Brabant opent fonds voor waterschade

DEN HAAG, 26 SEPT. De provincie Noord-Brabant stelt een noodfonds in voor ondernemers en particulieren die na een calamiteit, zoals het hoge water van vorige week, niet in aanmerking komen voor een vergoeding van verzekeraars of het rijk. Het provinciebestuur heeft op korte termijn een half miljoen gulden gereserveerd.

Volgens Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant is de provincie de afgelopen tien jaar een aantal keren verrast door calamiteiten, zoals extreem hoge waterstanden in de Maas en de aardbeving in 1992. Bij de schadeafwikkeling bleek telkens dat in bepaalde gevallen de schade op geen enkele manier werd vergoed. De wateroverlast van vorige week richtte in Brabant volgens de eerste inventarisatie voor ongeveer 340 miljoen gulden schade aan.

Gisteren maakte staatssecretaris De Vries (Binnenlandse Zaken) bekent dat bedrijven die zijn gedupeerd door de zware regenval van anderhalve week geleden, een vergoeding krijgen van in ieder geval 65 procent van de geleden schade. Ook particulieren kunnen een tegemoetkoming voor onverzekerbare schade tegemoetzien.

Het kabinet verklaarde vorige week vrijdag de Wet tegemoetkoming schade bij rampen en zware ongevallen van toepassing op de schade die door het recente noodweer was veroorzaakt. Op dat moment kon het kabinet nog niet zeggen hoe groot de daarmee gemoeide bedragen zouden zijn.

Bedrijven in de getroffen gebieden krijgen een schadevergoeding van 65 procent, indien de vastgestelde schade lager is dan 28.600 gulden. Boven dat bedrag wordt alles vergoed.

Daardoor is het eigen risico voor bedrijven beperkt tot 10.000 gulden. Bij de watersnood in Limburg, in 1995, werd eveneens een schadevergoeding van 65 procent uitgekeerd.

De land- en tuinbouworganisatie LTO-Nederland had eerder al aangedrongen op een regeling waarbij zwaarder gedupeerden meer schadeloosstelling ontvangen. LTO schatte de schade voor de sector vorige week op zeshonderd miljoen gulden.

De organisatie laat weten tevreden te zijn over de schaderegeling, maar wijst er op dat elders ook boeren en tuinders gedupeerd zijn door hevige regenval. Omdat die buiten de rampgebieden wonen krijgen zij geen schadevergoeding. Particulieren krijgen op basis van de wet 90 procent vergoed van onverzekerbare schade tot 20.000 gulden. Schade tussen de 20.000 en 30.000 gulden wordt voor driekwart vergoed. Van alles daarboven, tot een bedrag van 60.000 gulden, wordt de helft door de overheid gecompenseerd.