Geen taboes bij helpers Schröder

De adviseurs van SPD-kandidaat Gerhard Schöder kennen geen taboes. Maar zijn ze sterk genoeg om bij het winnen van de verkiezingen morgen de vakbondsvleugel in de partij de mond te snoeren?

BERLIJN, 26 SEPT. 'Niet de achterban afschrikken, eerst de macht in Bonn veroveren' luidt het devies. Gerhard Schröder, de kanselierskandidaat van de SPD, is erin geslaagd tijdens zijn verkiezingscampagne weinig van zijn moderne gezicht te laten zien. Maar de mannen achter hem, een kleine kring van trouwe adviseurs, weten precies waar het heen moet àls Schröder morgen bij de verkiezingen bondskanselier Helmut Kohl verslaat.

Zij kennen geen taboes, spreken over renovatie van het sociale stelsel, flexibele arbeid, loonoffers in ruil voor banen in plaats van ATV voor hetzelfde salaris; van ouderwetse keynesiaanse opvattingen zoals partijvoorzitter Oskar Lafontaine verkondigt willen ze weinig weten.

“Loonsverhogingen in Duitsland leiden slechts op Mallorca tot een grotere vraag, maar niet in Duitsland. Ons visioen voor de toekomst is het Nederlandse banenmodel”, zegt Bodo Hombach, de huidige minister van Economische Zaken in Noordrijn-Westfalen, in zijn werkkamer in Düsseldorf. De voormalige ondernemer bij het Preussag-concern is verreweg de belangrijkste economische souffleur van Schröder. Hij is Schröders 'spin doctor', de man die voor de kandidaat de koers uitzet. Al sinds 1975 is Hombach in de SPD actief; hij is eraan gewend vanuit een minderheidspositie in de partij te vechten.

Het Hollandse banenwonder mag een voorbeeld zijn, maar voor het zover is dat over inlevering van loon kan worden gesproken om banen te scheppen, zullen Schröder en zijn vernieuwers in de eigen SPD nog enkele hordes moeten nemen.

Sommige leden van de vakbondsvleugel waarschuwen al dat maandag 'de oorlog' in de partij losbarst. “Oorlog? Dat geloof ik niet, begin dit jaar was ik bezorgder. Maar als we winnen zullen beslist enkele pittige discussies tussen traditionalisten en hervormers volgen”, zegt Bodo Hombach.

Nog steeds is de groep van overtuigde moderniseerders rondom Schröder in de minderheid. Een van de redenen waarom menig kiezer twijfelt aan Schröders capaciteit zijn ideeën ook door te zetten. Het liefst hadden de traditionele partijgangers Lafontaine als SPD-kandidaat gezien, maar na de eclatante verkiezingsoverwinning van Schröder als minister-president in Nedersaksen kon de partij niet langer om hem heen.

“De SPD moet net als de Duitse vakbonden nog aan de modernisering beginnen”, zegt Hombach, zelf een oud-vakbondsman.

Pagina 5: De vernieuwing van de SPD moet nog beginnen

Het grote verschil tussen SPD en Labour in Groot-Brittannië is dat de laatste een langdurig vernieuwingsproces achter de rug had, toen ze aan de macht kwam. Grote conflicten in de SPD wil Hombach daarom niet uitsluiten, maar als Schröder wint zullen de machtsverhoudingen in de partij verder verschuiven. “We moeten de partij meenemen in het debat”. De laatste SPD-kanselier Helmut Schmidt lukte dat niet en het werd hem fataal.

Telkens als Hombach internationale conferenties bezoekt, valt hem op, dat de Zweedse, Nederlandse en Britse collega's veel verder zijn. Daarom ook wil Schröder, als hij kanselier wordt, een 'signaal' geven door zijn eerste buitenlandse reis naar Londen te maken en niet naar Parijs. Tenslotte neemt Duitsland in januari het voorzitterschap van de Europese Unie van Oostenrijk over. In Londen wil hij de Britten uitnodigen om mee te werken aan de toekomst van Europa, alsof ze een volledig lid van de EU zijn. Dat betekent wel dat premier Tony Blair zijn toezegging moet waarmaken aan de monetaire unie mee te doen.

Een ander 'signaal' op het gebied van de buitenlandse politiek zal betrekking hebben op de uitbreiding van de EU in oostelijke richting. De Polen mogen zich nu al zorgen maken over Schröders opmerkingen ten aanzien van een lange overgangsregeling voor het lidmaatschap. “We gaan uit van gelijk werk voor gelijkwaardige mensen”, zegt Hombach en wijst op de hevige concurrentie bij de grootste Europese bouwput in Berlijn op de Potsdamer Platz. Er werken 50.000 illegalen tegen heel lage lonen, terwijl 60.000 Duitse bouwvakkers werkloos zijn. Dat is schrijnend.” Schröder zal er als kanselier op aandringen de uitbreiding van de EU met deze landen sterk te vertragen.

Het binnenland heeft bij Schröder voorlopig de hoogste prioriteit. Hij ziet het als belangrijkste opgave de hoge werkloosheid van 4,5 miljoen mensen te bestrijden. Als eerste wil hij in de bondskanselarij een 'ronde-tafel-gesprek' organiseren met werkgevers en vakbonden. Hij is geïnspireerd door premier Wim Kok, die in 1982 nog als vakbondsleider erin slaagde het 'Akkoord van Wassenaar' af te sluiten. Dat luidde een lange periode in van loonmatiging in ruil voor banen.

Schröder heeft de mannen die dit met hem tot stand moeten zien te brengen al uitgezocht. De centrale man die in zijn bondskanselarij de touwtjes in handen krijgt is de sociaal-economische specialist Gerd Andres, SPD-Bondsdaglid en woordvoerder van de zogeheten 'Seeheimer-Kreis' waarin de rechtervleugel van de fractie zich heeft georganiseerd.

“We willen nieuwe wegen inslaan”, zegt Andres in zijn kamer bij het Bondsdaggebouw in Bonn. Hij doelt op langer werken voor minder salaris. Nu al is een groot conflict in de partij gaande over het terugnemen van enkele hervormingen, die de regering-Kohl heeft doorgevoerd, zoals de pensioenverlaging, vermindering van de ziekte-uitkering en soepeler ontslagrecht. “Natuurlijk kan niet alles worden teruggedraaid”, zegt Andres. Toen de werkgevers dat hoorden hebben ze hun hakken meteen in het zand gezet en het is wel Schröders bedoeling dat hij álle overlegpartijen aan tafel krijgt. Andres wijst erop dat Schröder zich een tikkeltje voorzichtiger dan de partij heeft uitgelaten en over het “corrigeren” van hervormingen spreekt. “Dat is iets anders dan het intrekken ervan.” Maar welke hervormingen onaangetast blijven, is nog onderwerp van heftige debatten.

Een belangrijke rol bij Schröders Bündnis für Arbeit is toebedeeld aan twee tegendraadse denkers, die in zijn schaduwkabinet zijn benoemd. Walter Riester, vice-voorzitter van de machtige metaalvakbond IG Metall, wordt minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. (“Een van de opvallendste moderniseerders binnen de vakbeweging”, zegt Hombach). De joyeuze computermiljonair Jost Stollmann bezet Economische Zaken.

De partijloze Stollmann, die al op jonge leeftijd een succesvolle computerfirma had, heeft de laatste maanden menigeen binnen de SPD en de vakbeweging tegen de schenen geschopt. Hij noemt de sociale zekerheid een “gevangenis” voor de werknemers, plaatst vraagtekens bij ondernemingsraden en wil het pensioen loskoppelen van de salarissen.

Stollmann mag menigeen binnen de vakbeweging tegen de haren instrijken, Riester meent dat de jonge ondernemer staat voor vernieuwing van de arbeidsverhoudingen waarover in een 'Bündnis für Arbeit' moet worden gesproken. Riester zelf maakte in '95 furore met de vierdaagse werkweek bij Volkswagen die veel ontslagen voorkwam. Hij pleit voor hervorming van de starre CAO's (die nog altijd voor 70 procent van de werknemers gelden), flexibele werktijden en voor ingrijpende verandering van het sociale stelsel. “Het meest urgente probleem is de stijgende jeugdwerkloosheid”, vindt hij. Binnen vijf jaar voorziet hij een drastische verslechtering van de situatie.

Dat beaamt ook Christine Bergmann, minister van Sociale Zaken in Berlijn, die ook in het schaduwkabinet van Schröder zit. Alleen Berlijn kent nu al 20,5 procent werkloosheid onder de jeugd, van wie tweederde geen opleiding heeft. “We moeten met werkgevers afspreken dat deze jongeren een stageplaats krijgen, zodat ze een vak leren. Anders creëren we een enorme groep gefrustreerde jongeren, die grote sociale problemen veroorzaken.”

Schröder kan op dit terrein veel tot stand brengen, meent ze. Hij is pragmatisch en bereid water bij de wijn te doen. “Hij zal nog voor verrassingen zorgen.”