Donau

Lengte: 2.860 kilometer Oorsprong: Donaueschingen (Zuid-Duitsland) Monding: Zwarte zee Belangrijkste steden: Regensburg, Wenen, Bratislava, Boedapest, Belgrado

Marieluise Fleisser en Ingolstadt vormen een hechte eenheid. De schrijfster kwam er ter wereld en ging er dood en al haar toneelstukken spelen zich in Ingolstadt af. Met Fegefeuer in Ingolstadt en Pioniere in Ingolstadt bruskeerde zij het publiek: dat maakte zich, eind jaren twintig, nogal kwaad over Fleissers rauwe portrettering van het op het eerste gezicht zo vredige stadje aan de Donau. Bij al hun rauwheid zijn die portretten ook nuchter en alledaags: de karigheid, ja krenterigheid van de dialogen verraadt hoe weinig de personages voor elkaar over hebben. Hoe weinig goeds althans. De goedheid die de Kerk deze Beierse burgers opdringt, wekt haat op jegens alles wat doorgaat voor slecht en zo kwelt men elkaar met Gods zegen. Degene die het, in Fegefeuer in Ingolstadt, het hardst te verduren krijgt, is Roelle, een knul die men om zijn rode haar met de duivel gelijkstelt. Daar gaat hij zich naar gedragen. Pesterijen beantwoordt hij door gemener dan wie ook terug te pesten en zijn eerste slachtoffer is net als hijzelf een buitenbeentje. Schoolgenote Olga heeft namelijk het lef hem zo nu en dan openlijk te verdedigen. Vernederend voor een man, vindt Roelle. En toch verlangt hij naar het kind dat hij bij haar heeft verwekt. Hij is dus tegen abortus, iedereen is tegen abortus, en Olga stapt in de Donau met de bedoeling er nooit meer uit te komen. In het rietland bij de rivier bespreken twee heren de gebeurtenis: 'Protasius: Die Berotter Olga ist ins Wasser gegangen zu ihrer grösseren Ehre. Aber der Roelle in einer unbegreiflichen Anwandlung hat sie herausgezogen. Gervasius: Allerhand. Protasius: Ich stand am Ufer. Das letzte Stück habe ich sogar mitgezogen. Hier war ich Mensch.' Veel inwoners van Ingolstadt zijn nog steeds goede mensen en nog altijd kwaad op Nestbeschmutzerin Fleisser. En de klokken van de Liebfrauenkirche, zij bimbambeieren voort.