In zaak serieverkrachter; 'Onderzoek 600 mannen op hun DNA'

UTRECHT, 23 SEPT. De Utrechtse korpschef P. Vogelzang wil bij zeshonderd mannen DNA-onderzoek laten verrichten en hun gegevens vergelijken met die van de Utrechtse serieverkrachter.

De politiecommissaris bepleit voorts een uitbreiding van de bestaande DNA-bank bij het Gerechtelijk Laboratorium.

Vogelzang zei dit maandag tijdens een bijeenkomst van gemeenteraadsleden in de provincie Utrecht. De medewerking aan het DNA-onderzoek zou op vrijwillige basis moeten gebeuren. Vogelzang denkt dat drie miljoen gulden nodig is voor het onderzoek en het DNA-register. Het Utrechtse openbaar ministerie kon vanmorgen nog geen reactie geven op het voorstel van Vogelzang.

Bij het Utrechtse korps zijn nog steeds zes medewerkers bezig met dossieronderzoek naar de serieverkrachter. Vanaf september 1995 zijn in iets meer dan een jaar tijd in de omgeving van Utrecht vijf vrouwen verkracht en negen vrouwen aangerand. De politie gaat er vanuit dat alle delicten gepleegd zijn door dezelfde dader.

In totaal zijn de afgelopen drie jaar zo'n tweeduizend mensen verhoord over hun mogelijke betrokkenheid. Na dossieronderzoek is van zeshonderd mensen vastgesteld dat alsnog nader onderzoek wenselijk is. Zij worden niet als verdachte beschouwd, aldus een politiewoordvoerder.

Van de zeshonderd geselecteerden heeft een meerderheid laten weten dat zij geen bezwaar hebben tegen een DNA-onderzoek. Het onderzoek naar de serieverkrachter heeft de politieregio tot nu toe zo'n vier miljoen gulden gekost.

Als mensen vrijwillig meewerken aan een DNA-onderzoek, is er geen beletsel om een dergelijk middel in te zetten, mits justitie overtuigd is van het nut, aldus een politiewoordvoerder. Het ministerie van Justitie beraadt zich momenteel op een wetsvoorstel dat de mogelijkheden voor DNA-onderzoek moet verruimen. Het voorstel wordt naar verwachting over enkele weken naar de Tweede Kamer gestuurd. Als het wordt aangenomen is het niet langer nodig om bij een verdachte bloed af te nemen, maar kan ook worden volstaan met een speekseltest. Voorts krijgt de rechter-commissaris meer bevoegdheden om een DNA-test onder dwang te laten verrichten. Zo'n onderzoek kan worden ingesteld bij misdrijven waarvoor een gevangenisstraf van acht jaar of meer geldt.

Het wetsvoorstel kan er ook toe bijdragen dat DNA-registratie sneller een rol speelt in de opsporing. Bij het Gerechtelijk Laboratorium zijn momenteel de DNA-gegevens van enkele honderden verdachten en veroordeelden opgeslagen. Tot een jaar geleden werden DNA-profielen slechts op beperkte schaal geregistreerd.