Financiering restant metrolijn Amsterdam rond

AMSTERDAM, 25 SEPT. De financiering van de Noord/Zuidlijn naar Amsterdam-Noord is rond. Dit gedeelte van de nieuwe metrolijn in Amsterdam, waarvan de financiering nog steeds onzeker was, wordt opgenomen in de realisatietabel van het Meerjarenprogramma Infrastructuur en Transport (MIT), dat over enkele weken uitkomt.

Hierover is op ambtelijk niveau overeenstemming bereikt, zo bevestigt een bron op het ministerie van Verkeer en Waterstaat.

Over het traject Centraal Station-Amsterdam/WTC bestond sinds vorig jaar al zekerheid. Het rijk had hier al 1.350 miljoen gulden voor gereserveerd. Voor het doortrekken van de lijn naar Noord wordt nu 450 miljoen gulden in het MIT geserveerd. Alleen de ministerraad kan dit besluit nog dwarsbomen, maar gezien de toezeggingen die al zijn gedaan, lijkt dat onwaarschijnlijk.

Bij het referendum in juni 1997 was volgens het stadsbestuur de financiering zeker, maar in september 1997 bleek de benodigde 1,8 miljard niet te zijn opgenomen in de rijksbegroting. In maart van dit jaar besloot het kabinet geld uit te trekken voor het gedeelte Amsterdam Zuid/WTC naar het Centraal Station, maar nog niet voor het stuk naar Noord. In Amsterdam werd toen gevreesd dat Den Haag niet zo'n groot belang zou hechten aan de metrolijn naar Noord.

In een advies over de verbreding van de Coentunnel nam GroenLinks-wethouder Köhler (Verkeer) daarom als voorwaarde op dat het kabinet nu eerst maar eens over de brug moest komen, voordat over een bredere Coentunnel gepraat kan worden. Dit leidde tot een ruzie met de VVD in Amsterdam, die vond dat de gemeente Verkeer en Waterstaat probeerde te chanteren.

Deze week heeft minister Netelenbos (Verkeer en Waterstaat) in een brief aan de Tweede Kamer laten weten de Noord/Zuidlijn van vitaal belang te achten voor de economische ontwikkeling van de Zuidas, een dure kantorenlocatie langs de A10, en van Schiphol.

De lijn naar Noord zal volgens Netelenbos voldoen aan de eis van een minimale kostendekkingsgraad van vijftig procent. Volgens berekeningen van het ministerie komt dit uit op 51,5 procent. Ze vraagt Amsterdam wel verbeteringen voor de exploitatie te onderzoeken, omdat ze eigenlijk een kostendekkingsgraad van zestig procent mogelijk acht.

Daarover bestaat nog verschil van mening. Wethouder Köhler (Verkeer) acht zelfs 75 procent mogelijk, maar daarbij heeft Amsterdam wel een andere manier van rekenen gehanteerd. Köhler ziet deze onenigheid in het licht van de laatste onderhandelingen met het rijk.

Met 204.000 reizigers per dag wordt de Noord/Zuidlijn de drukste openbaarvervoersverbinding van het land.