Advies raad over kunst in openbare ruimte; Aparte instelling voor opdrachten bepleit

ROTTERDAM, 23 SEPT. De overheid moet een zelfstandige organisatie oprichten voor kunstopdrachten in de openbare ruimte. Zo'n instelling moet met name de kwaliteit van nieuwe opdrachten bewaken en verbeteren. Gezien zijn expertise dient daarbij in eerste instantie het bestaande Praktijkbureau Beeldende Kunst in Amsterdam te worden betrokken.

Dat schrijft de Raad voor Cultuur in een advies over het Opdrachtenbeleid van de Mondriaan Stichting en met name van het Praktijkbureau Beeldende Kunstopdrachten (PBK). De Mondriaan Stichting wil zowel het onder zich ressorterende PBK alsook het takenpakket van dit bureau opheffen.

De circa dertig beelden van Nederlandse en soms buitenlandse kunstenaars die het twee-koppige PBK jaarlijks helpt te realiseren, moeten plaatsmaken voor enkele 'spraakmakende projecten', gemaakt door kunstenaars van 'grote reputatie', vindt de Mondriaan Stichting. Een apart bureau wordt overbodig, de stichting kan zelf een loket openen en met ad hoc-adviseurs volstaan.

De Raad voor Cultuur is het daarmee oneens. Het aantal kunstopdrachten neemt toe, de kwaliteit van de werken dreigt af te nemen en bemoeienis van de overheid blijft daarom noodzakelijk, aldus het advies. De opvatting van de Mondriaan Stichting, die namens OC&W jaarlijks zo'n 23 miljoen gulden aan subsidies verstrekt aan musea en kunstinstellingen, staat 'haaks op de overtuiging dat een kunstinstelling, vergelijkbaar met het PBK, van belang is voor een professioneel opdrachtenbeleid', vindt de Raad, voor 'betrokkenheid, kwaliteit, experiment en informatie'. De 'vaak experimentele' PBK-projecten zijn 'in het algemeen waardevol en hebben ook bij kunstenaars bijgedragen aan een andere mentaliteit, een ontwikkeling die veel potentieel in zich bergt'. Een nieuwe instelling is bij een uitgebreid takenpakket gebaat, aldus het advies.

Het PBK, dat vanaf 1982 als een pioniersinstelling zelfstandig opereerde, maar in 1993 onder de Mondriaan Stichting viel, adviseert, begeleidt en brengt ideeën aan bij voorbeeldprojecten in de openbare ruimte. Het gaat om zeer uiteenlopende, vaak driedimensionale kunst; architectonische bijdragen, zoals het winkelcentrum Westwijk in Amstelveen, maar ook functionele, kleinschalige vormgeving, zoals een manshoge, kwijlende puppy van brons, die als drinkwaterpomp fungeert bij een centrum voor geestelijk gehandicapten in Tilburg. Het PBK draagt ook zorg voor beeldende kunst in nieuwe ziekenhuizen en tehuizen, waarvan de bouwsom de twintig miljoen gulden overschrijdt.

“Omdat we zelf initiatieven nemen en ons eigengereid opstellen, ziet men ons als een vreemde eend in de bijt”, zei Tom van Gestel, hoofd van het PBK in april j.l. in deze krant. “Want de Mondriaan Stichting acht zichzelf, naar eigen zeggen, 'een geoliede subsidiemachine'. (..) Ons bureau daarentegen kan niet 'geolied' en ook niet 'machinaal', dus voorspelbaar functioneren.”

Overigens vindt de Raad voor Cultuur 'het dringend noodzakelijk beeldende kunstenaars en vormgevers in een zo vroeg mogelijk stadium' bij projecten in de openbare ruimte te betrekken. Kleinere gemeenten zouden over dit terrein beter geïnformeerd moeten raken. De raad juicht het PBK-initiatief toe om cursussen te organiseren. De Mondriaan Stichting en het PBK konden vanmorgen nog niet op het advies reageren.