Mieters!

Een warme zomeravond, een rustig laantje in een welvarende buitenwijk van een grote stad. Daar liepen een man en een vrouw van een jaar of zeventig. Ze bleven goed op de rechte koers maar aan de manier waarop ze af en toe licht tegen elkaar bonsden, viel te zien dat er bewust evenwicht moest worden bewaard.

“Dat was een mieters avondje!” zei de man. Het klonk wat harder dan waarschijnlijk de bedoeling was. Zo kwam het dat ik het hoorde. Wat de vrouw antwoordde was niet te verstaan.

Mieters. Ik dacht dat dit woord al tegen het einde van de jaren vijftig was gestorven. Het betekent: meer dan fijn en leuk samen. Mieters was iets of iemand om opgetogen over te raken. Luisterrijk werd in studentenkringen wel gezegd. Mieters hoorde tot de woordenschat van de jeugd tussen ongeveer 6 en 26, voorzover afkomstig uit de hogere standen. Langzamerhand is het vervangen door gewèldig dat een veel democratischer verspreiding had. Tof hebben we ook nog gehad, en te gek! en toen kwam gaaf en nu is het ontzettend vet. Ik ben benieuwd hoe een kind van een jaar of twaalf het begrijpt, als je onvoorbereid zegt dat iets mieters is; en hoe een onvoorbereide 70-jarige het ontzettend vet vertaalt.

Alle generaties hebben behalve de algemene taal hun eigen taal. Niets bijzonders. De algemene taal neemt op den duur een paar woorden uit de generatietaal op en de rest raakt in onbruik en verdwijnt tenslotte voorgoed met degenen wier taal het ooit is geweest. Mieters is een voorbeeld van een woord dat het lang heeft uitgehouden, bijna in de algemene taal was opgenomen maar op den duur teveel gebreken bleek te hebben. De meneer en mevrouw in het stadslaantje lieten zich door dit woord meteen herkennen. Nu staat mieters op het punt te verdwijnen, tenzij een nieuwe generatie zich er nog bijtijds over ontfermt.

Intussen wordt, zoals bekend, de samenleving steeds ingewikkelder en gaat het leven sneller. Of andersom. De generaties laten zich scherper begrenzen, we delen ze in van 10 tot 80 plussers, en als zodanig vormen ze op de vrije markt afzonderlijke doelgroepen waaraan speciaal ontworpen producten moeten worden verkocht die dus weer speciale namen krijgen. Bovendien wordt er voortdurend nieuw gereedschap uitgevonden - apparatuur ontwikkeld - waarmee de 10 tot 20 plussertjes (snotneuzen, archaïsch) spelenderwijs leren omgaan (werken, arch.) en die voor de 40 plussers al ondoorgrondelijke geheimen hebben.

Medici, loodgieters, (hebben die een nieuwe naam gekregen nu alle buizen van pvc zijn?), piloten, enz. spreken en schrijven vanouds hun eigen vaktaal. Met de snelheid van de technische ontwikkeling op het gebied van duurzame, op afstand bediende gebruiksvoorwerpen, geluidsinstallaties, computers, ontstaat een ander soort generatietalen. Al lang wordt gesproken van een nieuwe generatie raketten die alleen kunnen worden bediend door mensen die ze hebben helpen bouwen. Voor de generaties van computers enz. geldt min of meer hetzelfde. Er komen algemene generatietalen die niets meer met een mode te maken hebben. Willen de 40 plussers nog begrijpen waarmee 10 plussers bezig zijn, dan hebben ze een tolk nodig: de generatie-overbruggingstolk, de GOT.

De Guardian van 12 september heeft een interessant artikel, Are you talking to me? waarin beschreven staat hoe snel het Engels verandert. Veel Engelse neologismen zijn voor mensen met een andere moedertaal niet meer te begrijpen, ook niet voor degenen die denken dat ze goed Engels spreken. De Britse lexicografen hebben dagwerk om alles vast te leggen en goed te omschrijven. Wat moet je bijvoorbeeld denken van een man who suddenly found himself bobbitted? Ik heb dit woord op een Amerikaan geprobeerd, die pas na een paar seconden lachte - een gewrongen lach.

Er zijn heel wat woorden die ontstaan zijn als afkortingen. Het voorbeeld is Yuppies. Die hebben wij ook; zijn bij ons juppen geworden. Maar zal Sinbad geëxporteerd kunnen worden? Het is de afkorting van Single Income, No Boyfriend, Absolutely Desperate. Door de aanleg van grote infrastructuren is in Nederland het Nimby goed begonnen; staat voor Not In My Back Yard. Ik heb nog geprobeerd, het NIMA ingang te doen vinden. Intussen hoor je bij ons over de nimbies niets meer, en ik denk dat ik de enige ben die ooit het woord nima heeft opgeschreven.

In het nieuwste Duits bestaat een woord dat het vraagstuk van de generatietalen in zijn wezen treft. Gruft is, zoals men weet, Duits voor graf. Moderne Duitse jongeren van onder de omstreeks 25 noemen hun 35 plussers Grufties en alles wat die doen is bij voorbaat Grottenschlecht. Onder deze Grufties heb je er dan weer die in het nieuw-Engels sitcom worden genoemd: Single Income Two Children Oppressive Mortgage.