Tsjaikovski besluit Gergjevs festival over tragische liefde

Concert: Rotterdams Philharmonisch Orkest o.l.v. Valery Gergjev met muziek van P.I. Tsjaikovski. Gehoord: 25/9 Doelen Rotterdam.

Het derde Gergjev Festival is gisteravond in de Rotterdamse Doelen afgesloten met een concert van het Rotterdams Philharmonisch Orkest onder leiding van de initiatiefnemer van het festival. Na een selectie uit Tsjaikovski's De notenkraker was er in de Doelen nog een 'Nacht van de Tragische Liefde' - het thema van dit festival.

In de Rotterdamse Schouwburg ging gisteren ook de laatste voorstelling van Puccini's opera Manon Lescaut, waarmee Gergjev vorige week woensdag het festival opende, nu gedirigeerd door Niksa Bareza. In Konstantin Andrejev telde de voorstelling na invaller Maurizio Frusoni en de zieke Vladimir Galoezin de derde tenor. Het Gergjev Festival trok dit keer 20.300 bezoekers, duizend meer dan vorig jaar toen er twee evenementen meer waren.

Eind volgende maand is er alweer een Gergjev-feest in Rotterdam. Het orkest herdenkt dan dat de chef-dirigent tien jaar geleden voor het eerst in Rotterdam optrad. Op het programma, dat Gergjev overnam van Claus Peter Flor, stond toen onder andere een cantate van Bach - een componist die men zich nauwelijks bij Gergjev kan voorstellen. Het twee keer uit te voeren feestconcert brengt muziek van Strauss, Brahms en Berlioz en klinkt daarna nog twee keer in de Musikverein in Wenen, waar Gergjev nog niet eerder optrad met de Rotterdammers. Toch is dat geen reden om Gergjev nu, zoals gebeurt in het oktobernummer van het programmablad Intrada, te kwalificeren als 'een nieuwe Karajan in de Maasstad'. Het gaat niet aan om unieke persoonlijkheden in de muziek zó aan elkaar te koppelen. Karajan en Gergjev zijn zelfs in hun werkwijze volkomen verschillend. Karajan was de dirigent van het technisch perfecte voorspelbare resultaat op grond van een minutieuze voorbereiding. Gergjev is de dirigent die minder repeteert, maar veelal triomfeert in de spanning die het concert zelf oplevert. En verder: Berlijn benoemde Karajan tot 'dirigent voor het leven' en dat deed Rotterdam nog niet met Gergjev.

Over het leven heeft de dirigent ook unieke opvattingen: in Intrada laat Gergjev weten dat de dood hem niets kan schelen, maar dat hij er wel bij moet kunnen blijven werken. Gergjev trekt wellicht lering uit het leven van Tsjaikovski, van wie hij gisteren late muziek uitvoerde, allemaal stukken die voorafgingen aan de catastrofale Pathétique, die Tsjaikovski op 28 oktober 1893 in première bracht, waarna hij op 6 november overleed.

Het concert bracht tragische liefde op allerlei manieren. In de symfonische ballade De Wojwode gaat het om overspel en klinkt bij vlagen al de wanhoop van de Pathétique. Het Derde pianoconcert gaat over leven, passie, teleurstelling en dood. In de vertolking van de Russische klavierbeer Alexander Toradze, die zijn handen alsmaar verder uit de mouwen stak, kreeg het onvoltooid achtergelaten werk heel veel extra pathetiek: van verfijnd parelend spel tot bijna grotesk gebeuk. De sopraan Irina Djoeva en de tenor Jevgeni Akimov zongen met lichte, fraai bij elkaar passende stemmen, een liefdesduet uit Romeo en Julia. Met dit liefdespaar zou het niet goed aflopen, ook al werd de opera door Tsjaikovski niet voltooid.