dansers iedere vorm van reflectie vergeten. “Door het grote aantal technische instructies hebben ze geen tijd om stil te staan bij wat ze doen op het podium”, zegt De Frutos. “Een kus, een aanraking, een vuistslag - ze moeten allemaal direct en vanzelfsprekend zijn. Een danser is geen acteur, die via zijn gezicht of tekst uitleg geeft over zijn handelingen. Een echte danser communiceert enkel met zijn lichaam. Zelfs gezichtsuitdrukkingen zijn te veel. Het gezicht is slechts een verzameling spieren, die deel uitmaakt van de beweging. Bij die beweging hoef je verder geen commentaar te leveren. Dat is de taak van het publiek.”

De Frutos noemt dat publiek 'het minst gerepeteerde deel van de voorstelling', maar verwacht dat het de directheid van zijn werk accepteert. “Anders dan bij mijn vorige stukken, die veelal solo's waren, is deze choreografie zeer geometrisch en doordacht tot in detail”, zegt hij. “Omdat het totaalbeeld klopt, accepteert men de vreemde vormen. Een verzameling ordinaire handelingen worden op het podium tot iets buitengewoons door die structuur. In de scène van The Fortune Biscuit die wij 'de massamoord' noemen, staan drie groepjes op het podium. Afzonderlijk zien die groepjes er rommelig uit, maar bij elkaar is het een gebalanceerd geheel.”

“Ik ben heel visueel ingesteld als ik choreografeer”, zegt De Frutos. “Ik werk als een schilder. Als een beweging niet past, dan introduceer ik een nieuwe beweging of een nieuw ritme. Het is als het toevoegen van een klodder verf.” De Frutos heeft een voorliefde voor het toepassen van ideeën uit andere artistieke disciplines. “Dansers zijn erg geïsoleerd van de rest van de kunstwereld. Ze hebben het hart van een kunstenaar en het lichaam van een atleet. Om dat moeilijke evenwicht te behouden zijn veel dansers op een obsessieve manier bezig met hun lichaam. En dat is jammer, want is het hart dat de kunstenaar tot een geheel maakt. Ik denk dat dansers vaker het voorbeeld moeten volgen van andere kunstenaars, door bijvoorbeeld eens dronken naar een repetitie komen. Alleen als je af en toe dat soort impulsieve dingen doet, weet je dat je leeft. Je moet je niet verontschuldigen voor wat je op het podium doet, maar ook niet voor je leven dat de bron is van alle creativiteit.”