Oud-Godenzoon krijgt warm onthaal als Superboer

AMSTERDAM, 21 SEPT. “Wat is dat nou Sonny? Speel je tegen je oude ploeg en ga je ineens goed voetballen. Ik vond dat je wat overdreef.” Hulptrainer Bobby Haarms komt Sonny Silooy tegen op een trap in de Arena en kan de humor er nog van inzien. Het publiek had meer moeite met de zouteloze vertoning van Ajax gisteren tegen De Graafschap (1-1) en reageerde met een striemend fluitconcert. Voor Silooy, de voormalige Ajacied die na twee seizoenen Arminia Bielefeld bij de club uit Doetinchem is terechtgekomen, was het gelijkspel een overwinning. Hij beleefde een avond om niet snel te vergeten.

In hetzelfde trappenhuis van de Arena zijn met behulp van dia's enkele wandschilderingen aangebracht van befaamde Ajacieden uit het verleden. Zoals Cruijff, Keizer, Krol, maar ook Sonny Silooy. Kennelijk werd de verdediger uitverkoren voor de eregalerij wegens de lengte van zijn dienstverband in Amsterdam. In totaal stond Silooy veertien jaar onder contract bij Ajax, maar hij speelde gemiddeld niet meer dan negentien wedstrijden per seizoen. Voor de tweede keer in z'n loopbaan voetbalde de 35-jarige Zaankanter tegen zijn oude club. Tien jaar geleden had hij dat al eens gedaan met Matra Racing Paris in een vriendschappelijk duel. Gisteravond stond er wat meer op het spel.

Zelden zal een speler van de tegenstander in de Arena zo hartelijk zijn begroet. Voor de wedstrijd kreeg hij van Ajax twee bossen bloemen en van de supportersclub een ingelijste fotocollage. Na de rust stond De Graafschap enige tijd op het veld te wachten op de spelers van Ajax die waarschijnlijk heel wat te bespreken hadden in de kleedkamer. Het publiek nam de gelegenheid te baat Silooy luidkeels toe te zingen. De voetballer die door Van Gaal werd afgedankt zwaaide uitbundig richting de fans van Ajax. “Ik ben van Godenzoon omgetoverd tot Superboer”, grijnsde Silooy achteraf. “Ik heb bij Ajax veel moeilijke jaren doorgemaakt, maar ik heb me nooit negatief uitgelaten over de club. Dat is het publiek niet vergeten.”

Zelfs toen zijn loopbaan bij Ajax uitzichtloos was geworden, bleef hij een sfeermaker in de groep. Desondanks heeft hij geen echt afscheid gekregen, terwijl Pettersson, Bergkamp en Rijkaard wel op een waardige wijze werden uitgeluid. Zijn laatste balcontact voor Ajax was een gemiste strafschop in de Champions-Leaguefinale tegen Juventus (1996). Een aantal spelers ontliep toen zijn verantwoordelijkheid, ook Silooy voelde weinig voor een trap van elf meter. Maar toen een wanhopige Van Gaal voor de tweede keer een beroep op hem deed, wilde hij niet meer weigeren. Nadat Davids al had gemist zag hij zijn inzet gestopt en daardoor verzekerde Juventus zich van de Europa Cup 1.

Later heeft Silooy nog eens een glazen vaasje van Ajax gekregen, meer was zijn positieve instelling klaarblijkelijk niet waard. Gisteren volgde er een bos bloemen. Silooy deed er maar niet moeilijk over. Het heeft hem altijd dwarsgezeten dat hij Ajax via een achterdeur moest verlaten toen hij in 1996 de kans kreeg bij Arminia Bielefeld aan de slag te gaan. Daar raakte hij overigens van de regen in de drup. Maar hij wilde niet meer voor een handjevol toeschouwers in het tweede van Ajax spelen. Al was er volgens hem meer sfeer in De Meer dan in de Arena. “De gezelligheid van die tijd vind ik wel terug op De Vijverberg in Doetinchem”, aldus Silooy.

In het treffen met Ajax stond Silooy als een soort vrije verdediger tegenover Litmanen. Hij had het geluk dat de Fin gisteren weinig inspiratie had. Silooy won weinig duels, maar dwong wel af dat hij zich veel met de opbouw van de aanval en de tegenstoten van De Graafschap kon bezighouden. Daarbij leed hij weinig of geen balverlies. Zes minuten voor tijd had hij zelfs de mogelijkheid om De Graafschap aan de winst te helpen. Maar het leek of hij dat niet op zijn geweten wilde hebben. Van der Sar kreeg een zacht balletje op zich afgeschoten.

Ajax speelde zonder enige passie. Het publiek begroette Ronald en Frank de Boer, die beiden de negentig minuten volmaakten, met gefluit én applaus. De criticasters werd al snel de mond gesnoerd. Frank de Boer nam de organisatie van de verdediging op zich toen Blind met een knieblessure uitviel. Doodgemoedereerd schoof hij zelfs de aanvoerdersband om zijn arm. Ronald de Boer ontpopte zich tot een van de beste Ajacieden. Al was dat gisteravond geen prestatie. Ouderwets kapte hij zijn tegenstanders uit en Babangida kreeg verschillende keren een pass op maat. Maar de Nigeriaan stuitte twee keer hopeloos op doelman Olyslager. Zelfs Van der Sar deelde in de malaise. Net als vorige week tegen FC Utrecht liet hij zich verrassen door een afstandsschot. Was het toen O'Brien die scoorde, nu liet hij zich overrompelen door een schot van Fuchs. Een snel genomen vrije trap van Ronald de Boer vormde toch vijf minuten later al de inleiding van de gelijkmaker. Kinkladze gaf vervolgens voor op Litmanen die de bal op de doellijn voor het intikken had. Hoewel Gronkjaer weer aardig inviel voor Kinkladze en Babangida nog hard op de paal schoot, vertoonde Ajax in de tweede helft te weinig inventiviteit en stootkracht om de muur van De Graafschap te slechten.

Het veld kreeg de schuld. Dat was inderdaad een soort glijbaan van klei met losse plukjes gras erop. Na de Champions-Leaguewedstrijd tegen FC Porto krijgt de Arena weer een geheel nieuwe mat. Ronald de Boer, die begrip had voor de fluitisten onder het publiek: “In het begin gleed ik een keer weg en dacht ik dat mijn kruisbanden zouden afscheuren.” Over Ajax, dat voor de derde keer in een week gelijkspeelde: “Er is meer kwaliteit in de selectie dan vorig seizoen maar het komt er nog niet uit. Misschien moet het elftal nog aan onze aanwezigheid wennen.” En De Graafschap? Silooy: “Tegen Feyenoord speelden we te aanvallend. Maar nu liggen we op schema, hè.”