'In Slowakije is alles leeggeroofd'

De Slowaken gaan vrijdag naar de stembus. Een van de belangrijkste uitdagers van de autoritaire premier Meciar is Rudolf Schuster, burgemeester van Košice.

KOŠICE, 23 SEPT. “Wij willen weten wie er achter de schimmige firmanamen schuilgaan. Jullie zullen verbijsterd zijn als de echte namen boven water komen.” Rudolf Schuster is geen groot redenaar, maar voor eigen publiek raakt de burgemeester van Košice bevlogen. In een door hem zelf geschilderd decor van barokke gevels en spuitende fonteinen neemt de 64-jarige Schuster de handschoen op tegen het regime van de Slowaakse premier Vladimír Meiar.

“Je kunt maar één keer privatiseren in de geschiedenis van een volk. Alles waar we generaties aan hebben gewerkt is leeggeroofd.” Schuster belooft een paar duizend aanhangers in zijn stad dat hij het land zal bevrijden van de corrupte rechterlijke macht. Speciale rechtbanken zullen, als het aan hem ligt, alle privatiseringen van de afgelopen vier jaar tot achter de komma uitpluizen.

Schuster wil orde op zaken stellen en is daarom de populairste politicus van Slowakije. De Slowaken kennen de oud-communist als een man van daden. Dat heeft hij al onder het communisme bewezen als regionaal partijleider, later als voorzitter van het parlement en vooral als burgemeester van de tweede stad van Slowakije: Košice, het centrum van Oost-Slowakije.

De bouwploegen van Schuster hebben in vier jaar tijd het historische centrum gerenoveerd van de multiculturele stad, waar Slowaken, Bulgaren, Kroaten, Polen, Roethenen en Karpaten-Duitsers naast elkaar leven. De veertiende eeuwse kathedraal van de heilige Elisabeth is uit het stof gehaald, panden uit de tijd van de dubbelmonarchie zijn opgeschilderd en het centrale plein is veranderd in een voetgangersparadijs.

In het sprookje van Schuster zijn de zigeuners naar de buitenwijken verdreven en danst de fontein op de maat van de macarena. De stad die troosteloos dreigde te verdwijnen onder de rook van 's lands grootste staalfabrieken heeft weer een ziel. Politiemannen in uniformen van de Amerikaanse Nationale Garde bewaken de orde en de inwoners van Košice zijn meer dan tevreden.

Maar achter het sprookje van Schuster gaat een adembenemende thriller schuil. Árpád Soltész is journalist bij de enige onafhankelijke krant van de stad, Korzár. Al jaren probeert hij de banden bloot te leggen tussen de Slowaakse regering, de georganiseerde misdaad en de Slowaakse geheime dienst. Zijn conclusie is even simpel als middeleeuws: “Meciar is de ijdele en paranoïde koning die in het zadel wordt gehouden door twee baronnen. De ene is Ivan Lexa, hoofd van de geheime dienst, de andere Alexander Rezeš, één van de rijkste mannen van het land.” Soltész schildert vervolgens een ondoordringbaar web van connecties tussen de verschillende betrokkenen. Košice is de basis van Rezeš' macht, hij is de belangrijkste eigenaar van het enorme staalconcern vlak buiten de stad. Het is de dekmantel voor duistere transacties met de Oekraïne en Rusland, het is de thuisbasis voor zijn eigen geheime dienst en het is de financiële bron voor allerlei partij-activiteiten van de HZDS (Beweging voor een Democratisch Slowakije), de partij van premier Meciar. Lexa en Rezeš zijn volgens de journalist in een voortdurende machtsstrijd gewikkeld. Maar ze hebben er allebei belang bij om Meciar in het zadel te houden en daarom werken ze samen. Zoals in het geval van de mafiabaas Holub.

Robo Holub was een plaatselijke kruimeldief die van de ene dag op de andere onaantastbaar werd voor de politie. In Košice werd hij eigenaar van een bordeel waar Lexa en Rezeš elkaar regelmatig troffen. Holub mocht zijn eigen imperium opbouwen als racketeer. Maar de zware jongen overspeelde zijn hand. Hij begon Rezeš te chanteren met compromitterende videobanden en eiste een directiepost in de staalfabriek. Kort daarop werd hij in een hotel in Bratislava neergeschoten. Huurmoordenaars maakten het werk een paar dagen later af in het ziekenhuis. Volgens de onderzoeksjournalist hadden getuigen leden herkend van de Slowaakse geheime dienst.

Tegen het operetteachtige decor van Schusters stad vertelt de onderzoeksjournalist zijn bloedstollende verhalen. Over bronnen binnen de politie, over geheime ontmoetingen en over bedreigingen. 'Hallo dooie', wierp het hoofd van de plaatselijke politie hem onlangs toe.

Soltész rekent erop dat Meciar nog voor vrijdag een 'mediabom' tot ontploffing zal brengen, een actie die hem op het laatste moment tot grote held van Slowakije zal bombarderen en zijn herverkiezing zeker zal stellen. Een mislukte aanslag tegen zichzelf? “Je kunt niets uitsluiten hier. Wie had ooit gedacht dat de geheime dienst de zoon van de president zou ontvoeren? En toch is het gebeurd,” zegt hij, doelend op de merkwaardige lotgevallen van de zoon van oud-president Kovác.

Onder Meciar is de Slowaakse samenleving vervallen tot een ondoorzichtige maatschappij waar alles denkbaar is, maar weinig vaststaat. De Slowaken snakken naar de duidelijkheid die de Karpaten-Duitser Schuster uitstraalt. Zijn SOP (Partij voor Burgerbegrip) is pas een paar maanden oud, maar kan op zeker 15 procent van de stemmen rekenen. Niet genoeg om de parlementsverkiezingen van deze week te winnen, wel om een belangrijke rol te spelen bij de vorming van een nieuwe coalitie.

Alleen weet niemand nog welke. Schuster is nu de grote uitdager van Meciar maar zelf staat hij niet zover van de HZDS-elite af. Als burgemeester van Košice onderhoudt hij nauwe banden met het staalimperium van Rezeš. De opknapbeurt van de stad, Schusters pronkstuk, zou door de staalfabriek betaald zijn. Oud-communisten weten elkaar gemakkelijk te vinden. Het rode netwerk heeft zijn kleur verloren maar draait nog op volle toeren, zowel binnen de Meciars HZDS als binnen Schusters SOP. De kans is reëel dat Schuster straks alsnog met de HZDS in zee zal gaan.