Louis Tobback: Robuust politicus

BRUSSEL, 28 SEPT. Louis Tobback (60) is één van de meest markante figuren in de Belgische politiek. Tekenaars portretteren hem als een buldog, zijn politieke stijl wordt vergeleken met die van een bokser en voor zijn onomwonden taalgebruik werd het bijvoeglijk naamwoord 'tobbackiaans' uitgevonden. Maar onder dat robuuste uiterlijk schuilt een gevoelig mens, zo verklaarden zijn politieke vrienden de afgelopen week. Tobback zou zich de dood van de Nigeriaanse asielzoekster Sémira Adamu persoonlijk ernstig hebben aangetrokken. Toen ook nog bleek dat de rijkswacht hem verkeerd had ingelicht, was de maat vol. Tobback zelf, normaal nooit om een uitspraak verlegen, heeft gezegd voorlopig de pers niet meer te woord te staan.

Het was een zichtbaar aangeslagen Tobback die vorige week woensdag een reactie gaf op het overlijden van Adamu. Terwijl buiten 'Tobback moordenaar' werd geschreeuwd, sprak hij van de “zwartste dag” in zijn politieke bestaan. Hij verklaarde ook “zeer snel en onthecht” zijn verantwoordelijkheid te zullen nemen als zou blijken dat de rijkswacht fouten had gemaakt. De volgende dag voegde hij daad bij woord.

De afgelopen maanden leek Tobback vermoeider dan vroeger. De Vlaamse socialist had dan ook met enige tegenzin in april het burgermeesterschap van zijn geboorteplaats Leuven ingeruild voor de post van minister van Binnenlandse Zaken. Premier Jean-Luc Dehaene had hem nodig, voor de moeilijke onderhandelingen die uiteindelijk leidden tot een breed akkoord over hervormingen bij politie en justitie. Tobback verklaarde in juni dat niet zijn voorganger Johan Vande Lanotte, die was opgestapt na de ontsnapping van kinderontvoerder Marc Dutroux, was gestraft, maar hijzelf. Hij zou het zich ook bijzonder aantrekken dat zijn partij momenteel in de beklaagdenbank zit, in het Agusta-smeergeldproces waar hij zelf binnenkort als getuige moet optreden.

Voordat Tobback in april minister en vice-premier werd, gold hij al als één van de machtigste mannen van België. Hij heeft goede contacten met premier Dehaene en binnen zijn Socialistische Partij was hij als voorzitter de onbetwiste leider. Zeker nadat hij in 1995, na het uitbreken van de Agusta-affaire, zijn partij wist te behoeden voor een verkiezingsnederlaag. Kordaat had Tobback het centrale verkiezingsthema weten te verschuiven van de smeergeldaffaire naar de sociale zekerheid, de SP won licht bij verkiezingen. Tobback is al ruim dertig jaar politiek actief. Zijn loopbaan in de nationale politiek begon hij in 1974 als parlementariër. In de jaren tachtig leidde hij als voorzitter van de SP-Kamerfractie het verzet tegen de regeringen van de christendemocratische premier Wilfried Martens, die hij in die periode “erger dan Caligula” noemde. Van 1988 tot 1994 was Tobback als minister van Binnenlandse Zaken verantwoordelijk voor een verstrakking van het asielbeleid. Vorige week verklaarde hij nog altijd pal achter dat beleid te staan. Ook gaf Tobback de eerste aanzet voor de hervorming van de politiediensten, onder meer door de rijkswacht te demilitariseren. In 1994 werd Tobback voorzitter van de Socialistische Partij en het jaar daarop burgemeester van Leuven waar hij de 'zonnekoning' werd genoemd.

Zijn directe optreden en krachtige oneliners maakten Tobback zeer populair. Critici verwijten hem dat hij te veel hengelt naar kiezers van extreemrechts. In zijn boekje Zwart op Wit, dat twee jaar geleden uitkwam, afficheerde hij zich als voorstander van hard optreden tegen criminaliteit, drugs en economische vluchtelingen. Want: “Er is te zeer een soort linkse tolerantie geweest voor dat soort zaken.” Nu hij is afgetreden als minister, wordt Tobback opnieuw burgemeester van Leuven en senator. Hij kan alsnog beginnen aan de fin-de-carrière, zoals hij zich die had voorgesteld - maar inmiddels wel wat meer getekend door de schaduwzijde van de politiek.