Lágrimas negras

Lágrimas negras (Sonia Herman Dolz, 1997, Nederland), Ned.3, 23.18-0.38u. De documentaire is ook op video te koop. De concerten vanavond in Eindhoven en daarna in Deventer, Utrecht en Groningen zijn waarschijnlijk uitverkocht.

De rugzaktoerist die afgelopen woensdag op de gok rocktempel Paradiso bezocht, moet wel gedacht hebben dat hij gek was, of eerder nog de uitverkochte zaal. Want al stonden er op het podium de twee verplichte gitaristen, met rock had het helemaal niets te maken, om van house, heavy metal, R & B en drum & bass maar te zwijgen. Dit was gewoon saaie ouwelullenmuziek. Tot een paar jaar geleden dacht bijna iedereen er zo over, inclusief de jeugd van Cuba, het geboorteland van La Vieja Trova Santiaguera, een son-band die vanavond te zien is in de documentaire Lágrimas negras. Dat dit kwintet veertien dagen door ons land toert en dat al voor de tweede keer dit jaar, heeft weinig te maken met artistieke brille maar alles met het uitmelken van een magere koe. Een koe die altijd op hetzelfde weitje had moeten grazen maar plotseling de wijde wereld in mocht om de deviezen te halen die Cuba sinds het wegvallen van de steun uit Rusland en de daling van de suikerprijs zo deerlijk ontbeerde. Geleide import van toeristen en idem export van muzikanten, dat werd de nieuwe Cubaanse politiek.

Het paste perfect in de opkomst van de wereldmuziek in de westerse landen en de daarbij behorende roep om exotica. Dat de groepen uit Cuba voor een schijntje te boeken waren via het staatsimpresariaat leidde tot een ware 'Cubaanse golf' die dit jaar ook Carré en het Concertgebouw bereikte.

In de fraaie documentaire Lágrimas negras van Sonia Herman Dolz, inmiddels bekroond met diverse prijzen, is te zien hoe de vijf oude mannen van La Vieja Trova Santiaguera hun late populariteit beleven. Stuntelend in een kleedkamer met hun strikjes, eerbiedig bij het graf van 'Carlos' Marx in Londen en tot de laatste snik genietend van hun machismo. Ze weten van de liefde waarover ze zingen en iemand die niet mocht weten waar de 'verlamming' zetelt waar in Paralitico van verhaald wordt, hoeft slechts te letten op het handgebaar dat echt niet door Michael Jackson is bedacht.

In het westen hoopt men het beste van Viagra, op Cuba danst men eenvoudig de son. Maar zelfs het bandlid bij wie desondanks het 'potlood niet meer schrijft' kan terugzien op een werkzaam leven: twaalf kinderen bij zeven vrouwen, kom daar bij een Hollandse oude troubadour eens om.