Geen keuze

KOLONEL KARREMANS HEEFT zijn zwijgen verbroken. In deze krant nam hij het zaterdag op voor zijn bataljon, dat onder de zwaarst denkbare omstandigheden werd geacht tienduizenden moslims te beschermen tegen een Servische overmacht. De gewezen commandant van Dutchbat onderstreept met zoveel woorden dat het welzijn van zijn militairen bij hem en bij zijn meerderen voorop stond. Zijn uitspraak, kort na de aankomst van het bataljon in Kroatië, als zouden de Nederlanders in Srebrenica geen onderscheid hebben gemaakt tussen good guys en bad guys, nuanceert Karremans nu in zoverre dat hij verschil maakt tussen de moslimbevolking en haar militaire en civiele leiders. De laatsten profiteerden vaak van de misère van hun lotgenoten, meent een terugblikkende Karremans. Voor generaal Mladic, “een groot strateeg”, had de kolonel geen goed woord meer over. Hij betreurt het in die termen over “deze oorlogsmisdadiger” te hebben gesproken.

Dat de lessen in neutraliteit, voorafgaande aan hun uitzending, de Nederlandse blauwhelmen parten hebben gespeeld, is nu wel zonneklaar. De moslims waren dichtbij, de Serviërs bevonden zich op afstand. Het feilen van de moslimleiders kon dagelijks worden vastgelegd, wat de Serviërs in petto hadden bleef verborgen. Op de gevolgen voor hun oordeelsvermogen van de eenzijdigheid in hun feitelijke waarneming waren de troepen onvoldoende voorbereid. Dat gold ook voor hun commandant, wiens eerste openbare uitlatingen minder waren ingegeven door de climax van verschrikkingen in en rondom Srebrenica dan door de afstandelijkheid die Dutchbat zich in de voorafgaande maanden eigen had gemaakt. Karremans opmerking voor het Haagse Bosnië-tribunaal dat hij tijdens de onderhandelingen met Mladic niet aan het lot van de moslims had gedacht, wordt langzamerhand verklaarbaar. De bescherming van de plaatselijke bevolking had nimmer een vooraanstaande plaats in Dutchbats overwegingen.

HET ZOU INTERESSANT zijn geweest van de militair Karremans meer te vernemen over de strategische en tactische constellatie die tot de val van Srebrenica leidde. Karremans eerdere kwalificatie van Mladic suggereert dat de VN-generaals zich door de Servische bevelhebber in de maling hebben laten nemen. In hoeverre zij daarbij hebben gevaren op de rapportage van Dutchbat blijft onduidelijk. Maar in de erkenning van Mladic' soldateske kwaliteiten lag de bewondering van de verliezer voor de overwinnaar besloten - zij het dat die nu niet meer kan worden uitgesproken. Hoe belangrijk op zichzelf ook, de stagnerende bevoorrading, het gebrek aan zware wapens en de onderbemanning van Dutchbat vormden niet de enige oorzaak van Srebrenica's ondergang. Mladic had de bevelvoerders van de VN op een tactisch dwaalspoor geleid.

Toen het uiteindelijk alleen op de Nederlanders aankwam was er praktisch geen keuze meer. Dat kan Karremans worden nagezegd.