Jachtseizoen op hedge funds is geopend

Bij elke financiële crisis krijgen speculatieve beleggingsfondsen, hedge funds, als eerste de schuld. Onterecht, concludeerde het IMF in mei. Of toch niet? De redding van Long Term Capital Management gisteravond in New York kan het begin zijn van een beteugeling van de cowboys onder de beleggers.

AMSTERDAM, 24 SEPT. Hoe gevaarlijk zijn hedge funds voor het internationale financiële systeem? De redding van Long Term Capital Management, die gisteravond via de Amerikaanse pers bekend werd, zal de discussie over deze speculatieve beleggingsfondsen enorm versnellen.

Die discussie begon toen bekend werd dat een van de pioniers op dit gebied, de financier George Soros, in september 1992 dermate grote posities tegen het Britse pond sterling had ingenomen dat hij vrijwel eigenhandig het gedwongen vertrek van het pond uit het Europese Monetaire Stelsel veroorzaakte. Soros vehikel was het Quantum Fund of Funds, een 'macro'-beleggingsfonds dat inzet op veranderingen in de internationale macro-economie. Het fonds maakte gebruik van hefboomeffecten op het ingelegde vermogen, door middel van leningen en optie- en termijnposities - en alle instrumenten die daar tussen zitten.

Sindsdien hebben hedge funds, zoals het type beleggingsfonds van Soros wordt genoemd, hun invloed zijn stijgen tot mythische proporties. Geen financiële crisis of de hedge funds worden er bij voorbaat als schuldigen bijgesleept. De Maleisische premier Mahathir verzocht, nadat de Maleisische dollar, de ringgit, een jaar geleden werd meegesleept in de Aziatische crisis, het Internationale Monetaire Fonds om een onderzoek te doen naar de invloed van hedge funds op de dynamiek van de financiële markten.

Het daaruit volgende IMF-rapport stelde in mei van dit jaar dat de verdenkingen nauwelijks terecht zijn. Het typische hedge fund is een beleggingsfonds voor alleen de zeer rijken. De minimuminleg per deelnemer beloopt vaak minstens 10 miljoen dollar, die voor langere tijd wordt vastgelegd. De rendementen zijn in de regel groot door de gebruikmaking van hefboomeffecten. Tussen 1990 en 1997 maakten macrofondsen van het type Soros bijvoorbeeld een rendement van 28,1 procent per jaar, tegen nog geen zestien procent voor gewone beleggingen in Amerikaanse aandelen.

Het aantal hedge funds is, zeker sinds Soros' successen wereldkundig werden, enorm gestegen tot - volgens het IMF - meer dan 1000 aan het eind van 1997, met een totaal vermogen van 109 miljard dollar. Dat is veel, maar gerelateerd aan de omvang van de internationale financiële markten valt het wel mee. Alleen al de Amerikaanse aandelenmarkt en obligatiemarkt zijn tienduizenden miljarden dollars waard. Ook de door het IMF gemeten hefboomeffecten leken mee te vallen. Een kwart van het vermogen bestaat uit geleend geld, zodat ook op deze manier de macht van hedge funds niet zo afschrikwekkend leek als gedacht.

De bevindingen zijn na de affaire van gisteravond in een ander daglicht komen te staan. Bij het IMF-onderzoek gaf een merendeel van de onderzochte hedge funds geen specificaties over het werken met geleend geld, zodat de bevindingen incompleet zijn. Long Term Capital Management wordt in verschillende berichten een totale beleggingspositie toegedacht van tussen de 40 miljard en 100 miljard dollar, bij een eigen vermogen van 2,3 miljard aan het einde van het eerste halfjaar. Als deze onwaarschijnlijk grote vermogenshefboom wordt losgelaten op de 55 miljard aan hedge fund-vermogen waarvan het IMF de hefboom zelf niet kon achterhalen, dan komen er veel grotere bedragen uit de bus. En die bedragen zijn heel goed in staat om de financiële chaos te veroorzaken.

Niet alle hedge funds zijn overigens speculatief. De term 'hedge' betekent van origine 'indekken' - risico's uit de weg gaan. Maar de instrumenten waarmee dat kan, zoals opties en termijncontracten, kunnen ook worden gebruikt om juist grote risico's aan te gaan. Dat geldt zeker voor LTCM, dat met de modernste techieken, en onder leiding van twee Nobelprijswinnaars, renteverschillen uitbuitte in voornamelijk de westerse obligatiemarkten.

Dat LTCM kopje onder gaat hoort bij de risico's van het vak. Maar dat de Amerikaanse centrale bank gisteren moest assisteren bij de redding van LTCM om de banken die miljarden dollars aan het fonds leenden te vrijwaren van beleggerspaniek, stemt tot nadenken. Banken zelf zijn ook niet vies van grootscheepse en complexe speculaties, maar zijn door hun toezichthouders aan strakke regels en openbaarmaking gebonden - hetgeen stroppen overigens ook niet uitsluit. Hedge funds worden in het geheel niet gereguleerd, maar zijn getuige het voorval met LTCM kennelijk wel in staat om een financiële systeemcrisis te veroorzaken.

Als hedge funds straks gered moeten worden omdat niemand zich hun falen kan permitteren, zijn ze in dat opzicht vergelijkbaar geworden met banken, met alle morele gevolgen van dien: de rendementen zijn voor de beleggers, de verliezen voor de samenleving.

Juist nu begint de internationale politiek zich zorgen te maken over de architectuur van de internationale financiële markten. De Britse premier Blair, voorzitter van de G7, zal daar de komende G7-bijeenkomst in Washington voorstellen over doen. Zijn eis voor openbaarmaking en regulering van hedge funds zal sinds gisteren ongetwijfeld in goede aarde vallen.