Helmut Kohl schrikt niet terug voor taboes

In het Oosten van Duitsland worden zondag de verkiezingten beslist. “Iedere dag in het herenigde Duitsland is een dag van vreugde”, zei Helmut Kohl gisteren in Dresden.

DRESDEN, 21 SEPT. Voor Helmut Kohl is het een bijzondere dag. Intensief reist de kanselier deze dagen door het Oosten om kostbare stemmen te winnen, want daar worden de verkiezingen van zondag beslist. Maar zijn optreden op het plein voor de Frauenkirche in Dresden heeft historische betekenis. “Dit is niet zomaar een avond”, zegt Kohl. “Vanaf dit plein riepen duizenden mensen in 1989 'Wij zijn het volk, wij zijn één volk'. De mensen in de DDR waren al veel verder op weg naar hereniging dan velen in het Westen dachten.”

Voor de inwoners van Dresden is het ook een bijzondere avond. Liefst 25.000 mensen zijn het plein opgestroomd om naar de kanselier te luisteren. De brandweerwagen is beklommen door een groepje jongeren om een glimp van Kohl op te vangen. Ook uit de ramen van de huizen en hotels hangen mensen.

'Ik kies mijn grote dikke broer CDU', staat op een spandoek waarmee een reuzenpop rondloopt. 'Helmut, Helmut', scandeert de menigte bij aankomst van de kanselier. Het orkest speelt 'Obladi, oblada'. Velen krijgen een hand van de kanselier, ook degenen die een affiche met 'Tschüss' dragen en willen dat hij vertrekt.

Want niet alleen de fans van Kohl zijn gekomen. Achter de dranghekken zwaaien de rood-witte vlaggen van de PDS, die op iedere verkiezingsbijeenkomst van de CDU in het Oosten een fluitconcert organiseert. De partij van de vroegere communisten heeft de ontevreden Oost-Duitsers gemobiliseerd en kan op ruim twintig procent van de stemmen rekenen. 'Berti heeft het je voorgedaan, zeg jij ons nu ook goedenacht', laat een demonstrant weten, een hint naar de bondstrainer Berti Vogt, een vriend van Kohl, die onlangs het veld moest ruimen. 'Massawerkloosheid, sociale discriminatie en daklozen', roept een ander.

“Er zijn hier enkele schreeuwlelijken”, zegt de kanselier als de PDS-ers hun fluitconcert beginnen, “maar gelukkig staat de Stasi niet meer om de hoek te gluren wie protesteert. We zijn vrije burgers”. Voor Kohl is “iedere dag in het herenigde Duitsland is een dag van vreugde en die laten we ons niet afpakken”. De kanselier oogst grote bijval van de mensenmassa.

“Hij heeft veel voor ons gedaan”, zegt een vrouw met een jongetje op haar rug. “In 1945 was de ruïne van de vernietigde Frauenkirche het symbool voor de ondergang van onze stad. Nu wordt de kerk herbouwd, dankzij Kohl.”

Hoewel ook Dresden nog te veel werklozen telt, die door de overschakeling van de planeconomie naar de vrije markt hun baan zijn kwijtgeraakt, is de barokke stad een van de parels in het Oosten. Een van de 'bloeiende landschappen', die Kohl na de hereniging had beloofd en waar er nog te weinig van zijn. Dresden is druk doende een klein Silicon Valley aan de Elbe te worden; de laatste jaren zijn honderden computer- en micro-elektronicabedrijven ontstaan en tienduizenden nieuwe banen.

“De opbouw van het Oosten houdt onze absolute prioriteit”, belooft Kohl. Hij rekent voor dat 40 procent van de verkeersbegroting naar de aanleg van wegen in Oost-Duitsland is gegaan en dat dit jaar alleen al 20 miljard wordt gebruikt ter ondersteuning van de arbeidsmarkt. Er zullen nog vele miljarden nodig zijn, zegt de kanselier, maar “we gaan door zolang het nodig is”.

Kohl wijst het publiek erop dat de Bondsrepubliek een rots van stabiliteit is in de internationale branding. Maar de sociale stabiliteit moet ook in het grote Rusland worden veiliggesteld, zegt hij. De Duitsers mogen niet vergeten hun buren te helpen, net als de vluchtelingen uit Kosovo.

Dan opent hij de aanval op zijn rivaal Gerhard Schröder van de SPD en partijvoorzitter Oskar Lafontaine. Want de mensen moeten niet denken dat de verkiezingen gelopen zijn. De jongste opiniepeiling wijst uit dat er nog maar 2 procent verschil is tussen SPD (39,5 procent) en CDU (37,5 procent); een derde van de kiezers twijfels nog, vooral in het Oosten. Wat heeft Oost-Duitsland van Schröder en Lafontaine te verwachten, die in 1990 in de Bondsraad tegen de hereniging hebben gestemd? vraagt Kohl.

Hij onderstreept dat de politieke koers van Duitsland op het spel staat: de huidige politiek van CDU/CSU en FDP wordt voortgezet of SPD en Groenen gaan samen met de PDS regeren, want daar schrikken ze in Saksen-Anhalt, in Meckelenburg-Voorpommeren en als het moet in Thüringen niet voor terug. “Nooit mogen radicalen van rechts of links in Duitsland meer verantwoordelijkheid krijgen. Ze hebben onheil over ons land gebracht”, schalt de kanselier. “Wie Schröder en Lafontaine kiest moet dat weten”.

Voor hem is duidelijk dat in Duitsland niet alles kan blijven zoals het is. Jongeren moeten zich bijverzekeren voor hun pensioen, werk weigeren bij het arbeidsbureau kan niet langer ongestraft, korter werken voor hetzelfde salaris gaat niet. Kohl schrikt er niet voor terug taboes aan te pakken.

Het orkest zet het volkslied in en het hele plein zingt. De Groenen mogen het lied willen afschaffen, maar wie twijfelt er volgens Kohl aan, dat 'Einigkeit und Recht und Freiheit' de pijlers zijn onder het Duitse huis?