Ook filmmakers werken in Nederland met poldermodel

UTRECHT, 28 SEPT. De twee buitenaardse wezentjes die in hun kleine ruimteschip door de straten van Amsterdam vliegen zijn op een zeer geheime missie, dat zie je zo. Zelf weten ze ook niet precies waar ze naar op weg zijn en wat ze daar gaan doen. Als ze de gemeentegrens passeren en eindelijk hun snelheid kunnen opvoeren, denk je dat ze maar één einddoel kunnen hebben: Het Nederlands Film Festival in Utrecht. Maar dat is niet zo, want Sietske Tjallingii's korte animatiefilm Visit from Outer Space is geen trailer voor een filmfestival, maar een hommage aan de man die de eervolle bijnaam de slechtste filmmaker aller tijden kon verwerven: Ed Wood. Tjallingii studeerde vorig jaar af aan de Rietveld Academie en bewees toen al met haar eindexamenfilms Het geheim van de witte vogel en The Last Adventures of Superman een eigenwijze en beeldenrijke blik op hedendaagse mythen te hebben. Toch blijft het mopje van Visit from Outer Space maar nauwelijks overeind als je als toeschouwer niet je eigen fantasie inschakelt om de reis van de beide aliens een pointe te geven.

Pointe, plot, geschreven ideeën en de filmische uitwerking daarvan, daar draaide het ook om op de zaterdag door het Netwerk Scenarioschrijvers en het Maurits Binger Film Instituut georganiseerde 'Dag van het scenario'. Discussies tussen scenarioschrijvers en regisseurs van televisiedrama (Maria Goos en Willem van de Sande Bakhuyzen van Oud geld en Alma Popeyus en Erik van 't Wout van Zebra), een scenariowedstrijd en de verfilming van de winnende scène door Jean van de Velde vormden de ingrediënten van een theoretische studiedag. Over veelgehoorde conflicten tussen scenaristen en regisseurs werd verstandig gepraat en niet uit de school geklapt, wat de indruk wekte dat het poldermodel ook tot de praktijk van het filmmaken is doorgedrongen. Niets lijkt de invoering van een door het netwerk bepleit Gouden Kalf voor beste scenario, of twéé Gouden Kalveren voor beste scenario voor tv-drama en speelfilm, nog in de weg te staan.

Het enige Gouden Kalf dat dit weekend werd uitgereikt was voor de korte documentaire Engelen des doods van Leo de Boer (regie én scenario), een zoektocht naar de identiteit van de tienduizenden soldaten die in de moerassen ten zuidoosten van St. Petersburg begraven liggen. Hieraan is een bedrag van 15.000 gulden verbonden, te besteden aan een volgende productie.

Gerrit van Dijk kreeg de Holland Film Award voor de film die het meeste is vertoond op buitenlandse festivals voor I Move, So I Am. Dit getekende zelfportret, waarin animatiefilmer Van Dijk terugblikt op zo'n dertig jaar animatiefilms maken, was op 27 buitenlandse filmfestivals te zien en werd onder meer in Berlijn onderscheiden met een Gouden Beer voor de beste korte film. De Grolsch Filmprijs, die 50.000 bedraagt, werd door een 150-koppige publieksjury samengesteld uit bierdrinkende filmliefhebbers, toegekend aan Left Luggage van Jeroen Krabbé. Een vakjury onder leiding van televisiepresentator René Mioch had eerder ook Siberia van Robert Jan Westdijk en De Poolse bruid van Karim Traïdia voor deze hoogste geldprijs van het festival genomineerd.