Het Radicale gezicht van de Commissie

Emma Bonino is een van de meest invloedrijke vrouwen in Europa. Ze mag dan sinds 1995 behoren tot de respectabele club van Europese Commissarissen, als Radicaal verloochent ze haar activistische verleden niet.

Terwijl haar collega's de zomervakantie doorbrachten in hun milieuvriendelijke Deense appelboomgaard of in hun villa aan de Franse kust, reisde Europees Commissaris Emma Bonino af naar Kosovo. Met de haar typerende directheid waarschuwde ze voor de “humanitaire ramp” die de Kosovaren te wachten staat als er niet snel een politieke regeling komt voor het conflict. De volgende dag was ze weer in Rome, om er de Radicale Partij te leiden zolang oprichter Marco Panella in het ziekenhuis lag.

Emma Bonino (50) is het menselijk gezicht van de Europese Commissie. Niet alleen uiterlijk lijkt ze het meest op gewone mensen - vaak in spijkerbroek, in plaats van (mantel)pak - ze spreekt ook gewone-mensentaal. Haar optreden is altijd direct en door zo veel mogelijk media omgeven. Als een van de eersten sprak ze na de val van de Bosnische enclave Srebrenica over “genocide”. Ophefmakend was haar arrestatie vorig jaar in Afghanistan, waar ze het vrouwvijandige beleid van de Talibaan aanklaagde. Ze heeft Canada beschuldigd van “piraterij”, de Verenigde Staten van “salondiplomatie” en de Verenigde Naties zullen “voor altijd de schaamte dragen” wegens hun afwachtende houding in Congo. De Europese Unie spaart ze evenmin. “De Amerikanen hèbben tenminste een buitenlands beleid. Europa heeft niet eens iets om kritiek op te hebben.”

Bonino vindt dat ze het de Europese belastingbetaler verschuldigd is duidelijk te zijn. “Ze moeten weten dat de Europese Unie meer is dan melk en de euro.” Als referentiepunt neemt ze haar moeder, ver in de zeventig en wonend op het Italiaanse platteland. “Hoe moet mijn moeder, die nooit naar het buitenland gaat, begrijpen dat de euro haar voordelen biedt?”, vroeg ze zich bijvoorbeeld af. Tijdens de wekelijkse vergadering van Eurocommissarissen leverde haar Franse collega Edith Cresson eens een zeer technisch voorstel in. “Onacceptabel”, riep Bonino volgens een aanwezige. “Mijn moeder zou er niets van begrijpen.”

Lidstaten mopperen als de Italiaanse commissaris weer eens iets verklaart zonder overleg met de vijftien landen van de Europese Unie. “Maar ze weet de EU tenminste te verkopen, daar kunnen anderen een voorbeeld aan nemen”, zegt Lousewies van der Laan, woordvoerder van Eurocommissaris Hans van den Broek. Ook Van den Broek zelf is “fan” van Bonino. Hij roemt de “grote betrokkenheid en taalvaardigheid” waarmee ze “de emoties van de Europese Commissie vertaalt als het gaat om humanitaire nood”.

Minister Jozias van Aartsen, die Bonino van nabij meemaakte als commissaris voor Visserij, noemt zich eveneens “een enorme fan”. Ze is “goed op de hoogte van haar dossiers, zeer toegankelijk en uiterst assertief”. Hij herinnert zich hoe de Italiaanse commissaris de ministers uitdaagde. “In een van de eerste vergaderingen zei ze tegen een minister: U zegt dat nou wel, maar weet u eigenlijk wel waar u het over heeft?” En de criticasters die zeggen dat ze te veel in oneliners spreekt, “zijn niet geïnteresseerd in wat ze doet”.

Medewerkers en partijgenoten noemen Bonino unaniem een workaholic. “Vanaf het moment dat ze opstaat is ze aan het werk en ze stopt als ze gaat slapen”, zegt Pietro Petrucci, een van haar naaste medewerkers bij de Europese Commissie. Vanuit het secretariaat van de Radicale Partij in Rome beaamt Stefano Palumbo: “Emma leeft voor haar werk.”

Bonino, als Europees Commissaris belast met visserij, humanitaire hulp en consumentenrechten, is in staat op zondagochtend een vergadering te beleggen. Op haar kabinet wordt soms verzucht: had ze maar een minnaar, dan had ze wat minder tijd voor haar werk. Maar de alleenstaande Bonino is ook zeer sociaal, zegt Petrucci. “Ze weet de meest moeilijke personen voor zich te winnen en ze haalt het maximum uit mensen.” Geen commissaris heeft zo veel bijnamen: SuperEmma, la Commissaria, Calamity Jane, de Cycloon en Bonny the Fighter. Dat de laatste afkomstig is van de conservatieve Europarlementariër James Provan, bewijst dat niet alleen partijgenoten haar op handen dragen. Het weekblad The Economist gaf Bonino als enige commissaris een negen als rapportcijfer en The European stelde haar voor als volgende voorzitter van de Europese Commissie, met de slogan 'Bonino for president'. Als enige commissaris wist ze haar portefeuille tussentijds uit te breiden, met een nieuw directoraat-generaal voor consumentenbeleid en volksgezondheid opgericht in de nasleep van de gekkekoeiencrisis.

Collega-commissarissen respecteren haar. Dat was wel anders toen ze in 1995 in Brussel aankwam en haar reputatie van radicale activist haar vooruit was gesneld. “Ze had het gevoel dat collega's haar beschouwden als een beatnik die nog niet fatsoenlijk met mes en vork kon eten”, zegt Petrucci. Inmiddels heeft ze haar collega's kunnen overtuigen van tafelmanieren èn dossierkennis. “Ze is een spons”, zegt een medewerker. “Ze kan veel informatie opnemen en leest als het moet een nacht door om een dossier te beheersen.”

Nu heeft Bonino een ander probleem met collega's: volgens sommigen houdt ze zich niet strikt genoeg aan de portefeuille-verdeling en trekt ze te veel media-aandacht. “Ze is zich van die kritiek bewust, maar ze gelooft dat dit de enige manier is om haar werk te doen”, zegt Marco Zatterin, haar voormalige woordvoerder en nu journalist bij La Stampa. “Ze vindt het nodig de wereld op de hoogte te houden van het werk van de Europese Commissie.” Onder toeziend oog van de internationale media liet Bonino zich uit een helikopter neerdalen op een vissersboot, bezocht ze vluchtelingenkampen en ontweek kogels. “Het kan lijken dat ze iets doet vanuit een plotselinge inval, maar alles is zorgvuldig voorbereid”, zegt Petrucci. “Bonino is erg gedisciplineerd, une fille rangée.”

Bonino's directe optreden komt voort uit haar verleden bij de Radicale Partij van Panella, een afsplitsing van de Liberale Partij. De Radicalen, die in Italië nooit meer dan enkele procenten van de stemmen haalden, zien spraakmakende acties als beste manier om aandacht te trekken. Haar werk als Eurocommissaris ziet Bonino als voortzetting van het werk voor de partij. “Ze beschouwt zich nu als het meest zichtbare deel van de partij”, zegt een medewerker. In Brussel is de helft van haar naaste medewerkers partijgenoot en in haar kantoor hangen partijposters met 'Onruststokers' en 'Wij zoeken een Don Quichotte'.

Nog altijd doet Bonino mee aan acties in Italië. Toen de radicale radiozender subsidies dreigde mis te lopen, nam ze het vliegtuig naar Rome en liet zich door een limousine afzetten voor de woning van de premier om er deel te nemen aan een nachtelijke sit-in. “Ze was het meest fanatiek”, zegt partijgenoot Palumbo. “We konden haar pas overtuigen te stoppen toen het leek dat de premier haar zou ontvangen.” Bonino beseft dat dit soort acties haar internationale carrière ondermijnen, zegt Zatterin vanuit Turijn. “Ze weet dat als ze er mee stopt, haar kansen groeien op een tweede termijn bij de Commissie. Maar ze gelooft in wat ze doet.”

Een internationale politieke loopbaan was allerminst vanzelfsprekend voor Bonino, die opgroeide in een boerenfamilie in Bra, ten zuiden van Turijn. Dankzij haar moeder kon ze moderne talen studeren - zeer tegen de zin van haar vader die amper kon lezen en schrijven. Pas bij haar afstuderen zag ze haar vader weer en moest hij erkennen te weinig vertrouwen in haar te hebben gehad. Na haar studie in Milaan ging Bonino het onderwijs in. Politiek trok haar niet tot het moment dat ze een abortus wilde en verontwaardigd ontdekte dat dit illegaal was. Vanuit die woede werd haar politieke passie geboren. Ze sloot zich aan bij de Radicale Partij van Panella, op dat moment de enige die streed voor legalisering van abortus. Panella was haar mentor. “Hij heeft mij uitgevonden”, zei Bonino ooit. Terwijl allerlei bonzen de partij verlieten, bleef zij de leider trouw.

In de jaren zeventig maakte Bonino nog een ingrijpende persoonlijke ervaring mee. Ze kreeg twee meisjes toegewezen die niet bij hun familie konden blijven, maar na twee jaar bepaalde de rechter dat haar tijdelijke dochters naar hun ouderlijk huis konden terugkeren. “Een schok die haar traumatiseerde”, zegt Petrucci. “Ze voelde zich verweesd.” Het zou haar beïnvloed hebben bij de keuze geen kinderen te willen.

Op 28-jarige leeftijd kwam Bonino in het Italiaans parlement. Ze voerde actie tegen kernenergie, tegen honger, tegen de doodstraf en vóór legalisering van drugs. “De president noemde haar de bad boy van het parlement”, zegt Palumbo. “Als een voorstel werd aangenomen, sprong ze van blijdschap op tafel.” Het Vaticaan noemde haar een 'heks', wegens haar abortuscampagne. Meerdere keren zat Bonino in de gevangenis: in Italië wegens hulp bij abortus, in Polen na een actie voor mensenrechten en in New York wegens het uitdelen van gesteriliseerde naalden aan drugsverslaafden.

In 1979 kwam ze in het Europees Parlement. De Radicalen vormden ook daar een splinterfractie en de tactiek van voorzitter Panella bestond er uit de regels tot het maximum uit te buiten. Hij droeg Bonino op in de vakantie het reglement uit het hoofd te leren, daarna overhoorde hij haar. In haar strijd voor mensenrechten zocht Bonino medestanders bij andere partijen, bijvoorbeeld de christen-democraten. In die tijd leerde CDA-Europarlementariër Hanja Maij-Weggen haar kennen. “Bonino had toen al een goede naam. Ze kon goed praten, was verdraaid goed gedocumenteerd en intelligent.” Volgens Maij-Weggen wordt Bonino “gedreven door de oprechte wens de dingen ten goede bij te sturen”. Bonino werd eind 1994 voorgedragen voor de Europese Commissie, door toenmalig premier Silvio Berlusconi die de Radicalen nog een dienst verschuldigd was. Prompt liet Bonino van zich horen. Consumentenzaken was de portefeuille die Commissievoorzitter Jacques Santer haar had toebedacht. Onaanvaardbaar voor een Italiaans commissaris, stoof Bonino. Na enig onderhandelen kreeg ze tevens humanitair beleid en, nadat Noorwegen afhaakte als lid van de Europese Unie, ook visserij.

“Ze vond meteen haar weg in Brussel”, zegt Zatterin. Van visserij wist Bonino niets, maar ze omringde zich met een goede staf en sprak al snel over “mijn vissers”. “De eerste vergadering van haar kabinet ging over een geschil met Canada over heilbot”, herinnert Zatterin zich. “Haar medewerkers schetsten de opties, daarna trok ze haar conclusie. Dat is haar kracht: het omzetten van praktische suggesties in politieke actie.” Ingrijpende en onpopulaire maatregelen kondigde ze aan om overbevissing tegen te gaan. Op de vraag wat ze heeft bereikt als visserijcommissaris, antwoordt minister Van Aartsen: “De verbinding van milieu en economie, die nu ten volle aanwezig is.”

Ze koestert bovenal haar portefeuille humanitair beleid. Mensenrechten moeten daarbij centraal staan, ijvert Bonino.

De strijd voor mensenrechten vormt volgens Palumbo de rode draad in haar politieke loopbaan. “Emma is vooral enthousiast als het daarover gaat.” Hij kan nog even door gaan met opsommen van positieve eigenschappen: “Een groots karakter, medewerkers dragen een deel van hun leven aan haar op.” Maar is er dan niets negatiefs aan deze vrouw? “Ze laat te weinig ruimte voor gevoelens”, zegt Palumbo na een aarzeling. “Ze zou een lover moeten vinden, buiten de partij. Maar ze zegt zelf: een radicaal kan alleen houden van een Radicaal. Niemand anders begrijpt hoe een Radicaal leeft.”